fantastels, dus…

headingOmdat ik een sukkel ben die het zichzelf graag moeilijk maakt, en omdat ik tevens een sukkel ben die altijd het gevoel hebt dat ik dat wel even doe/dat het wel goedkomt, heb ik dit jaar voor Fantastels de handen ineengeslagen met mijn vriendin Corina. Gewoon om te kijken of het kon. (wees niet bang, ik zal geen spoilers geven ;))

Begin augustus liep ik ’s avonds met de hond buiten, niet helemaal nuchter (laten we eerlijk zijn, het was vakantie, een zomeravond, en ik had een paar wijntjes op) en had een ‘holy shit’ moment, gerelateerd aan een oud idee dat we op de plank hadden liggen. Dus ik app Corina direct – ‘Ik denk dat ik een invalshoek heb voor ons oude verhaalidee’ zei ik, of iets in die geest. ik weet nog dat ik dacht, ‘hey Kel, da’s nog best laconiek voor het feit dat je GEEST IN BRAND STAAT’ en moest om mezelf lachen. Ik geloof dat ik, in al mijn niet-nuchtere-glorie, een beetje pushy was, en vond dat het moest gebeuren. Dit moest geschreven worden. Dus ik besloot alvast te gaan schrijven, met Corina’s zegen – ik moest dit kwijt.

Ik heb haar er een beetje in gesleurd en ondanks alle obstakels op de weg (zowel qua tijd – gelukkig had Corina het niet superdruk in die tijd *kuch kuch* sorry! – als aanpak als schrijfstijl) hebben we een verhaal afgeleverd, anderhalve dag voor de deadline. HOERA 😀

Wat een ervaring is het, zo’n samenwerkingsproces! Wat een leerproces! Dat je er dan achter komt hoe erg je verschilt in de manier waarop je het schrijfproces aanvliegt… Dat Corina veel langer over concepten wil nadenken en een outline in elkaar wil zetten terwijl ik al vijfduizend woorden aan pure stront heb geschreven die allemaal door de plee moeten… (en terecht trouwens hoor!) Dat Corina veel meer zintuiglijk schrijft en ik meer emotioneel. En de concessies die je moet doen aan de deadline, die met rasse schreden nadert.
‘Nou, zo moet het maar…’ was het gevoel bij inzending… maar dan diep van binnen ben ik toch wel trots op dit verhaal, en toch ook wel heel erg benieuwd zijn naar wat de jury ervan vindt. We hebben ons best gedaan, we gaan het zien.

En nu is het wachten geblazen…

(Corina, als het verhaal niet door de voorronde komt, dan is dat mijn schuld. Aan jouw schrijven lag het niet. Je was amazing en ik ben ongetwijfeld niet de gemakkelijkste. ILY! <3)

Advertenties

EDGE.ZERO – de beste verhalen van 2016

51u9zgzsz0l-_sx331_bo1204203200_Edge Zero is een initiatief van Peter Kaptein en Mike Jansen om de beste, meest spraakmakende en interessante verhalen van 2016 van Nederlandstalige schrijvers onder de aandacht van een zo groot mogelijk publiek te brengen. Schrijvers worden aangemoedigd om de verhalen die ze het afgelopen jaar naar verhalenwedstrijden ingezonden hebben, in te sturen naar Edge Zero; onafhankelijk van hoe goed ze het gedaan hebben. De Edge Zero jury/selectiecommissie kiest vervolgens via twee selectierondes de beste verhalen, die vervolgens gepubliceerd (en zelfs betaald!) worden.

Afgelopen lente vroeg Mike mij of ik plaats wilde nemen in de Edge Zero jury. “Lekker slush pile lezen,” zei hij nog, en ik dacht: dat doe ik wel even. Ahem. Such a sweet summer child I was. 😉

Edge Zero was mijn grote project van afgelopen zomer. Het kostte even wat meer tijd dan ik dacht, maar het was het wel waard. Er waren 139 verhalen ingestuurd, die in eerste instantie door een slush pile ronde heen moesten komen – en dan een tweede ronde, met een diepere beoordeling. De 20 beste verhalen kwamen in de bundel terecht.

Ik had ook een verhaal ingestuurd, (wat ik uiteraard niet zelf mocht beoordelen), maar die ga je helaas niet in de bundel vinden… hij is de eerste ronde doorgekomen maar heeft het niet tot de bundel gered. Boeh! Blijkt dat ik iets in het verhaal zag wat anderen er niet in zagen, maar niet iedereen heeft mijn goede smaak, blijkt maar weer. Nouja, volgende keer beter. 😉

Alle gepubliceerde auteurs: heel erg gefeliciteerd! Jullie verdienen het!! Er staan wat prachtverhalen tussen, dus ik raad iedereen zeker aan om te gaan lezen. De losse verhalen zijn te lezen op de Edge Zero website, maar je kunt de bundel ook kopen via Amazon.

