een afsluiting en een begin

photo_2019-12-30_00-49-01.jpgTien jaar is niet niets. Natuurlijk moet je een decennium afsluiten met iets van een terugblik. En nu ik vandaag eindelijk uit mijn nestivus-modus (Nestivus: de dagen tussen kerst en Oud & Nieuw, zie plaatje aan de rechterkant) gekropen ben (en Final Fantasy XV bijna uitgespeeld heb *kuch kuch*), is het tijd om weer wat te gaan doen. We beginnen dus heel ambitieus: met een terugblik! Hij is nogal uitgebreid, dus bereid je maar voor… Hij is compleet met plaatjes en foto’s en vanalles. Het wordt een feestje! 😀

Oktober 2010, toen was ik al met bollen bezig 🙂

2010: Ergens in het eerste decennium van dit millennium, toen ik weer fanatiek begon met schrijven, beloofde ik mezelf dat ik voor publicatie zou gaan. Ik wilde rond mijn dertigste gepubliceerd worden, zei ik. En ik schreef en schreef en schreef, maar ik liet de eerste versies altijd liggen en verstoffen. Ik was meters aan het maken, ik experimenteerde, ik bouwde werelden. Ik had lol. Maar het was nog altijd amateurwerk. Natuurlijk was het dat 🙂
En eind 2010 (toen ik dus net dertig was) las ik een advertentie van Pure Fantasy: “Heb lef, stuur een verhaal in naar PF!” en dat deed ik, in een vlaag van verstandsverbijstering. Brutale mensen hebben de halve wereld, nietwaar? Ik pakte het enige verhaal dat ik in het Nederlands had liggen, poetste het op, en stuurde het in naar Pure Fantasy verhalenmagazine. …En ze haatten het niet. Het had werk nodig, maar ze wilden het best publiceren. Ik viel bijna flauw. En vervolgens sloeg de onzekerheid toe. Kón ik dit wel? Maar ik ging toch aan de slag. 🙂

2011:  In 2011 werkte ik samen met een van de toen-nog-redacteuren van Pure Fantasy, Cocky van Dijk, samen om mijn kortverhaal “Geboorterecht” publiceerbaar te maken. De samenwerking was super fijn. We begonnen onze mailwisseling over het verhaal met “Met vriendelijke groet” ondertekeningen, en eindigen met liefs en xxx. En toen, in oktober, verscheen de Pure Fantasy met mijn verhaal. Compleet met illustratie van Melchior van Rijn. De illustratie hangt in poster-vorm boven mijn bureau. Ik kan naar Sirka kijken wanneer ik wil 🙂  Ik vond het fantastisch.
Op de forums raakte ik aan de praat met Corina, die ook debuteerde met een kort verhaal in dezelfde bundel. En dat was het begin van onze vriendschap 😀
Eind 2011 riep Luitingh een manuscripten wedstrijd uit, waarbij het winnende boek gepubliceerd zou worden. Aangezien de reacties op “Geboorterecht” goed waren, besloot ik het verhaal dat ik in 2006 had geschreven (waar “Geboorterecht” de proloog van was), uit het Engels terug naar het Nederlands te vertalen en te herschrijven, redigeren en klaar te maken voor publicatie. Dream big, right? 🙂

aww, check dat “eerste versie” dan 🙂

2012: Dit jaar stond in het teken van twee dingen: 1) Het herschrijven van wat nu “Stof & Schitteringen” zou worden, en 2) de ontdekking dat mijn ingestuurde kortverhaal voor Fantastels verhalenwedstrijd goed was voor een 8e plaats! De hype van Fantastels gaf me de hoop dat ik dit kon, en het hele jaar werkte ik aan mijn manuscript, geholpen met een stel lieve proeflezers (*blaast kusjes naar de Braining schrijfgroep en haar man*). Tegelijkertijd begon ik aan het herschrijven van wat nu “Bloed & Scherven” is, want ook daar had ik een eerste versie van rondslingeren op mijn harde schijf (daterende uit 2008). Om een beter gevoel te krijgen voor antagonist Romain schreef ik kortverhaal “Rode Lantaarns”, die ik die herfst uitstuurde naar Fantastels verhalenwedstrijd, want waarom niet, toch?
“Stof & Schitteringen” stuurde ik vlak voor de deadline op 31 december uit naar de manuscriptenwedstrijd. En toen was het wachten geblazen.

knuffel van Cocky! Check mijn ongelovige gezicht, zo kijk je als je hoort dat je wss uitgegeven gaat worden 🙂

