Fantastels Verhalenwedstrijd 2015

Afgelopen zaterdag was de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd 2015 en wat was het spannend! Voor mij toch wel ietsje minder, omdat ik als jurylid dit keer aan de andere kant van de tafel zat en ik de uitslag al een paar uur eerder wist dan die arme nerveuze deelnemers, maar ik kan je zeggen: ik heb wat nagels afgekloven in de hoop dat mijn favoriete verhalen hoog scoorden, hoor!

dsc_0062_zpsnlkqc1me
De winnaar, Ben Adriaanse (hier op de foto met Anaïd Haen): gefeliciteerd! Je verhaal was fantastisch!

Het blijkt dat mijn mede juryleden het met mij eens waren, mijn absolute top 3 favorieten zijn allemaal in de top 5 beland. Allereerst ontzettend gefeliciteerd aan de uiteindelijke winnaar, Ben Adriaanse, voor je fantastische De aardappelen van Clingemans & co. Je was mijn #2, maar ieder van mijn top 3 verhalen mocht winnen wat mij betrof; het was héél close. Mijn #1 was 5e geworden (toch een ietwat controversieel verhaal, maar dat is niet gek als je naar mijn smaak kijkt. Ik ben zelf tenslotte ook een Deviant prijs winnaar ;)) – De Bra-ba-bla van Bart Huyghe. Mijn #3 is 4e geworden, en dat bleek een van mijn schrijfmaatjes te zijn, Tijs de Jong, met Drie-eenheid. (Mag ik nogmaals zeggen: ik zei het toch? Ik heb zulke verdomd getalenteerde schrijfmaatjes, jongens, het is een voorrecht om zulke fantastische vrienden/proeflezers/schrijfmaatjes te hebben).

Ik ga bij deze ook mijn introductie van het juryrapport posten, zodat jullie allemaal kunnen lezen wat ik van de verhalen vond; denk dat dit wel algemeen bekend mag zijn.

Ik was heel vereerd dat ik na vier jaar fanatiek verhalen schrijven voor Fantastels dit jaar in de jury mocht plaatsnemen.

Het was oktober 2011 toen ik de stoute schoenen aan trok en voor de eerste keer een verhaal naar Fantastels instuurde. Ik besloot er gewoon voor te gaan. Het juryrapport leek me heel nuttig om mezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Mijn beste vriendin sleepte me mee naar de uitreiking, want zelf durfde ik eigenlijk niet zo goed. Ik was zo bang om verteld te worden dat ik er niets van kon, dat ik geen schrijver mocht zijn. Die angst dat hetgeen wat je zo graag wil en doet niet goed genoeg is en nooit goed genoeg zal worden – ik weet niet of jij hem gevoeld hebt, deelnemer, maar ik voelde hem… en dat is nooit gemakkelijker geworden. Zelfs na vier top tien noteringen niet. Zelfs na mijn winst in 2013 niet.

En dat is eigenlijk stom, want niemand is een hopeloos geval. Zelfs als je laatste bent niet! Want zelfs dán heb je geschreven, heb je een verhaal ingestuurd naar een verhalenwedstrijd. Schrijver zijn is een project in wording, en je zal nooit perfect zijn. Het kan altijd beter. Maar daarvoor heb je dan Fantastels, om je te helpen!

De enige manier waarop je faalt als schrijver, is als je niet schrijft. En als je blijft schrijven, dan word je vanzelf beter. Het is oefenen, proberen, soms vallen en opstaan, maar het is het waard. Mozart kon ook niet meteen perfect piano spelen… dat heeft tijd nodig. Juryrapporten zoals Fantastels je geeft, helpen je daarbij. Omdat Fantastels mij zo veel geholpen heeft, wilde ik wat terug doen en jullie ook proberen te helpen.

Ik toog met goede moed aan het lezen van jullie verhalen en ik heb mijn best gedaan om jullie allemaal tips te geven om jezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Natuurlijk viel ik over bepaalde dingen in jullie verhalen – dingen waarvan ik dacht dat ze verbeterd kunnen worden om meer uit je verhaal te kunnen halen. Soms was het plotgerelateerd, soms was het grammatica, soms was het de spanningsboog, soms was het allemaal. Maar dat maakt niet uit; want geen van de verhalen die ik las, was compleet hopeloos. Dus wees niet bang!