Wat er niet op de Edge Zero website gepost is (tenminste, daar heb ik hem nog niet gezien, kan zijn dat ik een beetje scheel ben, sluit ik niet uit), is het voorwoord voor de verhalenbundel. Deze heb ik mogen schrijven. Ik heb heel lang zitten nadenken wat ik zou willen zeggen, want dit was mijn kans om iets in publiek te zeggen over “de staat van de Nederlandse genre literatuur”. Net als heel schrijvend Nederland, heb ook ik daar meningen over. Opgepast, een paar hele eerlijke en rake woorden hier. Ze komen recht uit mijn hart.

Er is de afgelopen jaren veel gezegd en geschreven over “de staat van de Nederlandse genreliteratuur”. Ieder jaar, in de lente, na de uitreiking van verhalenwedstrijden is er een jurylid, een inzender van korte verhalen, of een betrokkene, die in de pen klimt (of het toetsenbord) om een mening de wereld in te slingeren over hoe de Nederlandse markt voor Science Fiction, Fantasy en Horror erbij staat. (Alsof het een plantje is). Er wordt gekeken naar de internationale markt, naar de “grote namen”, en er wordt vergeleken. De vergelijking valt ieder jaar in ons nadeel uit. Ieder jaar wordt er dramatisch gezucht dat er geen kwaliteit in de Nederlandse (en Belgische) genreliteratuur te vinden is. Er is geen originaliteit, er is geen passie, er is niets baanbrekends. En laten we over de staat van de grammatica en het proza maar niet eens spreken.

Ik vraag me in dat geval af in hoeverre deze meningslingeraars deze verhalen daadwerkelijk gelezen hebben. Ja, natuurlijk zitten er een hoop verhalen tussen die niet goed genoeg zijn. De vuistregel is immers dat negentig procent van alles pure troep is. Maar die tien procent van de verhalen die wél goed zijn, die ruwe diamantjes die met een beetje liefde, proeflezen en redactie opgepoetst kunnen worden tot iets wat de lezers kan beroeren?

In veel gevallen zullen die nooit gezien worden. Soms sneuvelen ze in het peloton, omdat de juryleden nu eenmaal gruwelijk subjectief zijn, en smaken kunnen radicaal verschillen. Wat de een tot tranen roert kan de ander tenslotte compleet ijskoud laten. Soms redden de juweelverhalen het tot de top tien, maar blijft het verhaal vervolgens op de plank liggen omdat de auteur het niet publiceert.

De redenen zijn ontzettend uiteenlopend en het speelveld is zoveel breder dan de meesten denken. Als lid van de selectiecommissie van Edge Zero heb ik dit jaar een hoop verhalen onder ogen gekregen, meer dan ik als jurylid van Fantastels destijds ooit gelezen heb. Onder tijdsdruk en het mom van slushpile-lezen heb ik verhalen moeten afwijzen waar wellicht nog potentieel in zat. Helaas, want er kunnen maar zoveel verhalen in de bundel komen te staan. Het goede nieuws is dat ik die goede verhalen wel gezien heb. Er ís potentieel in de geesten en de toetsenborden van de Nederlandse en Belgische SF/F/H-schrijvers. Ik heb het gezien, en de mooiste verhalen van het afgelopen jaar zijn gebundeld in deze editie van Edge Zero. Nouja, subjectief gezien natuurlijk, want ook deze selectiecommissie is het met elkaar flink oneens geweest.

En nu vind je ze hier, in deze bundel. Neem eens de tijd om deze bloemlezing van fantastische verhalen te lezen, en wees lekker subjectief. Dat mag je zijn, als lezer. Als jurylid ook.

Maar laten we ons vooral ook focussen op de positieve punten, op initiatieven als Edge Zero. Laten we de staat van de Nederlandse en Vlaamse verbeeldingsliteratuur samen verbeteren, in plaats van ons af te spiegelen aan een markt die veel groter en volwassener is. Laten we schrijven, laten we lezen, laten we genieten. Laten we teruggaan naar de basis van de creatie en de verwondering en van daaruit sterker worden. Er is niets dat zegt dat we niet kunnen leren, dat we zelf niet in onze kracht kunnen staan en elkaar vooruit kunnen helpen. Door constructief commentaar te leveren, maar vooral ook door zelf te schrijven en de tijd te nemen om fantastische verhalen zoals die in deze bundel te lezen. Laten we hier beginnen. De organisatoren en selectiecommissie leden van Edge Zero hopen dat je zal genieten!

