dit is wel moeilijk, hoor

Nee, niet Nanowrimo. Dat gaat inmiddels best aardig. Alle achterstanden die ik had, heb ik inmiddels ingelopen en ik zit na 15 dagen op een comfortabele 30K en een gemiddelde van 2K per dag. Ik heb volgende week de hele week vrij, dus alle tijd van de wereld om het verhaal af te schrijven; ik heb alles klaar staan voor de eindconfrontatie, dus de aankomende 20K gaat het lekker knallen. Qua schrijven gaat het stiekem toch best heerlijk op rolletjes, ookal is het overduidelijk een first draft en ben ik logistiek aan het goochelen om alles te laten lukken en de geloofwaardigheid op een hoog (genoeg) niveau te houden. Dat is niet moeilijker dan normaal.

Wat er moeilijk is, is dat dit boek letterlijk Talent en Terreur als werktitel heeft, en dat de belangrijkste thema’s zich centreren om dingen als: hoe ver ga je voor je vrijheid? ga je over lijken om een betere wereld te creëren? zou je over lijken gaan om een oorlog te voorkomen? wanneer ben je een moordenaar en wanneer ben je een vrijheidsvechter? tussen alle vechtende partijen, wie heeft er eigenlijk gelijk?

Mijn boek speelt zich voor een groot deel af bij een terroristische organisatie genaamd de Jonge Radicalen en die zijn geen lieverdjes. Nu is niemand dat, in deze wereld – en de oorlogszuchtigheid van de strijdende partijen is geen toeval ofzo. Het is eigenlijk een aanklacht tegen wat er op dit moment gaande is in de wereld. Haatzaaien, racisme, angst opwekken, terrorisme, de oorlog tegen terrorisme, corruptie… dat dus. Die thema’s kwamen in de vorige boeken al naar voren, maar komen tot een echt conflict in dit boek.

En dan zie je zulke dingen gebeuren als in Parijs en Beiroet en Syrië en dat klapt er toch wel keihard in, hoor.  Ik voel me er absoluut niet lekker bij en het zit me flink dwars.  (Genoeg dat ik echt ga twijfelen aan de titel van mijn boek, bijvoorbeeld. Kan dit wel? Is dit wel respectvol?) Ik ga in dit boek dus best heel diep in mijn eigen ideologieën en mijn hart, heel anders dan in Bloed en Scherven… en het is moeilijk. Maar ik voel wel dat dit verhaal verteld moet worden, dus ik zet het door. Ik hoop dat ik de intensiteit van mijn gevoelens en mijn hoop voor een betere wereld een beetje vorm kan geven, dat ik het op een integere manier aan jullie over kan brengen.

Vingers gekruist.

Advertenties

nanowrimo dag 4

NaNo-2015-Participant-BannerZo, dat was 10K. Om precies te zijn 10.409 woorden zelfs.  Ik zit op een steady ritme van ongeveer 2500 woorden en het is eigenlijk grappig – dit is voor mijn doen waanzinnig traag. Meestal heb ik om deze tijd al 15-20K in de pocket. Maar ja, dit keer valt Nanowrimo een beetje rot en ben ik aan het worstelen met een plot dat al loopt, dus het schrijven is bij tijd en wijle alsof je door dikke stront aan het waden bent.

Maar het wordt wel weer beter gemaakt door die onverwachte juweeltjes die je tussen de drek vindt, die er zomaar uit komen, zonder dat je ze gepland hebt. Een opmerking, een actie van een personage, een frase die je opeens tot recht in je hart raakt. Dit is wat Nanowrimo het ploeteren waard maakt… wat schrijven de moeite waard maakt. En wat me soms doet denken dat Talent en terreur in de 1.2 versie toch niet de dampende hoop met uitwerpselen is waarvan ik steeds denk dat het dat is.

Ik weet dat ik mezelf voor moet houden dat het beter wordt in de redactie en dat de eerste versie niet perfect moet zijn, alleen maar geschréven, maar jongens, het is ploeteren hoor. Mijn inner editor is flink luid de afgelopen weken.

Echter, het is Nanowrimo, dus hij moet maar even zijn kop houden. Ik zie hem wel weer in de redactieronde. Voor nu is het voorwaarts!

nanowrimo dag 1

NaNo-2015-Participant-BannerOfficieel is dit de eerste dag van Nanowrimo en ik sta aangemeld op de website, maar eigenlijk ben ik niet écht aan het meedoen. De bedoeling van Nanowrimo is namelijk dat je een volledig nieuw project gaat uitschrijven tijdens de maand van november, maar ik héb al een project waar ik mee bezig ben… en ik wil Nanowrimo gebruiken om mezelf een extra 50K boost te geven.