Tips en indrukken

De kwaliteit van de verhalen die ik las, was wisselend. Waar sommige verhalen echt fantastisch waren, hadden andere verhalen een betere redactie kunnen gebruiken; sommigen kenden de regels van grammatica en dingen als alineaopbouw niet goed. Ik ben zelf ook geen superheld wat grammatica betreft, dus maak je geen zorgen – daar heb ik niet (te) veel aftrek voor gegeven. Maar ik heb het wel altijd benoemd; het is jammer als een mooi verhaal onleesbaar wordt omdat je te veel komma’s gebruikt en je zinnen van twaalf regels krijgt, of als er op rare plekken enters staan die je uit je leesflow halen. Dan is het een gemiste kans, en daar maak ik dan opmerkingen over.

En dan waren er ook de verhalen waar nog meer uit gehaald had kunnen worden. Dat waren verhalen die ik las en dacht: ‘wel aardig, maar als er nou X of Y gedaan was, was het veel sterker geweest…’ Een van de dingen die me opviel bij het lezen van jullie verhalen, is dat er soms een echt plot ontbrak, of dat niet alles er uitgehaald werd wat er in zat. Dan werd er een goed concept neergezet, maar vervolgens liet de schrijver het dan liggen in de uitwerking. Denk hierbij aan een horrorverhaal waar de protagonist nooit echt bang is, of een concept als xenocide waarin niemand zich écht druk lijkt te maken over de uitroeiing van een andere soort. Als je een ontzettend goed concept bedenkt, trek dan ook alles uit de kast! Ofwel zorg dat je proza zo fantastisch is dat de beschrijvingen briljant zijn en de lezer verwonderd wordt, of zorg dat je iets teweeg brengt bij je lezer. Het liefste allebei natuurlijk. Het is een kort verhaal, dus het is de bedoeling dat je een indruk achterlaat.

Bedenk jezelf goed waaróm dit verhaal verteld moet worden en wat voor indruk je bij je lezer achter wil laten. Wat is je doel van je verhaal? Wat wil je bij de lezer teweeg brengen? Ennui? Woede? Verdriet? Vertedering? Verwondering? Het kan allemaal, hoor!

Als je dit goed voor jezelf uitgekristalliseerd hebt, merk je algauw dat je qua plot, opbouw en uitvoering een veel steviger verhaal in handen hebt. Voorbeeld: Mijn top 3 verhalen  riepen bij mij persoonlijk een (bijna) fysieke reactie op: bij de ene zat ik zowat te grienen, bij de ander voelde ik me alsof ik een stomp in mijn maag had gekregen, en de derde gaf me letterlijk kippenvel. Anderen wekten afschuw op, of een warm gevoel omdat ik blij was dat alles goed was gekomen. De verhalen die bij mij wat teweeg hebben gebracht, hebben ook jubelende commentaren gekregen.

Ik heb iedereen zo goed mogelijk geprobeerd aan te wijzen waar ik denk dat de verbeterpunten in jullie verhalen zitten (soms plot, soms proza, soms opbouw en uitvoering), maar er zitten dus ook een paar verhalen tussen waarvan mijn juryrapport neerkomt op ‘niets aan veranderen, winnaar van deze ronde, OMG DIT WAS FANTASTISCH’. Sorry dat ik dan niets opbouwenders kan toevoegen, maar je vindt dat vast niet vervelend om te lezen! 😉

Beoordeling

Hoe kwam ik tot deze conclusies? Ik heb in eerste instantie een matrixconstructie opgesteld met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kon scoren. De maximale score was dus 80 punten. Even ter referentie: mijn drie hoogst scorende verhalen scoorden alle drie 73 punten, de laagste scoorde 31. De gemiddelde score was rond de 59. Waar verhalen hetzelfde scoorden in mijn matrix, heb ik mijn intuïtie laten spreken.

Het kwam zo uit dat ik in de eerste ronde een complete poule of death had, waarin de top vijf verhalen allemaal boven de 63 punten kwamen. In de tweede ronde had ik maar twee verhalen die boven de 63 scoorden, heel vreemd. Het algehele gemiddelde lag daar hoger, maar de uitschieters waren daar minder hoog.