Dus. 😀

fantastels verhalenwedstrijd 2016

IMG_20170402_150950Afgelopen weekend was Fantastels Verhalenwedstrijd 2016. Zoals jullie wel weten, ben ik een soort van ambassadeur voor de wedstrijd: na vier top 10 noteringen (en een winst) heb ik vorig jaar als jurylid mogen fungeren, wat ik echt heel erg leuk vond om te doen. Ik miste echter het schrijven en meedoen, dus voor 2016 ben ik weer in mijn metaforische pen geklommen en heb ik een verhaal ingezonden.

‘Uitgangen’ vond ik persoonlijk een van mijn beste werken – rauw, edgy, en een tikkeltje controversieel wat betreft het einde. De laatste duizend woorden heb ik geprobeerd om zowel beklemmend als tamelijk afschuwelijk neer te zetten. In tegenstelling tot andere jaren vond ik dit verhaal niet alleen op het moment van inzenden leuk, maar zelfs zo vlak voor de uitreiking. Ik had goede hoop!

Zal je net zien natuurlijk dat je op de rand van de tweede ronde struikelt. Het verhaal werd 28e. Waar het ene jurylid ermee wegliep (dank je wel voor je lovende woorden, Roos), vond het andere jurylid het einde te open, te depressief (boeh, Django, boeh!). En zo struikel je net in het peloton. Zo verdomde jammer. Ik baal er een beetje van, want dit verhaal is een van mijn favorieten.

Maarja, zo kan het verkeren natuurlijk. Ieder jaar daag ik mezelf uit om iets te schrijven dat origineel is, fris, experimenteel, en vooral ook iets wat ik nog nooit eerder gedaan heb. Juist omdat ik crazy shit in mijn verhalen doe, is daar altijd de mogelijkheid dat daar in de voorronde niet positief op gereageerd wordt. En aangezien je in de eerste ronde maar twee juryleden hebt die je verhaal beoordelen, is de kans aanzienlijk dat het niet lukt. In voorgaande jaren heb ik mazzel gehad… dit jaar duidelijk niet. Heel jammer.

Gelukkig was het wel nog steeds een hele leuke dag. Mijn vriendin Wendy Torenvliet schopte het met haar verhaal ‘Donkere Wolken’ namelijk maarliefst tot de 5e (!!) plaats (dus ik mag weer een I told you so zeggen, en wat trots putten uit het feit dat ik dit verhaal heb mogen redigeren, proeflezen en aanmoedigen), en ik mocht een praatje houden op het podium over hoe je een verhalenwedstrijd wint en wat het met je doet, en de dag was weer prima geregeld natuurlijk! Gefeliciteerd aan alle winnaars, het is jullie gegund!!

Fantastels is niets dan integriteit, enthousiasme, aanmoediging voor schrijvers en passie voor het vak. Een juweeltje voor het fantasygenre, en ik hoop dat het nog vele jaren blijft bestaan. In ieder geval volgend jaar nog, want ik plan natuurlijk revanche.

En ‘Uitgangen’? Nou, ik hoor dat Edge.Zero nog coole verhalen zoekt…

we gaan ervoor!

deelname

Het is gelukt! Netjes voor de deadline heb ik mijn inzending voor Fantastels op de website geupload. Ik kan er nu niets meer aan doen. Natuurlijk was de eerste reactie nadat ik de bevestigingsmail ontving een ‘Oh mijn god wat heb ik gedaan, ik had vast nog dingen kunnen verbeteren!!’ maar die gevoelens zijn inmiddels bekend terrein. Dit is nu de vijfde keer dat ik meedoe en het wordt duidelijk niet gemakkelijker.

Ieder jaar heb ik wel weer een excuus waarom ik van mezelf vind waarom ik mezelf moet overtreffen; dus zelfs het achterover zitten en ‘ik zie wel waar ik eindig’ komt niet natuurlijk. (Dit jaar is mijn excuus dat ik vorig jaar in de jury gezeten heb en dat ik mijn top-10-streak niet wil verbreken) Ik wil het gewoon te graag; ik hecht me zo aan mijn verhalen. Het worden mijn babies en ik wil graag dat andere mensen ze ook leuk gaan vinden. Stom hè?

