EDGE.ZERO – de beste verhalen van 2016

51u9zgzsz0l-_sx331_bo1204203200_Edge Zero is een initiatief van Peter Kaptein en Mike Jansen om de beste, meest spraakmakende en interessante verhalen van 2016 van Nederlandstalige schrijvers onder de aandacht van een zo groot mogelijk publiek te brengen. Schrijvers worden aangemoedigd om de verhalen die ze het afgelopen jaar naar verhalenwedstrijden ingezonden hebben, in te sturen naar Edge Zero; onafhankelijk van hoe goed ze het gedaan hebben. De Edge Zero jury/selectiecommissie kiest vervolgens via twee selectierondes de beste verhalen, die vervolgens gepubliceerd (en zelfs betaald!) worden.

Afgelopen lente vroeg Mike mij of ik plaats wilde nemen in de Edge Zero jury. “Lekker slush pile lezen,” zei hij nog, en ik dacht: dat doe ik wel even. Ahem. Such a sweet summer child I was. 😉

Edge Zero was mijn grote project van afgelopen zomer. Het kostte even wat meer tijd dan ik dacht, maar het was het wel waard. Er waren 139 verhalen ingestuurd, die in eerste instantie door een slush pile ronde heen moesten komen – en dan een tweede ronde, met een diepere beoordeling. De 20 beste verhalen kwamen in de bundel terecht.

Ik had ook een verhaal ingestuurd, (wat ik uiteraard niet zelf mocht beoordelen), maar die ga je helaas niet in de bundel vinden… hij is de eerste ronde doorgekomen maar heeft het niet tot de bundel gered. Boeh! Blijkt dat ik iets in het verhaal zag wat anderen er niet in zagen, maar niet iedereen heeft mijn goede smaak, blijkt maar weer. Nouja, volgende keer beter. 😉

Alle gepubliceerde auteurs: heel erg gefeliciteerd! Jullie verdienen het!! Er staan wat prachtverhalen tussen, dus ik raad iedereen zeker aan om te gaan lezen. De losse verhalen zijn te lezen op de Edge Zero website, maar je kunt de bundel ook kopen via Amazon.

Wat er niet op de Edge Zero website gepost is (tenminste, daar heb ik hem nog niet gezien, kan zijn dat ik een beetje scheel ben, sluit ik niet uit), is het voorwoord voor de verhalenbundel. Deze heb ik mogen schrijven. Ik heb heel lang zitten nadenken wat ik zou willen zeggen, want dit was mijn kans om iets in publiek te zeggen over “de staat van de Nederlandse genre literatuur”. Net als heel schrijvend Nederland, heb ook ik daar meningen over. Opgepast, een paar hele eerlijke en rake woorden hier. Ze komen recht uit mijn hart.

Er is de afgelopen jaren veel gezegd en geschreven over “de staat van de Nederlandse genreliteratuur”. Ieder jaar, in de lente, na de uitreiking van verhalenwedstrijden is er een jurylid, een inzender van korte verhalen, of een betrokkene, die in de pen klimt (of het toetsenbord) om een mening de wereld in te slingeren over hoe de Nederlandse markt voor Science Fiction, Fantasy en Horror erbij staat. (Alsof het een plantje is). Er wordt gekeken naar de internationale markt, naar de “grote namen”, en er wordt vergeleken. De vergelijking valt ieder jaar in ons nadeel uit. Ieder jaar wordt er dramatisch gezucht dat er geen kwaliteit in de Nederlandse (en Belgische) genreliteratuur te vinden is. Er is geen originaliteit, er is geen passie, er is niets baanbrekends. En laten we over de staat van de grammatica en het proza maar niet eens spreken.