In de eindronde kwam ik gelukkig vijf van mijn zes favoriete verhalen uit de eerste twee rondes weer tegen. Er waren ook wat verhalen doorgekomen waar ik minder woeste liefde voor voelde, een paar nieuwen ik oprecht gaaf kon noemen, en nog ééntje die ik fantastisch vond en zichzelf mijn toplijst in katapulteerde. Zo leuk om te zien!

Dus…

Dit was mijn totale top 10 van Fantastels, met de scores erbij. Zoals je ziet staat er ook een verhaal tussen dat de eindronde niet gehaald heeft, maar de meesten van mijn favoriete verhalen gelukkig wel.

  • De Bra-ba-bla – 73 pt
  • De aardappelen van Clingemans & co – 73 pt
  • Drie-eenheid – 73 pt
  • De droom – 66 pt
  • En op de achtste dag… 65.5 pt
  • Ancora – 64 pt
  • Phaeton in reprise – 64 pt
  • Reset – 64 pt
  • Het Keerpunt – 62.5 pt
  • Ongedierte – 62 pt

Tot het laatste moment heb ik het moeilijk gehad of ik ‘Drie-eenheid’, ‘De Bra-ba-bla’ of ‘De aardappelen van Clingemans & co’ op de eerste plaats moet zetten. Wat mij betreft verdienen jullie alle drie de winst. De scores zijn precies hetzelfde, en om andere redenen, dus ik heb uiteindelijk de volgorde op de proza en de gelaagdheid/meta laten afhangen. Dat gezegd hebbende zou ik met alle drie even blij zijn op de plek van de winnaar, maar dat ligt niet meer in mijn machte nu. Het is aan mijn mede juryleden, en misschien zijn die het hier wel helemaal niet mee eens. Uiteindelijk ben ik maar één jurylid van de acht, hè?

Wat mij betreft is iedereen een winnaar die de ballen heeft gehad een verhaal op te schrijven, op te poetsen en naar Fantastels Verhalenwedstrijd te sturen. Jullie zijn allemaal toppers, en bedankt dat ik jullie verhalen heb mogen lezen. Het was me een eer!

Anaïd, Kasper, mede juryleden, jullie ook bedankt. Ik heb een geweldige tijd gehad!

En dan nu de hamvraag: ga ik volgend jaar weer jureren? Ik denk het niet. Ik vond het waanzinnig leuk om te doen, en verrassend genoeg kon ik het nog best wel combineren met het schrijven & redigeren van Talent en Kristal, maar ik mis het meedoen en het proeflezen voor mijn schrijfmaatjes.

Dus volgend jaar worden we hopelijk concurrenten. Allemaal meedoen, jongens! 😀

het jureren van een verhalenwedstrijd

headingOh jongens, wat is het leuk om een verhalenwedstijd als Fantastels te jureren! Het is heel bijzonder om eens aan de andere kant van de tafel te zitten en de binnenkomende verhalen te beoordelen, in plaats van de verhalen te schrijven waarmee je hoopt te winnen. Dit proces duurt een stuk langer, natuurlijk – we zijn al sinds november bezig om alle verhalen te lezen en te jureren.

Ik heb net voor mezelf de tweede ronde afgesloten en alle juryrapporten ingestuurd. Hierna is het afwachten en kijken welke verhalen er in de finaleronde terecht zijn gekomen. Als het goed is, zou ik een aantal verhalen die in de finaleronde zitten, al gelezen moeten hebben. Ik hóóp dat in ieder geval wel, want van een aantal verhalen in de voorrondes ben ik heel enthousiast geworden. Ik heb ze complimenteuze juryrapporten geschreven en hoog in mijn ranking gezet, maar wat als mijn mede-juryleden het er niet mee eens waren en ze een lage score gegeven hebben? Dan zal ik ze in de eindronde niet terug vinden. 😦

De eindronde gaat in ieder geval super spannend worden, want je kunt er vanuit gaan dat je daar de beste verhalen gaat terug vinden. We hebben al beslissingen moeten nemen zoals wat er belangrijker is bij het uitdelen van een plaats in de ranking: de fantastische proza van verhaal X, de emotionele suckerpunch die verhaal Y uitdeelde, of de briljant beschreven setting in verhaal Z – maar in de eindronde gaan die beslissingen nog even wat zwaarder wegen, want daar zit alles qua kwaliteit een stuk dichter op elkaar.