Je kunt het eigenlijk zien als een soort marathon die ik aan het lopen ben met Talent en terreur; ik zat al op 60K, en om mezelf naar 110K te krijgen ben ik mezelf nu harder aan het pushen. Mijn doel was om iedere dag 1000 woorden te schrijven en daar hield ik me aardig aan – de 60K in twee maanden zijn daar testament aan – en nu in November wordt mijn doel gewoon verdubbeld. Officieel zegt Nanowrimo dat je 1667 woorden per dag aan kan houden, maar ik schrijf graag met een buffer, zodat je niet achter komt te lopen als je een keertje onvoorziene omstandigheden hebt (ziek, moe, etc). Even de pas verhogen, dus!

Echter, om het mezelf moeilijker te maken struikelde ik van de week over een logistiek punt in mijn plot dat nogal een staak tussen de wielen van mijn vrolijk voorthobbelende plot knalde. En het klopt, ik móét hier iets mee. De gevolgen echter… *zucht*

Vanochtend onder de douche heb ik besloten hoe ik dit op kan lossen, maar het geeft me wel een extra subplot wat uitgewerkt moet worden en het boek tegelijkertijd gaat verlengen en verrijken. Oh, en me compleet van het pad afrukt dat ik met mijn plot had geplaveid. Een detour, neem ik aan. De panoramische route. Nouja, dat is Nanowrimo voor, neem ik aan. De eerste versie hoeft niet perfect te zijn… alleen maar geschréven.

Dag 1 was goed voor 3500 woorden, al dan niet met de hulp van de Write Or Die website. Op naar de 5K, en dan langzamerhand naar de 50K.
Hier is het bewijs:

schrijfinstincten en het proces

Het meeste van mijn schrijfsels komen er tijdens Nanowrimo uit, wat betekent dat die verschrikkelijke ‘first drafts’ die de herstructurering van mijn plot maar half overleven, er doorgaans in één keer tijdens een schrijfmarathon van drie weken uitkomen. November is mijn schrijfmaand en de rest van het jaar ben ik aan het redigeren, herschrijven en aanpassen. Na dertien Nanowrimo ervaringen (en overwinningen) is het een soort Pavlov reactie geworden dat mijn inspiratie in het najaar begint te stromen en dat mijn motivatie in november een hoogtepunt bereikt.

Dat maakt Talent en Terreur dan direct een vreemde eend in de bijt, want die ben ik begonnen te schrijven in april/mei. Ik ben tot 27K gekomen, heb kritisch naar mijn plot gekeken, en heb het vervolgens door de plee getrokken. Hoewel ik heel blij was met bepaalde scenes en concepten, werkte de logistiek voor geen meter. Schrijven is schrappen, maar 27K schrappen doet PIJN. Het torpederen van je plot werkt nogal verlammend.

Daarna kwam daar de laatste redactie en de plotselinge release van Bloed en Scherven nog bovenop – dus de orde van alledag wist mijn verlamming maar moeilijk te verbreken. Maarja, met een beoogde releasedatum op Castlefest 2016 zit ik nu wel met een deadline. Daar komt nog eens bovenop dat ik vanaf november heel druk ga zijn met het lezen van alle verhalen voor Fantastels. Ik hoor van alle juryleden dat ik het werk dat komt kijken bij Fantastels jureren niet moet onderschatten, dus daar moet ik echt voldoende tijd voor inplannen.

En als je dan je first draft voor het einde van het jaar af wil hebben, dan blijft er nog maar best weinig tijd over. Dus eind augustus ben ik gaan zitten voor mijn plot en heb ik het geherstructureerd tot iets wat best heel aardig stond, en in september ben ik eerst die door-de-plee-gespoelde 27K gaan herschrijven tot iets wat bruikbaar was… en in oktober ben ik bezig gaan met volledig nieuw materiaal. Ik zit nu op 42K in totaal. Dat is verre van een slecht totaal, maar ik ben Nanowrimo gewend en ik voel me alsof ik langzaam schrijf – iedere avond dat ik niet schrijf voel ik me schuldig, alsof ik aan Nano meedoe. Ugh!