Ik vraag me in dat geval af in hoeverre deze meningslingeraars deze verhalen daadwerkelijk gelezen hebben. Ja, natuurlijk zitten er een hoop verhalen tussen die niet goed genoeg zijn. De vuistregel is immers dat negentig procent van alles pure troep is. Maar die tien procent van de verhalen die wél goed zijn, die ruwe diamantjes die met een beetje liefde, proeflezen en redactie opgepoetst kunnen worden tot iets wat de lezers kan beroeren?

In veel gevallen zullen die nooit gezien worden. Soms sneuvelen ze in het peloton, omdat de juryleden nu eenmaal gruwelijk subjectief zijn, en smaken kunnen radicaal verschillen. Wat de een tot tranen roert kan de ander tenslotte compleet ijskoud laten. Soms redden de juweelverhalen het tot de top tien, maar blijft het verhaal vervolgens op de plank liggen omdat de auteur het niet publiceert.

De redenen zijn ontzettend uiteenlopend en het speelveld is zoveel breder dan de meesten denken. Als lid van de selectiecommissie van Edge Zero heb ik dit jaar een hoop verhalen onder ogen gekregen, meer dan ik als jurylid van Fantastels destijds ooit gelezen heb. Onder tijdsdruk en het mom van slushpile-lezen heb ik verhalen moeten afwijzen waar wellicht nog potentieel in zat. Helaas, want er kunnen maar zoveel verhalen in de bundel komen te staan. Het goede nieuws is dat ik die goede verhalen wel gezien heb. Er ís potentieel in de geesten en de toetsenborden van de Nederlandse en Belgische SF/F/H-schrijvers. Ik heb het gezien, en de mooiste verhalen van het afgelopen jaar zijn gebundeld in deze editie van Edge Zero. Nouja, subjectief gezien natuurlijk, want ook deze selectiecommissie is het met elkaar flink oneens geweest.

En nu vind je ze hier, in deze bundel. Neem eens de tijd om deze bloemlezing van fantastische verhalen te lezen, en wees lekker subjectief. Dat mag je zijn, als lezer. Als jurylid ook.

Maar laten we ons vooral ook focussen op de positieve punten, op initiatieven als Edge Zero. Laten we de staat van de Nederlandse en Vlaamse verbeeldingsliteratuur samen verbeteren, in plaats van ons af te spiegelen aan een markt die veel groter en volwassener is. Laten we schrijven, laten we lezen, laten we genieten. Laten we teruggaan naar de basis van de creatie en de verwondering en van daaruit sterker worden. Er is niets dat zegt dat we niet kunnen leren, dat we zelf niet in onze kracht kunnen staan en elkaar vooruit kunnen helpen. Door constructief commentaar te leveren, maar vooral ook door zelf te schrijven en de tijd te nemen om fantastische verhalen zoals die in deze bundel te lezen. Laten we hier beginnen. De organisatoren en selectiecommissie leden van Edge Zero hopen dat je zal genieten!

Dus. 😀

Advertenties

camp nanowrimo update

IMG_0029
Kelly anno 2004 (duidelijk nog een baby hier), op een camping in Valkenburg – schrijvend, omdat laptops meeleuren naar een tentencamping niet zo’n goed idee is. Maarja, wat moet je dan als je een goed verhaal idee hebt? Juist ja… notitieboekjes. Niet zo praktisch, dus! Het is een goed ding dat Camp Nano virtueel kamperen behelst… 😉

We zijn op dag 10 van Camp Nanowrimo. Ik zit in een virtuele ‘cabin’ met gezellige schrijfvriendinnetjes (en een schrijfvriend), en ik ben lekker aan het schrijven. Het gaat nog niet zo hard als ik zou willen, maar we zijn inmiddels bijna 8000 woorden verder (totale wordcount op het moment: 38K), en ik ben alweer lekker van mijn plot aan het afwijken en interessante details aan het bedenken die mijn verhaal verder tillen dan alleen een outline die uitgewerkt wordt.