Dus wat heb ik dit jaar geschreven? Tja, dat mag ik niet zeggen natuurlijk. Ik ga wel zeggen dat ik hem weer lekker ballsy is, dat ik hem origineel vind, en dat ik het een van mijn betere verhalen vind (iig beter dan Zij Die Weggingen, die 10e werd op Fantastels 2014 en Deus Ex Machina, die het niet zo goed deed op de Harland Awards). Maarja, dat betekent niets, he? Ik ben de jury niet!

Waar vorig jaar als jurylid het werk nu ging beginnen, leg ik het nu neer. Tijd om te gaan afwachten…. oh, en natuurlijk me te gaan focusen op Nanowrimo! 🙂

fantastels, nanowrimo en uitzieken

maxresdefaultDit weekend zou ik eigenlijk naar FACTS gaan, maar mijn gezondheid gooit hier roet in het eten. Het zou kunnen zijn dat ik mezelf ietwat voorbij gerend ben in de afgelopen weken. Dat, plus snotterende collega’s op het werk, waren waarschijnlijk een potente mix om ervoor te zorgen dat ik dit weekend gewoon op de bank en in bed uit moet zingen. Eventjes een stapje terug doen, dus.

Het goede nieuws is dat het me wel tijd geeft om op mijn dooie akkertje de laatste hand te leggen aan mijn Fantastels verhaal. Stiekem ben ik tijdens mijn redactieproces en het aanscherpen van de proza en de plotlijn toch wel verliefd geworden op dit verhaal. Net als altijd is het weer iets compleet anders en ik durf te zeggen dat hij stiekem toch wel origineel is, dus ik ben benieuwd of de jury hem leuk gaat vinden. Ik ben inmiddels van ‘okay-met-het-verhaal’ naar ‘toch-wel-trots’ gegaan, dus dat is een goed teken wat mij betreft. Nu nog even de laatste hand leggen aan de laatste grammaticafoutjes en anglicismes, en dan kan hij ingezonden worden. Hoera!

En het andere wat ik ga doen? Lekker chillen en nadenken over Boek 4. Ik baal een beetje van het feit dat ik nog geen werktitel heb. ‘De prequel’ klinkt zo stom… maar het komt vast wel. Ik geef mezelf de aankomende dagen de ruimte om lekker te dagdromen over opa en oma Lentan, de Telchians, en die ene Surraliër in het team, en het kristal. Oh, het kristal… Het gaat leuk worden.

Het is bíjna november, bijna Nanowrimo. Bijna tijd om lekker los te gaan.
Heerlijk!

en toen was het alweer oktober

6985360-crystal-ball-wallpaperHet is even stil geweest hier, maar dat betekent natuurlijk niet dat er stil gezeten is! Elfia Arcen was weer fantastisch als vanouds en we hadden prachtig weer erbij; het was even alsof het weer zich wilde verontschuldigen voor de bittere kou op Elfia Haarzuilens en ons daarom de laatste échte zomerdagen gaf om lekker te genieten in Arcen.

En dan kom je thuis en is het ineens herfst. Er zijn van die mensen die genieten van de herfst, en binnen zitten met een kop thee in een warme trui als het buiten regent ‘gezellig’ noemen… ik ben niet een van die mensen. Ik word echt heel chagrijnig van het verlies van daglicht en die hoosbuien constant. Mag ik niet gewoon altijd in mijn t-shirt en op mijn slippers naar buiten? 😦
Het voordeel is wel dat we nu middenin regenbogenseizoen zitten – al die snel optrekkende buien betekent een verhoogde kans op regenbogen – en daar ben ik wel voor te vinden. Regenbogen zijn altijd goed ❤

Het is ook super druk op mijn werk, omdat er een belangrijk evenement aan zit te komen dus we hebben op kantoor ook alle hens aan dek… tijd om te ademen is er bijna niet. Maar tóch… toch is daar ook Fantastels nog. De deadline is aan het einde van de maand en ik heb de eerste versie van mijn verhaal op papier staan. Het wordt geen winnaar, daarvoor vind ik hem niet bijzonder genoeg, maar hij is wel héél erg leuk.

En dan dáárna… dan wordt het tijd voor Nanowrimo en de prequel. Ik heb het contract afgelopen week ontvangen & ondertekend, en de release datum staat voorlopig voor april 2018, dus tijd om te knallen! 🙂

Fantastels Verhalenwedstrijd 2015

Afgelopen zaterdag was de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd 2015 en wat was het spannend! Voor mij toch wel ietsje minder, omdat ik als jurylid dit keer aan de andere kant van de tafel zat en ik de uitslag al een paar uur eerder wist dan die arme nerveuze deelnemers, maar ik kan je zeggen: ik heb wat nagels afgekloven in de hoop dat mijn favoriete verhalen hoog scoorden, hoor!

dsc_0062_zpsnlkqc1me
De winnaar, Ben Adriaanse (hier op de foto met Anaïd Haen): gefeliciteerd! Je verhaal was fantastisch!