Het is oktober, vertel ik mezelf constant. Het is niet Nanowrimo; ik doe dit jaar niet mee want ik ben bezig met een bestaande roman. Als een echte schrijver met echte deadlines. Nano is helemaal geen ding dit jaar. Ik kan steady as she goes schrijven, zolang ik aan het einde van het jaar maar grofweg 90-100K op papier heb staan. En met het tempo waarop ik ga, is dat gemakkelijk te behapstukken. (Ik heb in november zelfs nog een week vrij genomen om gewoon lekker te kunnen schrijven).

Maar die instincten, hè, die willen harder, rennen, vliegen, knallen! Stom is dat.

42K dus, en dan maar verder. Misschien moet ik me toch maar aanmelden aan Nanowrimo, om die instincten ook hun lolletje te geven. Wat vinden jullie?

vergankelijkheid en nanowrimo

NaNoWriMo 2014 is in de pocket. Ik heb het voor de dertiende keer (!) gehaald, hoera! Het was dit keer even bikkelen, omdat mijn ‘real life’ constant inbrak op mijn schrijftijd die ik normaal in november zo goed open kan houden… maar ondanks een vakantie in Engeland, een werktrip naar Praag, een paar krankzinnig drukke werkweken en een lichaam dat opeens zei: ‘Kappen nu Kel, je bent jezelf voorbijgelopen’, is het toch gelukt.

Ik heb me bijna de hele tijd aan die 2K per dag kunnen houden en was uiteindelijk dus op dag 23 klaar met NaNoWriMo, hoewel mijn verhaal nog lang niet af is. Ik denk dat ik netaan op 50-60% zit, dus er is nog zat te doen… maar vanaf nu op mijn eigen tempo, met wat minder druk.

Om het te vieren, twee kleine kadootjes:

1) Een sneak preview van mijn personages Nathan Lentan en Dannil Surong – in een conversatie die opeens de bom dropte waarin het thema van het verhaal genoemd werd:

Dannil glimlachte scheef. “Maar ben je ooit wel eens bang geweest dat Parsia jullie écht aan zou vallen?”

Ik dacht even na. “Parsia? Nee. Maar eigenlijk ben ik nooit voor wie dan ook bang geweest.”

“Precies. Daarom doen jullie die kanja in Surral ook; omdat jullie denken dat jullie ermee wegkomen. Omdat jullie toch niet teruggepakt gaan worden.”

“Denken we.”

Dannil haalde zijn schouders op en keek een beetje triest terwijl hij een warme trui in zijn koffer gooide. “Alles is vergankelijk.”

(context: Dannil is Surralisch, de ‘ik’ persoon Nathan is Jediaans, ‘kanja’ is Surralisch voor ‘stront’)

2) Dit is een van de twee liedjes die me inspireerde om vergankelijkheid in dit verhaal een thema te maken:

(context: dit is van dezelfde artiest als “Red Paper Lanterns”. Het is heel lieflijk en melodieus, en in tegenstelling tot het ándere liedje dat me inspireerde – “Ephemeral” van Insomnium – helemaal niet metal. Maak je geen zorgen!)

dus, hoe gaat het nu?

November (en dus Nanowrimo) zijn alweer half voorbij! Als je Fantasyboeken.org leest en mijn gastblog daar gezien hebt, dan heb je al een beetje een indruk gekregen van mijn ervaringen met Nanowrimo dit jaar. In tegenstelling tot andere jaren heb ik het dit jaar best zwaar. Normaal ben ik namelijk rond deze tijd van de maand al gewoon klaar met mijn verhaal; dit jaar zit ik middenin die verschrikkelijke periode tussen 25000 en 35000 woorden waarin het lijkt dat het verhaal nergens naartoe gaat en ik nog mijlenver verwijderd lijk van het deel van het verhaal waar alles samenkomt tijdens de climax.

En hoewel ik weet dat ik áltijd last heb van die 25K-35K hobbel, lijkt de situatie nu best uitzichtsloos, waarschijnlijk ook omdat Vuur en Vergankelijkheid best een zogenoemde slow burner is vergelijken bij mijn andere verhalen. Hoewel ik de weg naar het conflict fijn aan het plaveien ben, zijn mijn personages eigenlijk op het moment nog veel te druk bezig met elkaar te versieren om zich druk te maken over een kristalcrisis in Surral. Daar ben ik blijkbaar niet aan gewend, haha 😀