2013: Dit jaar begon slecht, met een afwijzing van Luitingh. Ik haalde de shortlist niet eens, en dat was even heel rauw op mijn dak. Om mezelf te troosten, schreef ik keihard door (serieus, ik denk dat 2013 mijn meest productieve jaar OOIT is, meer dan 200.000 woorden) aan de League wereld die ik deel met Brenda. Ik maakte bizar veel meters.
En toen kwam in de lente de uitreiking van Fantastels verhalenwedstrijd, en werd “Rode Lantaarns” 7e en won de Deviant prijs. En niet alleen dat. Tijdens de uitreiking sprak ik Cocky van Dijk aan, nu redactrice bij Zilverbron, of zij “Stof” misschien niet zouden willen uitgeven.
Niet veel later kreeg ik het verlossende woord. JA.
Ik zette dit blog op en ging hard aan de slag met herschrijven, want het zou nog even duren voordat we zouden beginnen met de redactie. Maar dat was prima. Dankzij die wachttijd hebben we een véél betere scène in de boot op het Mentornameer.
Oja, en ik herschreef ook nog even een roman in de League wereld af, genaamd “Expendable Souls”, een oude Nanowrimo uit 2007. Gewoon, omdat het kon. Die zal het levenslicht waarschijnlijk nooit zien, maar ik heb hem laatst teruggelezen en het is misschien een van mijn favoriete verhalen die ik ooit geschreven heb.
Tijdens een vakantie in het Lake District in Engeland had ik een droom over een stad tijdens een plaag, en een poortwachter die goud aanneemt – en dat schreef ik uit tot een kortverhaal genaamd “Roze Water”, dat ik uitstuurde als mijn Fantastels inzending, en ging ik verder met mijn herschrijven voor “Bloed en Scherven”, omdat ik toch al ‘in the zone’ was.

2014-04-06 22.03.03
en zo kijk je als je Fantastels wint…

2014: Dit was het jaar van “Stof & Schitteringen”. De redactie, de publicatie, het nieuws dat we meteen “Bloed & Scherven” het jaar erop zouden uitgeven, Elfia…de andere beurzen, de eerste recensies… wat een stroomversnelling.
En niet alleen dat, omdat we toch al aan het winnen waren, won ik Fantastels verhalenwedstrijd met mijn verhaal “Roze Water”, een week voordat “Stof” gepubliceerd werd. We moesten gauw de achterflap van mijn boek op het laatste moment nog aanpassen. Ik kon het niet geloven – nog steeds niet, eigenlijk. 😉
Dat jaar tijdens Nanowrimo schreef ik de allereerste versie van “Vuur & Vergankelijkheid”, omdat ik een idee had voor een prequel. Daar is later letterlijk NIETS van overgebleven. Nouja, op de titel na, dan. Maar dat maakt niet uit. Je kan niet altijd winnen. En het is niet alsof ik het jaar niet afsloot met de redactie voor “Bloed & Scherven”.
…En de opmerking van Cocky dat ‘sorry, het einde moet echt anders…’ Dat was nog wel een dingetje. Ik moest de volgende dag 2 uur naar Heerlen rijden, naar een klant. Ik heb de hele weg (heen & terug) geknarsetand over hoe ik dit op moest lossen, maar uiteindelijk had ik een nieuw einde, en dat is het einde wat we allemaal kennen. Het einde wat de opening zou geven voor “Talent & Kristal”, maar daar komen we nog.

selfie met mijn boek!
ik ben hier zo happy, dat je nauwelijks ziet dat ik 4 uur slaap had die nacht

2015: Want dit was een flinke terugslag. Direct na het afronden van de redactie en mooi ‘on schedule’ voor de publicatie van “Bloed & Scherven” sloeg het noodlot toe, en mijn uitgever, Jos Weijmer, overleed plotseling…
Opeens was alles onzekerheid en verdriet. Ik kende Jos niet zo goed, dus ik leefde mee met anderen, en leefde in angst dat ik een contract getekend had, maar wat als de boeken nu niet meer uit zouden komen? We hadden net besloten dat er een deel 3 zou komen, namelijk. Ik had nét een geweldig idee gepitcht. Een paar maanden lang leefden we in limbo wat er met de uitgeverij zou gebeuren. De beurzen waren super weird en verdrietig.
Fantastels dat jaar werd gewonnen door mijn schrijfbuddy Brenda (ik werd 10e, waar ik super blij mee was, want mijn verhaal “Zij die weggingen” was een experiment ver buiten mijn comfort zone).
En toen, terwijl ik op vakantie was in Schotland, kwam het verlossende woord: Cocky en Barry zouden de uitgeverij overnemen, en de boeken die klaar hadden gelegen voor Elfia, zouden op Castlefest alsnog uitkomen! OMG!
Castlefest was geweldig, een droom. Elfia Arcen en FACTS volgden. En ik schreef, en ik schreef, en schreef aan de eerste versie van “Talent & Kristal”. 122K in drie maanden. Fucking gekkenhuis. Maar dit moest eruit, dit was het einde van de trilogie. Ik brak mijn hart in duizend stukken op dit einde.