Het blijkt dat mijn mede juryleden het met mij eens waren, mijn absolute top 3 favorieten zijn allemaal in de top 5 beland. Allereerst ontzettend gefeliciteerd aan de uiteindelijke winnaar, Ben Adriaanse, voor je fantastische De aardappelen van Clingemans & co. Je was mijn #2, maar ieder van mijn top 3 verhalen mocht winnen wat mij betrof; het was héél close. Mijn #1 was 5e geworden (toch een ietwat controversieel verhaal, maar dat is niet gek als je naar mijn smaak kijkt. Ik ben zelf tenslotte ook een Deviant prijs winnaar ;)) – De Bra-ba-bla van Bart Huyghe. Mijn #3 is 4e geworden, en dat bleek een van mijn schrijfmaatjes te zijn, Tijs de Jong, met Drie-eenheid. (Mag ik nogmaals zeggen: ik zei het toch? Ik heb zulke verdomd getalenteerde schrijfmaatjes, jongens, het is een voorrecht om zulke fantastische vrienden/proeflezers/schrijfmaatjes te hebben).

Ik ga bij deze ook mijn introductie van het juryrapport posten, zodat jullie allemaal kunnen lezen wat ik van de verhalen vond; denk dat dit wel algemeen bekend mag zijn.

Ik was heel vereerd dat ik na vier jaar fanatiek verhalen schrijven voor Fantastels dit jaar in de jury mocht plaatsnemen.

Het was oktober 2011 toen ik de stoute schoenen aan trok en voor de eerste keer een verhaal naar Fantastels instuurde. Ik besloot er gewoon voor te gaan. Het juryrapport leek me heel nuttig om mezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Mijn beste vriendin sleepte me mee naar de uitreiking, want zelf durfde ik eigenlijk niet zo goed. Ik was zo bang om verteld te worden dat ik er niets van kon, dat ik geen schrijver mocht zijn. Die angst dat hetgeen wat je zo graag wil en doet niet goed genoeg is en nooit goed genoeg zal worden – ik weet niet of jij hem gevoeld hebt, deelnemer, maar ik voelde hem… en dat is nooit gemakkelijker geworden. Zelfs na vier top tien noteringen niet. Zelfs na mijn winst in 2013 niet.

En dat is eigenlijk stom, want niemand is een hopeloos geval. Zelfs als je laatste bent niet! Want zelfs dán heb je geschreven, heb je een verhaal ingestuurd naar een verhalenwedstrijd. Schrijver zijn is een project in wording, en je zal nooit perfect zijn. Het kan altijd beter. Maar daarvoor heb je dan Fantastels, om je te helpen!

De enige manier waarop je faalt als schrijver, is als je niet schrijft. En als je blijft schrijven, dan word je vanzelf beter. Het is oefenen, proberen, soms vallen en opstaan, maar het is het waard. Mozart kon ook niet meteen perfect piano spelen… dat heeft tijd nodig. Juryrapporten zoals Fantastels je geeft, helpen je daarbij. Omdat Fantastels mij zo veel geholpen heeft, wilde ik wat terug doen en jullie ook proberen te helpen.

Ik toog met goede moed aan het lezen van jullie verhalen en ik heb mijn best gedaan om jullie allemaal tips te geven om jezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Natuurlijk viel ik over bepaalde dingen in jullie verhalen – dingen waarvan ik dacht dat ze verbeterd kunnen worden om meer uit je verhaal te kunnen halen. Soms was het plotgerelateerd, soms was het grammatica, soms was het de spanningsboog, soms was het allemaal. Maar dat maakt niet uit; want geen van de verhalen die ik las, was compleet hopeloos. Dus wees niet bang!

Tips en indrukken

De kwaliteit van de verhalen die ik las, was wisselend. Waar sommige verhalen echt fantastisch waren, hadden andere verhalen een betere redactie kunnen gebruiken; sommigen kenden de regels van grammatica en dingen als alineaopbouw niet goed. Ik ben zelf ook geen superheld wat grammatica betreft, dus maak je geen zorgen – daar heb ik niet (te) veel aftrek voor gegeven. Maar ik heb het wel altijd benoemd; het is jammer als een mooi verhaal onleesbaar wordt omdat je te veel komma’s gebruikt en je zinnen van twaalf regels krijgt, of als er op rare plekken enters staan die je uit je leesflow halen. Dan is het een gemiste kans, en daar maak ik dan opmerkingen over.