Dat je dan gepland had dat Iris en Stefan een relatie zouden aangaan die niet bepaald over rozen ging door een valse start aan het begin – en dat ze vervolgens allebei smoorverliefd zijn en er geen speld tussen te krijgen is. Of dat ze de kristalmijn ingaan om kristal te halen en ze vervolgens gaan sightsee’en en de prachtigste dingen ontdekken. En Danira, die een wel ontzettend leuke manier heeft om niet te erg beïnvloed te worden door het kristal. Zulk soort dingen maken me domweg gewoon gelukkig; dit is waarom schrijven leuk is. Soms is schrijven het equivalent van kiezen trekken, maar soms is het ook het ontdekken van een wereld die misschien al ergens diep in je onderbewuste bestond, met al die sprankelende details en wereldbouw en persoonlijkheden. Dit is waarom ik het doe.

Help me hieraan herinneren als ik straks hopeloos in de knoei zit, alsjeblieft! 😉

camp nanowrimo

camp1Laten we meteen maar even met de deur in huis vallen: 30.000 woorden. Op dat wordcount bevindt Vuur en Verandering zich nu. Gaat best lekker, zou je zeggen, toch? Natuurlijk had ik al op het dubbele willen zitten, mijn doel was 1000 woorden per dag, maar voor wat het waard is, ben ik niet heel erg ontevreden. Ik ben ook op het punt aanbeland waar ik vorige keer stopte, dus vanaf nu ben ik niet meer aan het omgooien en herschrijven, maar vanaf nu komt er allemaal nieuw materiaal.

Dus, om een stok achter de schrijfdeur te houden, heb ik mezelf aangemeld voor Camp Nanowrimo. Even een mini-Nanowrimo om mezelf aan het produceren te krijgen en houden. Er zijn tenslotte deadlines te halen en ik wil dit verhaal nu écht een keer op papier schrijven. (De climax van dit verhaal wordt echt a-ma-zing en ik kan niet wachten tot ik die scenes uit kan schrijven!)

Ik heb net zoals de vorige twee maanden mijn wordcount op 30K gezet. Moet eigenlijk 31K zijn, aangezien juli 30 dagen heeft, maar ach. 😉 Mijn man gaat een weekje de deur uit, die gaat naar zijn ouders in Oostenrijk, dus ik heb het huis alleen. Om de eenzaamheid te verlichten, ga ik dan gewoon schrijven, is mijn doel. Bovendien heb ik een schrijfdagje met mijn vriendin Wendy ingepland, dus hopelijk kunnen we dan ook wat meters maken. Of ik kan een begin maken met dat korte verhaal idee dat ik al jaren in mijn hoofd heb zitten…. hmm…

Maar eerst: terug naar de slushpile van Edge-Zero. Er zijn verhalen die beoordeeld moeten worden!

elfia haarzuilens 2017 en het startschot

Afgelopen weekend was Elfia 2017 en wat hebben we gezwijnd met de weersomstandigheden! Ja, op de zaterdag was het fris als de zon verdween en op zondag stond er een venijnige wind, maar het is zo’n verbetering geweest – I’ll take what I can get! De verkopen waren weer prima, maar ook de gesprekken, de sfeer, de gezelligheid, de mooiverklede mensen… ja, zo’n beurs is ongelofelijk uitputtend want je maakt belachelijk lange dagen, maar het is het zo waard. Mijn Lentagonnetjes hebben allemaal nieuwe huisjes in Nederland (en België) gevonden, en ik heb aspirant-schrijvers kunnen aanmoedigen. En zoals altijd is het gewoon zo fijn om met Team Zilver in de stand te staan. Kijk maar 😀

 

Boeken, zonneschijn, bellenblaasbellen, en hele grote grijnzen. Good times 😀

En een van de dingen die ik aankondigde aan de mensen op het event is dat ik die maandag zou gaan beginnen met schrijven van boek vier. Of boek nul, wat je wil. Mijn plan was om in mei te gaan beginnen met versie drie van Vuur & Verandering, dus dat is wat ik de afgelopen week gedaan heb. Misschien dat ik ietwat afgeleid werd door het bijkijken van mijn tv-series (en man o man, wat ziet American Gods er goed uit, en wat is The Handmaid’s Tale prachtig en perfect deprimerend), en ben ik nog bezig om de laatste hand te leggen aan de redactie van Enkele reis Mars… maar ondanks dat staan de eerste zesduizend woorden en dus het eerste hoofdstuk maar mooi op papier. En da’s al meer dan ik eerst had.