2016: Corina’s boek “Vanbinnen en Vanbuiten” kwam uit, ik jureerde voor Fantastels verhalenwedstrijd, en het beursseizoen was een gekkenhuis. Ik mocht in een panel zitten voor “jonge, spannende stemmen in het genre” op de Harland Awards. Ik herschreef “Talent” voordat Cocky en ik samen aan de redactie togen. Het was een intense tijd, maar het zo waard. En toen kwam “Talent & Kristal” uit. Castlefest was een gekkenhuis qua verkoop, en toen moest de boekpresentatie op de Logeerboot in Dordrecht nog komen. Wat een heerlijke dagen waren dat ❤
In september was ik een weekendje weg met mijn man en hebben we samen de premisse herbedacht van “Vuur & Vergankelijkheid” waar ik vol enthousiasme aan wilde beginnen, maar helaas ging dat niet zo makkelijk als ik wilde.
Ik had een flinke burnout van “Talent & Kristal” en het afschrijven van de trilogie, dus schrijven voelde als dikke stront. Het enige wat lekker ging, was een kortverhaal genaamd “Uitgangen”, dat ik instuurde naar Fantastels. Misschien lukte dat alleen omdat het niet Lentagon-gerelateerd is. Ondanks dat, is het wel een van mijn favoriete kortverhalen ooit.

met Joris en Kim tijdens een panel op World Con

2017: In 2017 redigeerde ik boeken voor Zilverbron, want dat had ik erbij opgepakt. Wel fijn, want dan ben je toch creatief zelfs al komt er qua proza weinig uit je handen. “Elins keuze”, “Bloedengel” en “Enkele reis Mars” kwamen aan het begin van het jaar uit – van mijn rode pen als redacteur.
Mijn kortverhaal “Uitgangen” was te controversieel om door de eerste ronde van Fantastels heen te komen, en dat was een flinke knauw aan mijn zelfvertrouwen. Gekoppeld met het feit dat schrijven voor geen meter ging, had ik het in 2017 niet makkelijk. Gelukkig waren de recensies van “Talent”, beurzen, de verkoop en de lieve lezers ontmoeten wel super leuk.
Ik zat in de jury van Edge Zero, wat pokkeveel werk was, schreef het voorwoord van die bundel, ging naar World Con met een aantal van mijn collega schrijvers (en had er een super tijd), en dwong Corina om een kortverhaal voor Fantastels met me te schrijven, ondanks dat ze het super druk had. Dat verhaal werd “Een tijdelijke oplossing”. In de aankomende verhalenbundel (daar later meer over) heeft hij een nieuwe titel, genaamd “Onze plaats in het universum”. Daarna leek het alsof er een dam brak. Iets in de combo van samen met Corina schrijven, en het lezen van Oathbringer van Brandon Sanderson opende een deur in mijn hoofd. Ik kon weer schrijven en ragde direct door naar het einde van de eerste versie van “Vuur & Vergankelijkheid”. Pffff.

signeren ftw

2018: Ik was druk aan het herschrijven voor “Vuur & Vergankelijkheid”, en vond na acht jaar bij CX een nieuwe baan (want ja, ik werk er ook nog naast). Minder training, meer consultancy bij de klanten thuis. Dat was best pittig, ook om dat nog te combineren met de redactie van “Vuur” die zomer. Fantastels was dat jaar voor het laatst. Het verhaal van Corina en mij werd 9e, waar we erg blij mee waren. Mijn schrijfgroep buddy Tijs won!
Castlefest was het publicatiemoment van “Vuur & Vergankelijkheid” en het was zo heerlijk om te zien hoe mensen bijna op me af renden om mijn nieuwe boek te halen. Ik redigeerde aan Kirsten Groots “De terugkeer van Layhar”, en dat project hield me ook lekker bezig.
En tja, toen was het tijd om te beginnen met een nieuw verhaal, een nieuwe boekenserie. Ik begon met “De prijs van water” schrijven. Iets héél anders! 🙂

mooi he, met zijn viertjes!