Ik heb een score ranking systeem met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kunt scoren, en in vorige rondes moest ik daar nog eens met een fingerspitzen gevoel overheen want blijkbaar scoorden best veel verhalen 60/80, maar ik verwacht dat dit in de eindronde nog eens heftiger gaat worden. De vergelijkingen worden nog spannender!

En dan op de dag van de uitreiking hoor ik maar een paar uur eerder dan de deelnemers wie er daadwerkelijk achter die verhalen zitten. Ik ken een aantal van de deelnemers persoonlijk, maar heb niemand in hun verhalen kunnen hérkennen, dus voor mij is het net zo spannend als voor jullie. Ik heb meningen over mijn favoriete verhalen, jongens. Ook al heb ik de verhalen niet zelf geschreven, ben ik super geïnvesteerd in hoe (goed) ze het uiteindelijk gaan doen. Het is zo spannend!

De missie om Fantastels Verhalenwedstrijd wat voor me te ontstressen door te jureren in plaats van deel te nemen, is bij deze gefaald. Maar gelukkig is het zo leuk om te doen, dat ik het helemaal niet erg vind.

Tot bij de uitreiking allemaal!

 

fantastels verhalenwedstrijd 2014

Wat een bizarre dag gisteren. Zaterdag 18 april 2015 was de dag dat er meerdere dingen tegelijk gebeurden: aan de ene kant was de uitreiking van Fantastels 2014, en aan de andere kant was daar de crematie van Jos Weijmer. En daarna nog eens een keer een huwelijksreceptie van een oude vriendin. Over emotionele whiplash gesproken.

Ik arriveerde een beetje te vroeg in Stolwijk, maar dat gaf me tijd om iedereen te begroeten, te condoleren, te en bij te praten. Mijn schrijfmaatjes Brenda en Tijs arriveerden kort erna, en we namen plaats in het publiek. Allereerst werd op een ludieke manier de opening van de zwerfboekenbibliotheek van Stolwijk geopend, en daarna had Anaïd, na de introductie van de schrijfwedstrijd uitreiking, een mooie speech voor Jos. Dat was even een zwaar moment voor iedereen die hem kende, maar we hebben daarna, zoals zijn vrouw gevraagd had, (ook) in Stolwijk keihard voor hem geapplaudisseerd. Een staande ovatie, door de tranen heen.

En daarna was het tijd voor de rest van de uitreiking. Je zou zeggen dat de zenuwen minder heftig zouden zijn als je Fantastels al eens gewonnen hebt, maar ik kan je zeggen: niet dus. Iedere slide die voorbij kwam waar onze namen niet op stonden, was een juichmomentje. Mijn vrienden Tijs en Brenda deden voor de eerste keer mee met allebei prachtige verhalen (ik had ze proefgelezen), dus voor hen was het ook superspannend omdat ze niet wisten wat ze konden verwachten. Ik wist juist wat ik wel kon verwachten en stierf duizend doden. Heh. Ik weet precies hoe erg het kan zijn, dat wachten.

Tijs sneuvelde helaas nét voor de tweede ronde op de 27e plaats (zonde, zonde! Ik vond vooral ‘Flessenpost’ een waanzinnig verhaal dat de tweede ronde zeker verdiende), maar Brenda en ik haalden het tot de tweede ronde.
En toen de derde…

Op dat moment was ik al tevreden. Ik was heel bang dat na mijn winst van vorig jaar, mijn verhaal van dit jaar al heel vroeg zou sneuvelen, wat ‘Roze water’ echt een toevalstreffer was. (Wat het natuurlijk niet kán zijn, nadat ik de twee jaren ervoor ook al top tien verhalen had geschreven, maar hé, vertel dat aan mijn onderbewuste). Dit verhaal, dat gaat over geesten en het vagevuur, was een compleet experiment.