We gaan lekker door!

vuur en verandering

download!Afgelopen Comic Con zat ik me op te vreten. Ik was zó dichtbij het vinden van een titel voor de prequel van de Lentagontrilogie, die het heel erg verdiende om een betere titel te krijgen dan ‘De Lentagon prequel’, maar het lag op het puntje van mijn tong en ik kon gewoon de juiste woorden niet vinden om de thema’s in het verhaal te omvatten.

De prequel van de Lentagon serie wordt een heel ander boek dan de andere Lentagon boeken. Waar die vol staan van cynisme, angst en juist vergankelijkheid, speelt dit boek zich zo’n zeventig jaar eerder af, in de technologische boom. Zoals wij de dot-com boom hadden, en de renaissance, is dit het verhaal waarin alles mogelijk lijkt. We staan op de vooravond van doorbraken, alles lijkt mogelijk. De wereld staat op de punt van een intense transformatie, dit is waar alles begint… dat gevoel gaat doorzingen in het hele verhaal. Maar hoe omvat je dat in de titel?

Nou, zo dus. De titel van de Lentagon prequel gaat ‘Vuur & verandering’ worden. Het kostte even, maar dit wordt ‘em. Hoera! Nu heb ik een naam om aan te refereren als ik erover vertel, erg fijn. En dat gaat binnenkort meer worden, want ik ga vanaf mei (als het wat rustiger wordt qua redactiewerkzaamheden voor Zilverspoort) weer schrijven. Het gaat beginnen! 😀

Dus om dat te vieren, omdat het Pasen is, en gewoon omdat het kan, wil ik bij deze een kortverhaal met jullie delen. Het is zo’n beetje de prequel van de prequel…. zo’n 95 jaar vóór de start van Stof & Schitteringen, en het is een kijkje in het vreemde talentgebaseerde caste-systeem van Jediah. En het is de origin-story van Stefan, een van de hoofdpersonen in het verhaal.

Interesse? HIER kun je hem vinden. En natuurlijk ook op de Downloads pagina.

Veel leesplezier!

fantastels verhalenwedstrijd 2016

IMG_20170402_150950Afgelopen weekend was Fantastels Verhalenwedstrijd 2016. Zoals jullie wel weten, ben ik een soort van ambassadeur voor de wedstrijd: na vier top 10 noteringen (en een winst) heb ik vorig jaar als jurylid mogen fungeren, wat ik echt heel erg leuk vond om te doen. Ik miste echter het schrijven en meedoen, dus voor 2016 ben ik weer in mijn metaforische pen geklommen en heb ik een verhaal ingezonden.

‘Uitgangen’ vond ik persoonlijk een van mijn beste werken – rauw, edgy, en een tikkeltje controversieel wat betreft het einde. De laatste duizend woorden heb ik geprobeerd om zowel beklemmend als tamelijk afschuwelijk neer te zetten. In tegenstelling tot andere jaren vond ik dit verhaal niet alleen op het moment van inzenden leuk, maar zelfs zo vlak voor de uitreiking. Ik had goede hoop!

Zal je net zien natuurlijk dat je op de rand van de tweede ronde struikelt. Het verhaal werd 28e. Waar het ene jurylid ermee wegliep (dank je wel voor je lovende woorden, Roos), vond het andere jurylid het einde te open, te depressief (boeh, Django, boeh!). En zo struikel je net in het peloton. Zo verdomde jammer. Ik baal er een beetje van, want dit verhaal is een van mijn favorieten.