Dus, om mezelf te motiveren, laten we nu even de dingen benoemen waar ik na 31K wél blij mee ben:
– Dat ik, ondanks een vakantie in Engeland en een werktrip naar Praag tot 31K heb weten te komen. Ik heb meer geschreven dan ik dacht.
– Mijn personages! Nathan, Dannil en Iris zijn fijn om mee om te gaan. Voordat ik ging schrijven had ik Dannil heel goed in mijn hoofd, maar ik was bang dat ik de stemmen van Nathan en Iris niet zou kunnen vinden. Die angsten zijn volledig ongegrond.
– De romantiek. Volgens mij – maar dat weet ik niet zeker, want ik zit er middenin – ben ik de opbloeiende romance niet aan het verpesten. Het is een uitdaging om een opbloeiende, niet-dysfunctionele romance te schrijven, want ik heb het nog nooit eerder gedaan (wat, dacht je dat Joy en Seamon een gezonde relatie hadden? wat mij betreft niet) …maar wel heel erg leuk!
– Ik ben nog steeds heel erg blij met de titel, maar daar ga ik binnenkort een andere blogpost aan wijden. 🙂

….En dan nu: schrijven! Nog even een slordige 4K en dan ben ik over die nare hobbel heen. Dan kan ik naar het conflict in Surral toe. Komop Kelly, gewoon doen, gewoon schrijven! The only way to fail is not to write. *kraakt knokkels*

Aanmoedigingen in de reacties worden zeer gewaardeerd ❤

inspiratie voor nanowrimo

10687117_10152612541999299_6204440739000161855_nAfgelopen zomer heb ik “Bloed en Scherven” aan een aantal van mijn vrienden gegeven, zodat ze de alpha versie van het boek konden doorlezen en er commentaar op konden leveren. Het proeflezen is een belangrijk onderdeel van mijn schrijfproces. Misschien komt er ooit een dag dat ik dit niet meer doe, maar voorlopig zal dit altijd een ding blijven. Simpelweg omdat ik zo veel geniet van het uitwisselen van ideeën over mijn verhaal; een stukje creativiteit dat loskomt als je samen met een ander persoon aan het brainstormen bent. Heerlijk vind ik dat. Soms laat ik de opmerkingen van de proeflezer naast me liggen, en soms… heel soms… dan krijg ik er Ideeën van. Met een hoofdletter I.

Een belangrijk deel van het plot “Bloed en Scherven” wordt gevoed door de soms-koude-soms-hete (en nu dus weer hete) oorlog tussen Parsia en Jediah. Mijn vriendin Kat vroeg me: hoe is dat conflict destijds ontstaan?

Ik antwoordde haar dat het voor het verhaal niet uitmaakte, net zoals al die oude conflicten die je overal ter wereld ziet. Door jaren, decennia, soms zelfs eeuwen haat en wantrouwen te recyclen, maakt het niet meer uit wie er destijds ‘begonnen’ is. Beide naties, beide groepen inwoners van deze landen zijn even schuldig. Iedereen heeft meegewerkt aan de tragedie die erop volgde.

Maar zij wilde het weten. Wie is er begonnen? Hoe is dit ontstaan?

En ja hoor, daar ging ik. Ik ben gaan nadenken over het ‘ontstaan’ van het conflict.  Ja, Jediah en Parsia zijn altijd al economisch en technologisch competitief geweest. Ze hebben nooit harmonieus samengeleefd. Maar wat veroorzaakte nu de oorlog? Waarom is het tot schieten en bombarderen gekomen? Het lijkt erop dat het antwoord op deze vraag in Surral ligt, en daarom gaat dit verhaal zich voor een vrij groot deel in Surral afspelen.

Wat betreft de personages; daar had ik al jaren een vagelijk plotidee voor liggen; ik wilde al jaren iets doen met opa en oma Lentan – hoe is het zo gekomen dat opa Lentan in Parsia terechtgekomen is, en een gezinnetje stichtte met een Parsiaanse? Wat lag ten grondslag aan die relatie? Nou, die twee concepten heb ik gecombineerd. Ja, we ontmoeten opa en oma Lentan. Ja, we zien het begin van de oorlog. Wordt het een klassiek liefdesverhaal? Bepaald niet. Ik ga heel veel lol hebben met de personages in dit verhaal. Rebelse Iris (Seamon heeft zijn passie en zijn politieke inslag van zijn oma), Nathan met zijn verleden in Jediah, en dan is er ook nog Dannil, het Surralische genie die we in de mix gooien. De werktitel van het verhaal is Vuur en Vergankelijkheid.

Ik ga er tijdens Nanowrimo mee aan de slag – ik kan niet wachten.

 

(Doe jij ook mee met Nanowrimo? Zoek me daar op, mijn accountnaam is Lanfir Leah!)