Toen ik dit verhaal schreef, wilde ik oefenen met atmosfeer en proza, en wat minder op de actie en de personages en de dialogen. Ik wilde iets kleins, iets verstilds schrijven. (Heel eerlijk: ik wilde iets doen wat een beetje richting mijn schrijfmaatje/vriendin Corina Onderstijn haar stijl gaat – gewoon om te kijken of ik het kon). En ik denk dat het gelukt is.

Mijn verhaal ‘Zij die weggingen’ werd tiende. 😀

Mijn vierde top tien verhaal is in de pocket! Ik ben super blij en tevreden met het resultaat. Een tweede winst zou natuurlijk nog beter geweest zijn, maar geloof me, dit is meer dan genoeg.

Vooral omdat het uiteindelijk bleek dat Brenda’s ‘Verborgen Paden’ won! Ik mocht de winstfakkel overgeven aan mijn beste vriendin en eindelijk zeggen; “Ik zei het toch” omdat ik een supergrote fan ben van haar schrijven en zij onzeker was over haar eigen kunnen. Dus bij deze, en plein publiek, gewoon omdat het kan: “IK ZEI HET TOCH, Brenda!” Gefeliciteerd, lieverd. Ik ben super blij voor je. 😀

Mocht je nu zoiets hebben: “Kelly, wat houd je toch die top tien steeds bezet, houd eens op” dan heb ik goed nieuws. Dit was voorlopig mijn laatste deelname aan Fantastels. Ik heb met Anaïd gekletst, en volgend jaar ben ik met een andere insteek met Fantastels bezig: volgend jaar ben ik jurylid.
Ik ben al hard aan het nadenken over hoe ik de scores en de rangschikking wil gaan opstellen; ik heb er ontzettend veel zin in en voel me vereerd dat ik onderdeel mag zijn van de jury.
Dank je wel voor de eer, Anaïd!

fantastels 2014

Ik ken een hoop mensen die, net als ik, ook verhalen schrijven. Dit heeft een paar grote voordelen. Een ervan is dat je samen kunt plotten, elkaar ideeën kunt geven, feedback geven, en samen genieten van de werelden die je schept – lang voordat anderen die kunnen betreden. Dat is fantastisch!

Ook kun je elkaar helpen met verhalen; proeflezen voor manuscripten en verhalenwedstrijden bijvoorbeeld. Ik doe dat ontzettend graag, want het geeft me de gelegenheid om een van de eersten te zijn die waanzinnig gave werelden van anderen kan ontdekken, om de schrijver een hart onder de riem te steken dat dit écht wel verdomd veel potentieel heeft, maar ook om te helpen het verhaal en de wereld te polijsten door kritische vragen te stellen en soms suggesties te geven. Die samenwerking, daar geniet ik van, met volle teugen. Laat mij maar meegenieten tijdens de alpha versie van het verhaal; ik laat met liefde alles vallen om je te helpen.

Het nádeel echter, is dat wanneer je dat doet bij verhalenwedstrijden, dat je dan door dat proeflezen een heel accuut idee hebt van hoe sterk de competitie is. Misschien had ik dat liever niet willen weten, want hoewel ik zelf  vierkant achter mijn eigen ingestuurde verhaal sta, weet ik het zeker:  Fantastels 2014 gaat een flinke kluif worden! En mijn verhaal dit jaar is qua sfeer en opzet wéér compleet anders dan vorige jaren, weer een experiment.  Het is dus afwachten hoe de jury erop reageert, en of mijn hart breekt als ze mijn verhaal niet waarderen. (spoiler alert: dat gaat totaal gebeuren, want ik heb weer eens flinke feels bij mijn verhaal).

En nu kan je honderd keer zeggen dat ik vorig jaar toch al gewonnen heb (en verder nog twee top-tien noteringen) en dus niets meer hoef te bewijzen, maar mijn sterrenbeeld is Leeuw en ik heb dus meer trots dan goed voor me is. Het is heel duaal. Ik ben supertrots op mijn vrienden en schrijfcollega’s die keihard gaan rocken in de lijsten, maar stiekem zou je bijna niet willen dat ze meedoen, want dat betekent dat de competitie alleen maar zwaarder wordt. Stom he? 😀

Nou ja, ik kan in ieder geval al zeggen dat de jury gaat GENIETEN dit jaar; want ik heb de beste verhalen al gelezen en ze zijn fantastisch. 🙂

En voor iedereen die onderdeel is van de competitie… have fun, schrijfze, trek je niets aan van de competitie, geniet van je proces… en we zien elkaar op de uitreiking in de lente! 😀

het is weer herfst, het schrijfseizoen!