2019: Doordat mijn nieuwe baan qua drukte best wel mijn kont aan het schoppen was, kwam er van schrijven veel minder terecht dan ik zou willen. En toen het bedrijf waar ik werkte ging fuseren, maakte ik van de gelegenheid gebruik om wéér te switchen. Nog een baanwissel in twee jaar tijd, pffff.
In de tussentijd schreef ik kleine beetjes aan “Prijs”, redigeerde “Echo der Stervenden” voor mijn schrijfcollegaatje Natascha, schreef twee korte verhalen voor nieuwe verhalenwedstrijd Waterloper, genaamd “Nachtdienst” en “Rozengeur en maneschijn” (waarvan de laatste samen met schrijfbuddy Brenda) en probeerde tijd te vinden voor mezelf.
Ik telde woordenaantallen en realiseerde me dat ik met al mijn verhalenwedstrijd inzendingen en wat leuke Lentagon kortverhalen genoeg geschreven had om een bundel te kunnen vullen. Cocky vond mijn pitch leuk, en ik redigeerde samen met Tamara die zomer de verhalen. De bundel komt Q1 2020 uit, en heet “Verloren Zielen”. Ook schreef ik eindelijk de eerste versie van “De prijs van water” af, en rondde ik de redactie af van Ian Lavermans “De schaduwzijde van magie”. Pfew, dat was een bevalling, zo naast de rest van leven en mijn nieuwe baan!
Tijdens de uitreiking van Waterloper verhalenwedstrijd werden Brenda en ik 3e met ons verhaal “Rozengeur en manenschijn”, en mijn horrorverhaal “Nachtdienst” werd 10e. Ik was met allebei SUPER blij. “Nachtdienst” omdat het een experiment was (ik doe niet zo vaak échte horror), en “Rozengeur” omdat het een belofte is voor meer, later, een grotere, gedeelde wereld.
En nu is het jaar bijna af. Ik heb meerdere redactieprojecten tegelijkertijd lopen (*zwaait naar Roos, Suzanne en Heather*), en Cocky en ik zijn begonnen met de redactie van “De prijs van water”.

En nu?

  • Q1 2020: Bundel met kortverhalen “Verloren zielen“. Sorry, die hadden jullie nog tegoed, ik had dit najaar écht geen tijd voor de promotie van dit boek, dus die hebben we over het nieuwe jaar heen getild. In de bundel staan alle kortverhalen die ik in dit verslag genoemd heb (plus nog een paar leuke Lentagon verhalen), dus eigenlijk is “Verloren zielen” ook een terugblik op de afgelopen tien jaar 🙂
  • Elfia 2020: “De prijs van water“, boek 1 in de Paraiso serie. Ik zeg nu nog dat het een tweeluik is, maar dat heb ik vaker gezegd, dus ik durf niets meer te roepen 😉 Een actieverhaal in een moderne fantasysetting, maar een stuk bloederiger van spannender dan je van me gewend bent. Want monsters. En magie. En een kantoortoren, waarin mensen opgesloten zitten. Ik ben heel benieuwd hoe jullie hem gaan vinden!

Conclusie:

De afgelopen tien jaar hebben in het kader gestaan van schrijven, schrijven, schrijven. Vier boeken zijn het resultaat, en een bundel vol met kortverhalen die het bijna allemaal goed hebben gedaan op verhalenwedstrijden (en die ene die het niet goed deed, is het beste van allemaal). En dan kunnen we de geredigeerde boeken natuurlijk niet vergeten. Wat een absoluut gekkenhuis.

Ik had er geen seconde van willen missen ❤
Bedankt voor het lezen, het commentaar, jullie meeleven, jullie aanwezigheid, jongens. Laten we van 2020 een feestje maken. See you on the flip side! xx

 

 

post-nanowrimo voortgang (en een winactie)

Wow, november is voorbij gevlogen! Zitten we echt alweer op 1 december? Wat gaat het hard. Deze maand was super druk op mijn werk en privé leven (en Comic Con er tussendoor), maar een of andere manier helpt het met de stress als ik tussendoor kan schrijven. Een beetje een mini vakantie in mijn hoofd, iedere dag. Paraiso is een prima uitstapje! 🙂

Genoeg voor 50K voor Nanowrimo was het niet, maar ik heb wel een mooie 30K erbij kunnen schrijven voor De prijs van water. Netjes 1000 woorden per dag, ik ben verre van ontevreden. Het verhaal heeft dus de 40K inmiddels aangetikt, en ik ga net het derde deel van het verhaal starten. En het is leuk!