En dan waren er ook de verhalen waar nog meer uit gehaald had kunnen worden. Dat waren verhalen die ik las en dacht: ‘wel aardig, maar als er nou X of Y gedaan was, was het veel sterker geweest…’ Een van de dingen die me opviel bij het lezen van jullie verhalen, is dat er soms een echt plot ontbrak, of dat niet alles er uitgehaald werd wat er in zat. Dan werd er een goed concept neergezet, maar vervolgens liet de schrijver het dan liggen in de uitwerking. Denk hierbij aan een horrorverhaal waar de protagonist nooit echt bang is, of een concept als xenocide waarin niemand zich écht druk lijkt te maken over de uitroeiing van een andere soort. Als je een ontzettend goed concept bedenkt, trek dan ook alles uit de kast! Ofwel zorg dat je proza zo fantastisch is dat de beschrijvingen briljant zijn en de lezer verwonderd wordt, of zorg dat je iets teweeg brengt bij je lezer. Het liefste allebei natuurlijk. Het is een kort verhaal, dus het is de bedoeling dat je een indruk achterlaat.

Bedenk jezelf goed waaróm dit verhaal verteld moet worden en wat voor indruk je bij je lezer achter wil laten. Wat is je doel van je verhaal? Wat wil je bij de lezer teweeg brengen? Ennui? Woede? Verdriet? Vertedering? Verwondering? Het kan allemaal, hoor!

Als je dit goed voor jezelf uitgekristalliseerd hebt, merk je algauw dat je qua plot, opbouw en uitvoering een veel steviger verhaal in handen hebt. Voorbeeld: Mijn top 3 verhalen  riepen bij mij persoonlijk een (bijna) fysieke reactie op: bij de ene zat ik zowat te grienen, bij de ander voelde ik me alsof ik een stomp in mijn maag had gekregen, en de derde gaf me letterlijk kippenvel. Anderen wekten afschuw op, of een warm gevoel omdat ik blij was dat alles goed was gekomen. De verhalen die bij mij wat teweeg hebben gebracht, hebben ook jubelende commentaren gekregen.

Ik heb iedereen zo goed mogelijk geprobeerd aan te wijzen waar ik denk dat de verbeterpunten in jullie verhalen zitten (soms plot, soms proza, soms opbouw en uitvoering), maar er zitten dus ook een paar verhalen tussen waarvan mijn juryrapport neerkomt op ‘niets aan veranderen, winnaar van deze ronde, OMG DIT WAS FANTASTISCH’. Sorry dat ik dan niets opbouwenders kan toevoegen, maar je vindt dat vast niet vervelend om te lezen! 😉

Beoordeling

Hoe kwam ik tot deze conclusies? Ik heb in eerste instantie een matrixconstructie opgesteld met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kon scoren. De maximale score was dus 80 punten. Even ter referentie: mijn drie hoogst scorende verhalen scoorden alle drie 73 punten, de laagste scoorde 31. De gemiddelde score was rond de 59. Waar verhalen hetzelfde scoorden in mijn matrix, heb ik mijn intuïtie laten spreken.

Het kwam zo uit dat ik in de eerste ronde een complete poule of death had, waarin de top vijf verhalen allemaal boven de 63 punten kwamen. In de tweede ronde had ik maar twee verhalen die boven de 63 scoorden, heel vreemd. Het algehele gemiddelde lag daar hoger, maar de uitschieters waren daar minder hoog.

In de eindronde kwam ik gelukkig vijf van mijn zes favoriete verhalen uit de eerste twee rondes weer tegen. Er waren ook wat verhalen doorgekomen waar ik minder woeste liefde voor voelde, een paar nieuwen ik oprecht gaaf kon noemen, en nog ééntje die ik fantastisch vond en zichzelf mijn toplijst in katapulteerde. Zo leuk om te zien!

Dus…

Dit was mijn totale top 10 van Fantastels, met de scores erbij. Zoals je ziet staat er ook een verhaal tussen dat de eindronde niet gehaald heeft, maar de meesten van mijn favoriete verhalen gelukkig wel.