September is weer voorbij, dus dat betekent dat er vanalles voor mij in het vooruitzicht ligt qua schrijven. In de zomer ben ik meestal snel afgeleid door mooi weer en sociaal doen met vrienden (de dodelijke combinatie van de World Cup en barbecues), maar in de herfst heb in van orgine heel veel inspiratie en focus. Ik denk dat het komt door NaNoWriMo in november, en Fantastels in oktober. Er is gewoon altijd zoveel te plotten, plannen en schrijven in deze tijd van het jaar!

Wat staat er voor deze herfst op de planning:
* Twee dagen FACTS in Gent, met mijn collega’s boeken verkopen en signeren bij de zuiderburen (leuk!)
* In oktober wil ik Stof en Schitteringen gaan vertalen in het Engels. De originele versie van het verhaal heb ik destijds (2006) in het Engels geschreven, maar ik dacht dat ik met dit verhaal meer kans op publicatie zou hebben in Nederland, dus ik heb het in 2011 vertaald en herschreven. Het slechte nieuws is dat ik nu dus weer terug mag vertalen, want die oude versie is door de vele revisies en verbeteringen niet meer bruikbaar. Het goede nieuws is dat ik sommige frases die op het altaar der vertaling gesneuveld zijn, nu weer kan terughalen. Hoera!
* In november, en dit is nieuws hier op mijn blog, wil ik me gaan focussen op de prequel die ik in gedachten heb in de Lentagon wereld. ‘Maar Kelly,’ hoor ik je vragen, ‘het was toch het Lentagon tweeluik?’
Dat klopt! En dat blijft het ook. Ik heb een verhaalopzet liggen voor een boek dat zich zo’n 50-60 jaar afspeelt vóór Stof en Schitteringen en Bloed en Scherven. Het gaat over het begin van de oorlog tussen Parsia en Jediah (en Surral), en wordt beschreven vanuit de ogen van opa en oma Lentan – en hoe die elkaar ontmoeten en hun levens met elkaar verstrengelen. Het is niet precies een liefdesverhaal, we houden het wel nog steeds in de actie. Ik heb nog geen titel voor dit project, alleen maar héél veel enthousiasme voor NaNoWriMo… het is al een hele tijd geleven dat ik met compleet nieuw materiaal aan de slag kon! Zo spannend! 😀

En wat staat er niet op de planning:
* Een verhaal voor Fantastels, want die is al af! Woei! Het is weer een lekker experimenteel verhaal – het concept is misschien niet heel erg origineel, maar de uitwerking ervan volgens mij wel. Ik ben benieuwd hoe hij het gaat doen, we gaan vanzelf wel zien wat de jury ervan vindt. Ik kan Fantastels 2013 toch niet meer toppen, dus we zien wel hoe ver we komen 🙂

metaredactie, heerlijk!

Ik heb goed nieuws, en ik heb wat minder goed nieuws. Het wat minder goede nieuws is dat ik helaas mijn korte verhaal voor de Paul Harland Prijs niet ga afkrijgen. Die deadline gaat hem niet meer worden. Ik heb inmiddels het grootste deel van het verhaal op papier staan (komen nog twee scenes bij) en ben best blij met de first draft, maar die 1 juli deadline wordt te krap. Dat wordt een Fantastels inzending dan… eigenlijk niet zo erg. Ik wil wel tijd om wat te polijsten; dit verhaal heeft potentieel.