Zoals jullie misschien me al hebben horen verzuchten, ben ik aan het stoeien met mijn plot, want dit is een losser gepland boek zoals de Lentagon boeken waren (na boek 1, tenminste). Dit is pure creatie en het uit je achterste trekken van wat er op de volgende pagina gebeurt… en soms moet ik echt een dagje nadenken over wat er verder gebeurt in het verhaal. Ik had een aantal key points in het verhaal vastgesteld, maar het bleek dat die allemaal vrij in het begin van het verhaal zaten. Dus punt A, B, D, en F heb ik allemaal naar elkaar geschreven, maar verder heb ik punt M en dan X, Y, en Z. En hoe ik dat allemaal met elkaar verbind, is nog even een uitdaging. (Maar zo leuk als het straks allemaal klopt!!)

En dat weerhoudt me niet om lol te hebben met mijn nieuwe wereld, en mijn cast, die steeds sterker in hun persoonlijkheden komen te staan. Ik had concepten, ruwe opzetten en achtergronden, maar hun stemmen worden steeds duidelijker. (Wie had van tevoren gedacht dat Kai het meest chatty personage van allemaal zou worden? Ik niet, haha! Maar die jongen heeft een hoop te zeggen). Maar ik begin inmiddels wel een woeste liefde voor mijn cast te krijgen, om allemaal verschillende redenen. Kai, Ilsa, Monika, Sergio en Xavi zijn stuk voor stuk gave personages. En nu moet ik ze nog in leven houden, want het gaat niet lekker waar ze zijn 😉

Even iets anders… de kerstdagen komen eraan. Wil je nog een leuk kado geven (of jezelf trakteren), een speciaal gesigneerd exemplaar van een van mijn boeken… laat het me weten, en we regelen wat.

Je kunt ook meedoen aan de adventactie die de Zilverboekenclub op Facebook deze maand aan het houden is. Mijn boek Vuur & Vergankelijkheid wordt deze maand ook verloot, dus grijp je kans! 🙂

No automatic alt text available.

De prijs van water

Anders schrijf je even zo lang geen blogs meer dat je je eigen website niet meer inkomt…

(bedenk maar dat hier een stukje staat over hoe erg ik het vind dat ik al zo lang niets meer geschreven heb, dat ik het zo druk heb gehad, dat ik weer veertig uur in de week werk en had ik al gezegd dat mijn baan ook super druk en leuk is? …zoiets. maak er maar wat van)

Ahem. Hoi! Ik ben er weer! 🙂

Inmiddels is het al een tijdje geleden dat Vuur & Vergankelijkheid verschenen is. Ik ben er verschillende beurzen al mee afgeweest en de reacties van fans waren werkelijk hartverwarmend: iedereen zat zo op Vuur te wachten dat ik op Castlefest op twee boeken na uitverkocht was! De recensies zeiden ook superfijne dingen tot dusverre, dus alleen maar positiviteit aan deze kant. En dit weekend sta ik met mijn lieve collega’s op Comic Con, dus dat wordt weer gezellig. 😀

We leven nu november en ik ben stiekem bezig met het schrijven van mijn nieuwste boek. Ik gebruik Nanowrimo als een excuus, hoewel ik wel iets te traag schrijf voor een Nanowrimo tempo. Maar op het moment maakt dat me helemaal niet uit, ik was helemaal “uit” het regelmatig schrijven ritme, en ik schrijf iedere dag wel iets, dus het gaat super. En man, wat heb ik een lol met mijn nieuwe verhaal!

Even een snelle FAQ, voor degenen die vragen hebben:

1) Speelt dit verhaal in de Lentagon-wereld?

Nee, dit is iets compleet nieuws. (spannend he!)

2) Ga je nooit meer Lentagon verhalen schrijven?

Als de Lentagon trilogie een concert was, was Vuur & Vergankelijkheid de encore. Het concert is afgelopen. Ik ga niet uitsluiten dat ik in de toekomst nooit meer iets voor de Lentagonwereld zal schrijven (ik heb nog een vaag idee over Marlon Beringer en de onderwereld in Zyx liggen), maar voorlopig niet meer. Eerst nu wat anders.

3) Wat ben je aan het schrijven dan?

Ik heb al lopen hinten op verschillende beurzen naar wat ik aan het doen ben. Het plan is dat dit een tweeluik wordt, waarvan boek 1 De prijs van water gaat heten, en boek 2 De waarde van bloed.

4) Wat is het genre?

Nog steeds wel moderne fantasy, maar dit keer met een flinke vleug horror/supernatural erin verweven. En actie. Zó veel actie, jongens. Wat minder kristal dit keer, maar nog steeds genoeg explosies. 😀

5) Wanneer komt hij uit?

Eind volgend jaar is de bedoeling. Dus ik mag wel doorschrijven! 😉

Speaking of which… ik moet nog even aan de slag vanavond. Ik spreek jullie later!