  • De Bra-ba-bla – 73 pt
  • De aardappelen van Clingemans & co – 73 pt
  • Drie-eenheid – 73 pt
  • De droom – 66 pt
  • En op de achtste dag… 65.5 pt
  • Ancora – 64 pt
  • Phaeton in reprise – 64 pt
  • Reset – 64 pt
  • Het Keerpunt – 62.5 pt
  • Ongedierte – 62 pt

Tot het laatste moment heb ik het moeilijk gehad of ik ‘Drie-eenheid’, ‘De Bra-ba-bla’ of ‘De aardappelen van Clingemans & co’ op de eerste plaats moet zetten. Wat mij betreft verdienen jullie alle drie de winst. De scores zijn precies hetzelfde, en om andere redenen, dus ik heb uiteindelijk de volgorde op de proza en de gelaagdheid/meta laten afhangen. Dat gezegd hebbende zou ik met alle drie even blij zijn op de plek van de winnaar, maar dat ligt niet meer in mijn machte nu. Het is aan mijn mede juryleden, en misschien zijn die het hier wel helemaal niet mee eens. Uiteindelijk ben ik maar één jurylid van de acht, hè?

Wat mij betreft is iedereen een winnaar die de ballen heeft gehad een verhaal op te schrijven, op te poetsen en naar Fantastels Verhalenwedstrijd te sturen. Jullie zijn allemaal toppers, en bedankt dat ik jullie verhalen heb mogen lezen. Het was me een eer!

Anaïd, Kasper, mede juryleden, jullie ook bedankt. Ik heb een geweldige tijd gehad!

En dan nu de hamvraag: ga ik volgend jaar weer jureren? Ik denk het niet. Ik vond het waanzinnig leuk om te doen, en verrassend genoeg kon ik het nog best wel combineren met het schrijven & redigeren van Talent en Kristal, maar ik mis het meedoen en het proeflezen voor mijn schrijfmaatjes.

Dus volgend jaar worden we hopelijk concurrenten. Allemaal meedoen, jongens! 😀

het jureren van een verhalenwedstrijd

headingOh jongens, wat is het leuk om een verhalenwedstijd als Fantastels te jureren! Het is heel bijzonder om eens aan de andere kant van de tafel te zitten en de binnenkomende verhalen te beoordelen, in plaats van de verhalen te schrijven waarmee je hoopt te winnen. Dit proces duurt een stuk langer, natuurlijk – we zijn al sinds november bezig om alle verhalen te lezen en te jureren.

Ik heb net voor mezelf de tweede ronde afgesloten en alle juryrapporten ingestuurd. Hierna is het afwachten en kijken welke verhalen er in de finaleronde terecht zijn gekomen. Als het goed is, zou ik een aantal verhalen die in de finaleronde zitten, al gelezen moeten hebben. Ik hóóp dat in ieder geval wel, want van een aantal verhalen in de voorrondes ben ik heel enthousiast geworden. Ik heb ze complimenteuze juryrapporten geschreven en hoog in mijn ranking gezet, maar wat als mijn mede-juryleden het er niet mee eens waren en ze een lage score gegeven hebben? Dan zal ik ze in de eindronde niet terug vinden. 😦

De eindronde gaat in ieder geval super spannend worden, want je kunt er vanuit gaan dat je daar de beste verhalen gaat terug vinden. We hebben al beslissingen moeten nemen zoals wat er belangrijker is bij het uitdelen van een plaats in de ranking: de fantastische proza van verhaal X, de emotionele suckerpunch die verhaal Y uitdeelde, of de briljant beschreven setting in verhaal Z – maar in de eindronde gaan die beslissingen nog even wat zwaarder wegen, want daar zit alles qua kwaliteit een stuk dichter op elkaar.

Ik heb een score ranking systeem met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kunt scoren, en in vorige rondes moest ik daar nog eens met een fingerspitzen gevoel overheen want blijkbaar scoorden best veel verhalen 60/80, maar ik verwacht dat dit in de eindronde nog eens heftiger gaat worden. De vergelijkingen worden nog spannender!

En dan op de dag van de uitreiking hoor ik maar een paar uur eerder dan de deelnemers wie er daadwerkelijk achter die verhalen zitten. Ik ken een aantal van de deelnemers persoonlijk, maar heb niemand in hun verhalen kunnen hérkennen, dus voor mij is het net zo spannend als voor jullie. Ik heb meningen over mijn favoriete verhalen, jongens. Ook al heb ik de verhalen niet zelf geschreven, ben ik super geïnvesteerd in hoe (goed) ze het uiteindelijk gaan doen. Het is zo spannend!

De missie om Fantastels Verhalenwedstrijd wat voor me te ontstressen door te jureren in plaats van deel te nemen, is bij deze gefaald. Maar gelukkig is het zo leuk om te doen, dat ik het helemaal niet erg vind.