Het goede nieuws is dat dit om een goede reden is; ik ben zo lekker bezig geweest met de feedback die terugkomt van “Bloed en Scherven” dat ik aan nieuwe dingen schrijven nauwelijks toegekomen ben! Mijn alpha lezers zijn geweldig! 🙂

Kleine aanpassingen, kromme zinnen, goeie vragen om verduidelijking, commentaar en reacties in de kantlijn… het is stiekem best heel erg leuk om met de feedback van proeflezers aan de slag te gaan. Er is niets fijners dan iemand een frisse blik op je verhaal die met je personages meeleeft en de juiste reacties heeft op wat jij bedoelde, of die een vraag stelt ‘waarom doen ze eigenlijk niet X, da’s toch veel logischer?’, of discussies over waarom personage Y een bepaalde morele beslissing neemt en wat JIJ gedaan zou hebben…

…en de verlossende reactie van twee kanten, die allebei aangeven dat ze “Stof en Schitteringen” een goed verhaal vonden, maar dat “Bloed en Scherven” nog véél beter is. Precies wat ik hoopte, want “Bloed” is opgezet om de payoff te zijn van “Stof”. En ik denk dat ik daarin iets goeds gedaan heb/aan het doen ben.

Ik ben zó aan het genieten! Ik heb nog een hoop te doen maar ik heb het gevoel alsof ik met dit verhaal de hele wereld aankan 😀

roze water

bowl-waterMocht je heel erg nieuwsgierig zijn naar “Roze Water”, het dystopische fantasyverhaal waarmee ik Fantastels 2013 won, dan kun je hem gaan lezen op Fantasywereld.nl.

Het verhaal kwam tot stand nadat ik op vakantie in Engeland afgelopen september wakker werd uit een heel heftige droom. Het had hele sterke, indringende beelden, alsof ik een film zat te kijken. En hoewel veel van de beelden en gebeurtenissen in deze droom het uiteindelijke verhaal niet eens gehaald hebben, waren een aantal concepten (de stad tijdens de plaag, de sfeer) en de personages (Reka, Zita en Denis) direct uit de droom gegrepen.

De originele titel was trouwens “Een handvol goud” maar uiteindelijk heb ik toch voor “Roze water” gekozen. Het gaat over morele dilemma’s, familie, en de dingen die je doet voor de veiligheid van de mensen die je liefhebt. Hoewel ik het concept van het verhaal zelf erg leuk vond, had ik nooit van mijn leven verwacht dat het verhaal het zo goed zou doen op Fantastels. Dit was om meerdere redenen:

1) Ik leef nog steeds in de veronderstelling dat het feit dat mensen mijn schrijfsels leuk vinden een toevalstreffer is.

2) Ik vind stiekem mijn verhaal “Rode lantaarns” van vorig jaar een beter verhaal, omdat het dichter bij mijn hart ligt.

3) Omdat ik “Roze water” heel kort op de Fantastels deadline heb geschreven, zaten er nog wat slordigheidjes in het verhaal.

Toen ik vervolgens die trofee in mijn handen kreeg wist ik van verbazing niet waar ik kruipen moest. En stom eigenlijk, want eigenlijk ben ik toch wel heel blij met hoe “Roze water” geworden is. Ik wilde een verhaal schrijven dat gevoelens in je loslaat, dat je doet afvragen wat JIJ zou doen in deze situatie, en dat bij je blijft als het al uit is. Het juryrapport van Fantastels leek aan te geven dat dit gelukt is. Daarom, toen Dave van Fantasywereld me benaderde om “Roze water” op hun website te delen, ging ik akkoord. Omdat ik dit verhaal graag wíl delen. Ik wil graag kijken of ik gevoelens in je kan losmaken. Meningen.

Laat je het me weten of dat zo is? 🙂

fantastels verhalenwedstrijd 2013

2014-04-06 22.03.03“En hoe voel je je nu?” vragen mensen me. “Had je het verwacht?”

Ik kan iedereen maar met een hele grote grijns aanstaren. Nee, ik had het niet verwacht. “Roze Water” als winnaar van Fantastels 2013? Als je me dat vorige week gezegd zou hebben, had ik je waarschijnlijk lachend weggewuifd. Ondanks dat ik na het schrijven erg blij was met de emotionele punch en het morele dillemma in het verhaal, had ik na het herlezen van de week opeens flinke twijfels. Er zaten echt nog wel wat slordigheidjes in; of in ieder geval zinnen die ik beter had kunnen schrijven. Het concept was heel gaaf, maar ik vond dat ik de uitwerking nog wel had kunnen verbeteren. Ik had eigenlijk gewoon nog een paar weken nodig gehad, maar het idee en de moed om het uit te schrijven kwamen maar heel kort voor de deadline.