View Of High Rise Buildings during Day Time

camp nanowrimo update

IMG_0029
Kelly anno 2004 (duidelijk nog een baby hier), op een camping in Valkenburg – schrijvend, omdat laptops meeleuren naar een tentencamping niet zo’n goed idee is. Maarja, wat moet je dan als je een goed verhaal idee hebt? Juist ja… notitieboekjes. Niet zo praktisch, dus! Het is een goed ding dat Camp Nano virtueel kamperen behelst… 😉

We zijn op dag 10 van Camp Nanowrimo. Ik zit in een virtuele ‘cabin’ met gezellige schrijfvriendinnetjes (en een schrijfvriend), en ik ben lekker aan het schrijven. Het gaat nog niet zo hard als ik zou willen, maar we zijn inmiddels bijna 8000 woorden verder (totale wordcount op het moment: 38K), en ik ben alweer lekker van mijn plot aan het afwijken en interessante details aan het bedenken die mijn verhaal verder tillen dan alleen een outline die uitgewerkt wordt.

Dat je dan gepland had dat Iris en Stefan een relatie zouden aangaan die niet bepaald over rozen ging door een valse start aan het begin – en dat ze vervolgens allebei smoorverliefd zijn en er geen speld tussen te krijgen is. Of dat ze de kristalmijn ingaan om kristal te halen en ze vervolgens gaan sightsee’en en de prachtigste dingen ontdekken. En Danira, die een wel ontzettend leuke manier heeft om niet te erg beïnvloed te worden door het kristal. Zulk soort dingen maken me domweg gewoon gelukkig; dit is waarom schrijven leuk is. Soms is schrijven het equivalent van kiezen trekken, maar soms is het ook het ontdekken van een wereld die misschien al ergens diep in je onderbewuste bestond, met al die sprankelende details en wereldbouw en persoonlijkheden. Dit is waarom ik het doe.

Help me hieraan herinneren als ik straks hopeloos in de knoei zit, alsjeblieft! 😉

over rebound personages en hechtingsproblemen

Afgelopen weekend stond ik op Retro-Con met mijn lieve collega schrijvers. Uiteraard hadden we de tijd om tussen de boekenverkoop en het signeren door de tijd om lekker met elkaar bij te kletsen. Joris vertelde dat hij super lekker gaat met het schrijven van zijn nieuwe boek (goed man, ik kijk er al naar uit om hem te lezen!), maar ik moest toegeven dat het bij mij niet zo lekker gaat als ik wilde.

Even uitgaande dat de reguliere redenen (ik heb het super druk op mijn werk, en ik ben daarnaast ook nog druk bezig met mijn eerste officiële redactie job van het tweede boek van Gaby Raaymakers, Elins Keuze – wat wordt hij leuk!), dan is er eigenlijk ook nog iets anders wat me een beetje dwars zit, en dat is dat ik mijn draai niet kan vinden met mijn nieuwe personages. Ze zijn nieuw, ik ken ze nog niet goed genoeg, ze zijn een stuk introverter dan mijn vorige cast, en ik heb echt moeite om ze aan het praten te krijgen. Ik mis mijn vorige cast een beetje, die ik blind in een situatie kon neerzetten en die reageerden, praatten en dachten zonder enig filter richting mij als schrijver. Die connectie was zo sterk en intens dat ik me nooit zorgen hoefde te maken over wat de personages zouden doen. Die babbelden wel met me. Het is alsof deze mensen – lief en leuk als ze zijn – dat nog niet doen.

“Oh,” reageerde Joris op mijn uitleg, “dus eigenlijk zijn dit een beetje rebound personages!”

En dat is het precies. Het is een beetje alsof je vorige relatie beëindigd is en je al een nieuwe relatie gestart bent, maar je nog niet helemaal over je vorige liefde heen bent. Stiekem is de relatie met de nieuwe persoon waarmee je bent toch wat moeizamer, er is nog geen vertrouwen, je moet elkaar nog ontdekken — en diep van binnen blijf je toch vergelijken met de vorige persoon.

Tel daar nog eens mee op dat ik mezelf op het moment midden in de fase van het woordenaantal zit dat ik meestal een gezonde weerzin voor mijn verhaal heb (dat wordt meestal na 35000 woorden beter, en ik zit nu op de 30K), en je hebt een mooi recept voor het stroef verlopen van mijn schrijfproces. Tja. Nanowrimo is hem dit jaar dus niet geworden. Het is wel goed geweest voor 30K aan woorden die ik daarvoor niet had, dus ik ben niet ontevreden, het is nog steeds een mooie output, maar die 50 is helaas onmogelijk… voor het eerst in 15 jaar. Bleh.