Tot bij de uitreiking allemaal!

 

fantastels verhalenwedstrijd 2014

Wat een bizarre dag gisteren. Zaterdag 18 april 2015 was de dag dat er meerdere dingen tegelijk gebeurden: aan de ene kant was de uitreiking van Fantastels 2014, en aan de andere kant was daar de crematie van Jos Weijmer. En daarna nog eens een keer een huwelijksreceptie van een oude vriendin. Over emotionele whiplash gesproken.

Ik arriveerde een beetje te vroeg in Stolwijk, maar dat gaf me tijd om iedereen te begroeten, te condoleren, te en bij te praten. Mijn schrijfmaatjes Brenda en Tijs arriveerden kort erna, en we namen plaats in het publiek. Allereerst werd op een ludieke manier de opening van de zwerfboekenbibliotheek van Stolwijk geopend, en daarna had Anaïd, na de introductie van de schrijfwedstrijd uitreiking, een mooie speech voor Jos. Dat was even een zwaar moment voor iedereen die hem kende, maar we hebben daarna, zoals zijn vrouw gevraagd had, (ook) in Stolwijk keihard voor hem geapplaudisseerd. Een staande ovatie, door de tranen heen.

En daarna was het tijd voor de rest van de uitreiking. Je zou zeggen dat de zenuwen minder heftig zouden zijn als je Fantastels al eens gewonnen hebt, maar ik kan je zeggen: niet dus. Iedere slide die voorbij kwam waar onze namen niet op stonden, was een juichmomentje. Mijn vrienden Tijs en Brenda deden voor de eerste keer mee met allebei prachtige verhalen (ik had ze proefgelezen), dus voor hen was het ook superspannend omdat ze niet wisten wat ze konden verwachten. Ik wist juist wat ik wel kon verwachten en stierf duizend doden. Heh. Ik weet precies hoe erg het kan zijn, dat wachten.

Tijs sneuvelde helaas nét voor de tweede ronde op de 27e plaats (zonde, zonde! Ik vond vooral ‘Flessenpost’ een waanzinnig verhaal dat de tweede ronde zeker verdiende), maar Brenda en ik haalden het tot de tweede ronde.
En toen de derde…

Op dat moment was ik al tevreden. Ik was heel bang dat na mijn winst van vorig jaar, mijn verhaal van dit jaar al heel vroeg zou sneuvelen, wat ‘Roze water’ echt een toevalstreffer was. (Wat het natuurlijk niet kán zijn, nadat ik de twee jaren ervoor ook al top tien verhalen had geschreven, maar hé, vertel dat aan mijn onderbewuste). Dit verhaal, dat gaat over geesten en het vagevuur, was een compleet experiment.

Toen ik dit verhaal schreef, wilde ik oefenen met atmosfeer en proza, en wat minder op de actie en de personages en de dialogen. Ik wilde iets kleins, iets verstilds schrijven. (Heel eerlijk: ik wilde iets doen wat een beetje richting mijn schrijfmaatje/vriendin Corina Onderstijn haar stijl gaat – gewoon om te kijken of ik het kon). En ik denk dat het gelukt is.

Mijn verhaal ‘Zij die weggingen’ werd tiende. 😀

Mijn vierde top tien verhaal is in de pocket! Ik ben super blij en tevreden met het resultaat. Een tweede winst zou natuurlijk nog beter geweest zijn, maar geloof me, dit is meer dan genoeg.

Vooral omdat het uiteindelijk bleek dat Brenda’s ‘Verborgen Paden’ won! Ik mocht de winstfakkel overgeven aan mijn beste vriendin en eindelijk zeggen; “Ik zei het toch” omdat ik een supergrote fan ben van haar schrijven en zij onzeker was over haar eigen kunnen. Dus bij deze, en plein publiek, gewoon omdat het kan: “IK ZEI HET TOCH, Brenda!” Gefeliciteerd, lieverd. Ik ben super blij voor je. 😀

Mocht je nu zoiets hebben: “Kelly, wat houd je toch die top tien steeds bezet, houd eens op” dan heb ik goed nieuws. Dit was voorlopig mijn laatste deelname aan Fantastels. Ik heb met Anaïd gekletst, en volgend jaar ben ik met een andere insteek met Fantastels bezig: volgend jaar ben ik jurylid.
Ik ben al hard aan het nadenken over hoe ik de scores en de rangschikking wil gaan opstellen; ik heb er ontzettend veel zin in en voel me vereerd dat ik onderdeel mag zijn van de jury.
Dank je wel voor de eer, Anaïd!