Maarja, zo kan het verkeren natuurlijk. Ieder jaar daag ik mezelf uit om iets te schrijven dat origineel is, fris, experimenteel, en vooral ook iets wat ik nog nooit eerder gedaan heb. Juist omdat ik crazy shit in mijn verhalen doe, is daar altijd de mogelijkheid dat daar in de voorronde niet positief op gereageerd wordt. En aangezien je in de eerste ronde maar twee juryleden hebt die je verhaal beoordelen, is de kans aanzienlijk dat het niet lukt. In voorgaande jaren heb ik mazzel gehad… dit jaar duidelijk niet. Heel jammer.

Gelukkig was het wel nog steeds een hele leuke dag. Mijn vriendin Wendy Torenvliet schopte het met haar verhaal ‘Donkere Wolken’ namelijk maarliefst tot de 5e (!!) plaats (dus ik mag weer een I told you so zeggen, en wat trots putten uit het feit dat ik dit verhaal heb mogen redigeren, proeflezen en aanmoedigen), en ik mocht een praatje houden op het podium over hoe je een verhalenwedstrijd wint en wat het met je doet, en de dag was weer prima geregeld natuurlijk! Gefeliciteerd aan alle winnaars, het is jullie gegund!!

Fantastels is niets dan integriteit, enthousiasme, aanmoediging voor schrijvers en passie voor het vak. Een juweeltje voor het fantasygenre, en ik hoop dat het nog vele jaren blijft bestaan. In ieder geval volgend jaar nog, want ik plan natuurlijk revanche.

En ‘Uitgangen’? Nou, ik hoor dat Edge.Zero nog coole verhalen zoekt…

het begint weer te jeuken

Man, wat ben ik lang stil geweest. Sorry! Het heeft wel een reden hoor, het schrijven heeft bij mij ook een lange tijd stil gelegen. Ik ben wel druk geweest met het redigeren en proeflezen van andere (hele gave) boeken, maar daar kan ik eigenlijk niet zo veel over melden, behalve dat het heel erg leuk en intens is om te doen.

Maar eindelijk, de afgelopen weken begint het weer te jeuken. Ik heb de Lentagon prequel in november laten liggen omdat het niet lekker voelde. Ondanks dat ik heel enthousiast ben over mijn centrale conflict, was ik niet blij met mijn personages, en als een character-driven schrijver is dat zo ongeveer het belangrijkste wat een verhaal heeft. Dus ik vrees dat die 30K die ik geschreven heb in november weer linea recta het raam uit kan (….zucht….). Het goede nieuws is echter dat wat ik in de plaats hiervoor bedacht heb, me veel beter ligt. Ik ben zo blij met deze personages dat ik zin heb om er kleine verhalen over te schrijven – dingen uit hun leven die het verhaal niet gaan halen, maar die te leuk zijn om niet over na te denken. Ik ben weer aan het character builden! Hoera! 😀

Trouwens, hadden jullie meegekregen dat Talent en Kristal een van de boeken is die is genomineerd voor de Bastaard Award? Meer informatie vind je hier – en hier kun je ook stemmen. Als niet voor mij, dan wel een voor de andere geweldige boeken op de shortlist.

En als klap op de vuurpijl zijn mijn man en ik vandaag naar de Mineralenbeurs in Rijswijk geweest en heb ik een nieuwe Lentagon voor mezelf gekocht. Een kleintje maar, want die dingen zijn bepaald niet goedkoop. Misschien maar beter ook 😉

16665588_10154864430095211_6717044396195312126_o

 

over rebound personages en hechtingsproblemen

Afgelopen weekend stond ik op Retro-Con met mijn lieve collega schrijvers. Uiteraard hadden we de tijd om tussen de boekenverkoop en het signeren door de tijd om lekker met elkaar bij te kletsen. Joris vertelde dat hij super lekker gaat met het schrijven van zijn nieuwe boek (goed man, ik kijk er al naar uit om hem te lezen!), maar ik moest toegeven dat het bij mij niet zo lekker gaat als ik wilde.