DSC_1568.JPG
de post-it methode! ziehier een overzicht van het plot van boek 4, hopelijk niet precies leesbaar want hij staat vol met spoilers 😉

Maar, ogen op de horizon, wat gaan we er aan doen?

  1. Even het verhaal laten rusten, het dan van begin tot einde in 1x doorlezen
  2. Een band opbouwen met mijn nieuwe personages – lekker gaan zitten met character sheets, desnoods wat fluff schrijven om ze beter te leren kennen
  3. Dan SCHRIJVEN! Het doel is om mezelf langs die 35K en verder persen – ik heb vorige week geoutlined met de post-it methode, en dat hielp al heel erg. Ik heb 8 hoofdstukken gehad, ongeveer nog 17 te gaan, en ik weet nu wat er in ieder hoofdstuk moet gebeuren.

Met kaders, een leuke cast met personages, en een supergaaf plot zou het straks helemaal goed moeten komen. Maar eerst even rustig aan doen. Kwaliteit kost soms een beetje tijd!

 

 

iets over ketels en druk erop

crystal_cave_by_nerkin-d7g3jwa

Ik heb sinds 2002 ieder jaar meegedaan aan Nanowrimo en heb het, ondanks omstandigheden, ook daadwerkelijk ieder jaar gewonnen. (Dat zijn dus 14 overwinningen; ik moest het net op mijn handen uittellen want ik ben al eeuwen de tel kwijt) Vaak nog op mijn sloffen, ook. Ik heb geproduceerd terwijl ik op vliegvelden zat, op hotelkamers, in treinen, tijdens lunchpauzes, in dat ene kwartiertje voordat ik ’s morgens de deur uit moest. Het is me altijd gelukt, als student met een bijbaan, maar ook tijdens 40-urige werkweken.

Dit jaar is mijn vijftiende jaar en ik denk dat ik dit jaar de druk gewoon een beetje te veel vind. Mijn baan is zijn best aan het doen om mijn kont echt keihard te schoppen en ik heb de mentale energie er gewoon niet voor om iedere avond te gaan zitten en knallen. En dan raak je achterop, wat uiteraard mijn eer te na is, en dan raak je gedemotiveerd.

Ik kan niet heel erg klagen hoor, ik heb er inmiddels al een comfortabele 20K van de 50 op zitten, dus zó ver loop ik nou ook weer niet achter. Ook omdat ik volgende week heerlijk een weekje vrij heb, dus dan kan ik weer hartstikke in lopen. Maar dat schrijven ’s avonds, na mijn werk? Ik trek het gewoon niet.

Dus weet je; ik laat het 50K concept gewoon varen. Misschien haal ik het alsnog deze maand, dat zou heel goed toch nog kunnen, als ik gewoon de ruimte heb om op mijn eigen tempo te kunnen schrijven. Ik heb een leuk verhaal, ik zou graag willen genieten van het ontdekken van mijn verhaallijn en het leren kennen van mijn personages, want het is zo leuk allemaal. Maar als je emotioneel op je tandvlees loopt, dan krijg je nergens lol in. En dat is eeuwig zonde. Bovendien, wat heb ik nou nog te bewijzen wat Nanowrimo betreft, na veertien overwinningen? Dat ik een boek kan schrijven? Joh, volgens mij had de wereld dat inmiddels wel door. 😉 Die extra deadline en stress gaat me alleen maar opfokken, dus ik laat hem gaan. Ik loop mijn eigen wedstrijd wel.

Vanavond ga ik dus lekker in bad zitten en even chillen. Ik vind dat ik het verdiend heb. 🙂

fantastels, nanowrimo en uitzieken

maxresdefaultDit weekend zou ik eigenlijk naar FACTS gaan, maar mijn gezondheid gooit hier roet in het eten. Het zou kunnen zijn dat ik mezelf ietwat voorbij gerend ben in de afgelopen weken. Dat, plus snotterende collega’s op het werk, waren waarschijnlijk een potente mix om ervoor te zorgen dat ik dit weekend gewoon op de bank en in bed uit moet zingen. Eventjes een stapje terug doen, dus.

Het goede nieuws is dat het me wel tijd geeft om op mijn dooie akkertje de laatste hand te leggen aan mijn Fantastels verhaal. Stiekem ben ik tijdens mijn redactieproces en het aanscherpen van de proza en de plotlijn toch wel verliefd geworden op dit verhaal. Net als altijd is het weer iets compleet anders en ik durf te zeggen dat hij stiekem toch wel origineel is, dus ik ben benieuwd of de jury hem leuk gaat vinden. Ik ben inmiddels van ‘okay-met-het-verhaal’ naar ‘toch-wel-trots’ gegaan, dus dat is een goed teken wat mij betreft. Nu nog even de laatste hand leggen aan de laatste grammaticafoutjes en anglicismes, en dan kan hij ingezonden worden. Hoera!