Dus wat had ik verwacht? Ik hoopte top 50. “Getij” deed het vorig jaar ook ongeveer op die hoogte. Dit verhaal was beter, maar de concurrentie was ook moordend. 145 ingestuurde verhalen! Mijn Zilverbron collega’s Robert Bijman en Mara van Ness hadden verhalen ingestuurd, en Corina Onderstijn ook. Ik had de verhalen van Corina en Mara zelfs nog proefgelezen. (Corina’s verhaal was mijn favoriet. Niemand doet subtiele sfeerschetsen zo goed als zij).

En toen kregen we weer die zenuwslopende uitreiking, waarin met iedere slide van namen die langskomt waar jij niet tussen staat, je hartslag oploopt. Tegen de tijd dat we de tweede ronde bereikten en dus al 120 mensen achter ons gelaten hadden, schoot mijn hartslag weer boven de 150. Toen we de top 10 bereikten stierf ik duizend doden. En dan het gevoel van toen ik de achtste en de zevende plaats voorbij ging… verbetering van de vorige twee keren. In 2011 werd ik achtste, in 2012 werd ik zevende. En toen nummer zes, nummer vijf, nummer vier… toen was er alleen nog maar ongeloof en die woeste hoop en een “het zal toch niet…”

Toen Gerard van den Akker de nummer twee aankondigde en begon iets te zeggen over “Subtiliteit” en iets van een vloek, toen wist ik het. Dat was Corina’s verhaal, ik herkende de concepten en dat betekende dat ik de winnaar was.

Het staat er toch echt op die bokaal. Fantastels 2013, 1e prijs, Kelly van der Laan, Roze Water.

En wat een mooie bokaal! En de eer, knuffels van iedereen, trillende handen terwijl ik foto’s maakte van mijn bokaal, enthousiaste reactie van Cocky en Zilverbron… zulke lieve reacties via social media… wauw.

Ik leef in een droom, mensen. Mike Jansen, de winnaar van vorig jaar, wist me te melden dat de roes hiervan een week of twee duurt.

Da’s prima. Over twee weken komt “Stof en Schitteringen” uit. Ik hou deze high voorlopig nog wel even vast, hihi….

dus, nanowrimo

Ik zit een beetje te dubben of ik dit jaar wel meedoe aan Nanowrimo. Aan de ene kant heb ik dit jaar al een slordige 160K (!!!!!!) geschreven, dus het is niet alsof ik het nodig heb. Aan de andere kant is het wel een waanzinnig mooie gelegenheid om weer terug te keren naar mijn kristal wereld; in December begin ik als het goed is samen met Zilverbron aan de revisies van Stof en Schitteringen, en ik heb inmiddels een veel beter idee van hoe ik Bloed en Scherven (het vervolg) wil laten lopen.

Dus ik weet dat het een perfecte gelegenheid is om Bloed aan te pakken. Het nadeel is alleen dat dit de derde keer is dat ik het verhaal compleet overnieuw schrijf. En dan slaat de weerzin toe: gedachtes als ‘ugh, zoveel werk’ en ‘het wordt toch weer inadequaat’ zetten de rem op mijn zin op weer aan de slag te gaan.
Wat grappig is, want de vorige keer dat ik Bloed tackelde, had ik het verhaal in een week op papier staan. Dus de hoeveelheid werk kan het niet eens zijn. ZOVEEL moeite is het nou ook weer niet. Ik KAN het wel.

En dan de laatste rem nog: ‘maar ik zit helemaal met mijn hoofd niet bij Kristal’ – dat is de enige die écht waar is. Ja, in mijn hoofd zit ik nog bij mijn Fantastels verhaal en bij de League. Mijn tijd met mijn Fantastels verhaal en de laatste 10K voor Irina zijn me niet in de koude kleren gaan zitten.

Seamon, Sirka, Valeria en Joy (en ook Romain, die je gaat ontmoeten in Bloed) zijn op het moment als verre vrienden waarvan je al een tijd niets meer gehoord hebt. Warme herinneringen, maar niet BIJ je op dit moment.

Ach, ik moet het ook gewoon gaan doen. The only way to fail is not to write. Of, zoals mijn wallpaper heel hulpvaardig zegt: Stop fucking off. :’)