Even uitgaande dat de reguliere redenen (ik heb het super druk op mijn werk, en ik ben daarnaast ook nog druk bezig met mijn eerste officiële redactie job van het tweede boek van Gaby Raaymakers, Elins Keuze – wat wordt hij leuk!), dan is er eigenlijk ook nog iets anders wat me een beetje dwars zit, en dat is dat ik mijn draai niet kan vinden met mijn nieuwe personages. Ze zijn nieuw, ik ken ze nog niet goed genoeg, ze zijn een stuk introverter dan mijn vorige cast, en ik heb echt moeite om ze aan het praten te krijgen. Ik mis mijn vorige cast een beetje, die ik blind in een situatie kon neerzetten en die reageerden, praatten en dachten zonder enig filter richting mij als schrijver. Die connectie was zo sterk en intens dat ik me nooit zorgen hoefde te maken over wat de personages zouden doen. Die babbelden wel met me. Het is alsof deze mensen – lief en leuk als ze zijn – dat nog niet doen.

“Oh,” reageerde Joris op mijn uitleg, “dus eigenlijk zijn dit een beetje rebound personages!”

En dat is het precies. Het is een beetje alsof je vorige relatie beëindigd is en je al een nieuwe relatie gestart bent, maar je nog niet helemaal over je vorige liefde heen bent. Stiekem is de relatie met de nieuwe persoon waarmee je bent toch wat moeizamer, er is nog geen vertrouwen, je moet elkaar nog ontdekken — en diep van binnen blijf je toch vergelijken met de vorige persoon.

Tel daar nog eens mee op dat ik mezelf op het moment midden in de fase van het woordenaantal zit dat ik meestal een gezonde weerzin voor mijn verhaal heb (dat wordt meestal na 35000 woorden beter, en ik zit nu op de 30K), en je hebt een mooi recept voor het stroef verlopen van mijn schrijfproces. Tja. Nanowrimo is hem dit jaar dus niet geworden. Het is wel goed geweest voor 30K aan woorden die ik daarvoor niet had, dus ik ben niet ontevreden, het is nog steeds een mooie output, maar die 50 is helaas onmogelijk… voor het eerst in 15 jaar. Bleh.

DSC_1568.JPG
de post-it methode! ziehier een overzicht van het plot van boek 4, hopelijk niet precies leesbaar want hij staat vol met spoilers 😉

Maar, ogen op de horizon, wat gaan we er aan doen?

  1. Even het verhaal laten rusten, het dan van begin tot einde in 1x doorlezen
  2. Een band opbouwen met mijn nieuwe personages – lekker gaan zitten met character sheets, desnoods wat fluff schrijven om ze beter te leren kennen
  3. Dan SCHRIJVEN! Het doel is om mezelf langs die 35K en verder persen – ik heb vorige week geoutlined met de post-it methode, en dat hielp al heel erg. Ik heb 8 hoofdstukken gehad, ongeveer nog 17 te gaan, en ik weet nu wat er in ieder hoofdstuk moet gebeuren.

Met kaders, een leuke cast met personages, en een supergaaf plot zou het straks helemaal goed moeten komen. Maar eerst even rustig aan doen. Kwaliteit kost soms een beetje tijd!