En het andere wat ik ga doen? Lekker chillen en nadenken over Boek 4. Ik baal een beetje van het feit dat ik nog geen werktitel heb. ‘De prequel’ klinkt zo stom… maar het komt vast wel. Ik geef mezelf de aankomende dagen de ruimte om lekker te dagdromen over opa en oma Lentan, de Telchians, en die ene Surraliër in het team, en het kristal. Oh, het kristal… Het gaat leuk worden.

Het is bíjna november, bijna Nanowrimo. Bijna tijd om lekker los te gaan.
Heerlijk!

de eerste versie staat op papier!

122.300 woorden. De eerste versie van Talent  staat op papier. Het is nog verre van af en geperfectioneerd, maar mijn doel voor deze maand is in ieder geval gehaald; ik heb voor december mijn boek afgeschreven. Mijn hart voelt alsof ik het over een pad met kolen gesleept heb en ik ben compleet uitgeput, maar het verhaal staat op papier.

Binnen drie maanden heb ik 122K geschreven, wauw. En ik maar denken dat ik dat niet zou kunnen. Toont maar dat je het echt wel kan als je er gewoon voor gaat zitten en gaat knallen. Ha!

I would like to thank the Academy… nouja, in ieder geval mijn man, die super veel geduld met me heeft gehad de afgelopen paar maanden, en mijn plotmaatjes, die mijn gezaag over meta en plotpunten constant hebben moeten aanhoren. Dat is nu klaar, en dank jullie wel voor jullie geduld en aanmoedigingen.

Wat nu, vraag je je misschien af? Nou, eerst even een paar dagen rust, denk ik. Ik heb nog een stapel juryrapporten voor Fantastels liggen die om mijn aandacht schreeuwen. Dan een brute spellcheck, en dan mijn pre-alpha proeflezers maar eens lief aankijken, kijken wat ze van de opbouw en de meta van het verhaal vinden.

En dan gaat het redigeren beginnen. Het proces loopt! 🙂

triomf!

50K binnen, maar we blijven schrijven

NaNo-2015-Winner-Banner.jpg

Net zoals vorig jaar was 23 november de grote dag dat ik 50.000 woorden binnensleepte. Eigenlijk natuurlijk niet helemaal eerlijk, want het was niet 50K maar 110K – ik had in september en oktober al 60.000 woorden geschreven. Dus hoewel ik nu een prachtig winnersembleem heb, is het nog niet klaar.

Het verhaal is nog niet af; ik zit middenin de eindconfrontatie. 112K staat er nu op de teller – ik denk dat ik de 120-125K wel ga bereiken (eerst de eindconfrontatie afmaken, en dan het denouement nog… ja dat redden we wel).

Wat echt een absoluut record gaat zijn, en dus zal twee dingen zal betekenen: 1) Talent wordt langer dan de andere twee boeken, en 2) ik mag voor het eerst echt gaan schrappen in plaats van bijschrijven. Een compleet nieuwe ervaring!

Waarom is dit verhaal nu zoveel langer? Ik dacht eigenlijk dat ik gewoon veel te veel had zitten wauwelen terwijl ik het verhaal aan mezelf probeerde te vertellen, maar toen ik gisteren mijn man aan het updaten was van wat er allemaal in mijn plot gebeurd was, realiseerde ik me dat er stiekem best ambitieus veel de revue passeert. Misschien kunnen sommige scènes eruit, maar er gebeurt in ieder geval zat in het verhaal.

Vooral nu. Precies nu, zeg maar. Het is super spannend en intens en dramatisch op het moment, dus het is tijd om weer verder te gaan.

Ik ga weer schrijven. Wens me succes?

 

nanowrimo dag 22

Weten jullie nog dat ik zei dat die eindconfrontatie niet gemakkelijk ging worden? Hoo boy. Heh. Het ergste is dat ik pas op 1 van de 3 sleutelmomenten zit en ik ben nu al compleet van de rel.

Dit gaat nog leuk worden. 47.6K, trouwens. Die 50K morgen gaat ‘m wel worden denk ik. Maar net als altijd zit ik precies op het punt dat die overwinning me nog weinig boeit. Alles wat er nu nog voor me ligt en wat ik mijn babies aan ga doen… Pffff…

Mfw+this+episode+_68dd60befb381af9ccfa0c79279d1f28

Mijn volgende boek gaat over ponies en regenbogen. Nu echt. 😀