 

 

iets over ketels en druk erop

crystal_cave_by_nerkin-d7g3jwa

Ik heb sinds 2002 ieder jaar meegedaan aan Nanowrimo en heb het, ondanks omstandigheden, ook daadwerkelijk ieder jaar gewonnen. (Dat zijn dus 14 overwinningen; ik moest het net op mijn handen uittellen want ik ben al eeuwen de tel kwijt) Vaak nog op mijn sloffen, ook. Ik heb geproduceerd terwijl ik op vliegvelden zat, op hotelkamers, in treinen, tijdens lunchpauzes, in dat ene kwartiertje voordat ik ’s morgens de deur uit moest. Het is me altijd gelukt, als student met een bijbaan, maar ook tijdens 40-urige werkweken.

Dit jaar is mijn vijftiende jaar en ik denk dat ik dit jaar de druk gewoon een beetje te veel vind. Mijn baan is zijn best aan het doen om mijn kont echt keihard te schoppen en ik heb de mentale energie er gewoon niet voor om iedere avond te gaan zitten en knallen. En dan raak je achterop, wat uiteraard mijn eer te na is, en dan raak je gedemotiveerd.

Ik kan niet heel erg klagen hoor, ik heb er inmiddels al een comfortabele 20K van de 50 op zitten, dus zó ver loop ik nou ook weer niet achter. Ook omdat ik volgende week heerlijk een weekje vrij heb, dus dan kan ik weer hartstikke in lopen. Maar dat schrijven ’s avonds, na mijn werk? Ik trek het gewoon niet.

Dus weet je; ik laat het 50K concept gewoon varen. Misschien haal ik het alsnog deze maand, dat zou heel goed toch nog kunnen, als ik gewoon de ruimte heb om op mijn eigen tempo te kunnen schrijven. Ik heb een leuk verhaal, ik zou graag willen genieten van het ontdekken van mijn verhaallijn en het leren kennen van mijn personages, want het is zo leuk allemaal. Maar als je emotioneel op je tandvlees loopt, dan krijg je nergens lol in. En dat is eeuwig zonde. Bovendien, wat heb ik nou nog te bewijzen wat Nanowrimo betreft, na veertien overwinningen? Dat ik een boek kan schrijven? Joh, volgens mij had de wereld dat inmiddels wel door. 😉 Die extra deadline en stress gaat me alleen maar opfokken, dus ik laat hem gaan. Ik loop mijn eigen wedstrijd wel.

Vanavond ga ik dus lekker in bad zitten en even chillen. Ik vind dat ik het verdiend heb. 🙂

50K binnen, maar we blijven schrijven

NaNo-2015-Winner-Banner.jpg

Net zoals vorig jaar was 23 november de grote dag dat ik 50.000 woorden binnensleepte. Eigenlijk natuurlijk niet helemaal eerlijk, want het was niet 50K maar 110K – ik had in september en oktober al 60.000 woorden geschreven. Dus hoewel ik nu een prachtig winnersembleem heb, is het nog niet klaar.

Het verhaal is nog niet af; ik zit middenin de eindconfrontatie. 112K staat er nu op de teller – ik denk dat ik de 120-125K wel ga bereiken (eerst de eindconfrontatie afmaken, en dan het denouement nog… ja dat redden we wel).

Wat echt een absoluut record gaat zijn, en dus zal twee dingen zal betekenen: 1) Talent wordt langer dan de andere twee boeken, en 2) ik mag voor het eerst echt gaan schrappen in plaats van bijschrijven. Een compleet nieuwe ervaring!

Waarom is dit verhaal nu zoveel langer? Ik dacht eigenlijk dat ik gewoon veel te veel had zitten wauwelen terwijl ik het verhaal aan mezelf probeerde te vertellen, maar toen ik gisteren mijn man aan het updaten was van wat er allemaal in mijn plot gebeurd was, realiseerde ik me dat er stiekem best ambitieus veel de revue passeert. Misschien kunnen sommige scènes eruit, maar er gebeurt in ieder geval zat in het verhaal.

Vooral nu. Precies nu, zeg maar. Het is super spannend en intens en dramatisch op het moment, dus het is tijd om weer verder te gaan.

Ik ga weer schrijven. Wens me succes?