Algemeen·gewoon doorgaan·Hemelbreuk·plotten·Schrijven

een nieuw hoofdstuk

best inspirerend, zo’n parasol/zwembad combinatie!

Afgelopen augustus kwam De waarde van bloed uit, en daarmee sloot ik een hoofdstuk af van mijn schrijfcarriere; het einde van de Paraiso serie. Het gevoel van het afmaken van een serie was extreem onwerkelijk, want ik had zo lang aan dit project gewerkt (met een verhalenbundel Zwanenzang tussendoor, plus nog een stapel aan losse korte verhalen voor wedstrijden en bundelinitiatieven en gewoon, voor de lol, wat fanfictie) dat ik nu aan het einde van de weg stond en een heel overweldigend gevoel had van “OK maar wat nu dan?”

En dat gevoel heb ik niet vaak gehad. Na het afronden van de Lentagon trilogie in 2016 wist ik meteen dat ik een prequel wilde schrijven, dus Vuur & Vergankelijkheid was de natuurlijke opvolger. En zelfs toen die uitkwam in de zomer van 2018 had ik het idee voor Paraiso al op de plank liggen, dus ik wist al hoe ik door wilde. Natuurlijk kwam er vanalles tussendoor – een kleine schrijf burnout, COVID – maar ik had altijd, altijd, altijd een beeld van hoe de toekomst eruit zou zien.

En nu was dat niet het geval. Nu had ik niets.

Nouja, dat is niet helemáál waar… ik had een oud idee op de plank liggen waaraan ik mee aan de slag kon gaan, maar dat zou meteen een langere serie betekenen en daar had ik eigenlijk niet zo’n zin in? Hij is best heel ambitieus, dat idee. Met een verregaande wereldbouw, achtergronden, goden, dimensies – het zou een beetje een epos worden. En hoewel het idee best potentie heeft om mooi te worden, zie ik het nu nog niet echt zitten om eraan te beginnen. Het idee ligt al op de plank sinds 2010 met een reden, denk ik 😀

Dus dan komen we terug op de “OK wat nu dan?” Want ik wil natuurlijk door. Schrijven is altijd al een jeuk in mijn brein geweest, maar ik heb niet zo vaak echt Grote Ideeën met potentie. De meeste van die mijn ideeën zijn meer geschikt voor korte verhalen, omdat dat concepten zijn die ik wil onderzoeken, of vibes waar ik in wil hangen, of een uitdaging die ik mezelf opleg. Dat zijn geen Ideeën met een hoofdletter. (Of ik láát ze geen hoofdletter ideeën zijn – dat sluit ik niet uit trouwens)

Ik ben gaan graven in mijn Google Keep bestand, waar ik flarden van notities, frases, dromen en namen bewaar. Daar stond een kortbeschreven droom in, met een concept wat ik leuk vond. Ik heb dat concept tijdens een schrijfweekend met mijn matties gepitched, en dat heb ik uitgebouwd tot een verdergaand idee, met een 3-akten-structuur, een kapstok waar ik mijn verhaal aan kon hangen. Maar eigenlijk heb ik er daarna niets meer aan gedaan.

Ik zou willen zeggen dat mijn brein gewoon even op vakantie moest van schrijven, maar dat is niet helemaal waar, want sinds augustus heb ik 3 korte verhalen geschreven (eentje voor Harland, eentje voor een SF bundel over het klimaat, en een kortverhaal voor een cozy fantasy novelle). Is dat een vakantie van schrijven? Zou een héle rare vakantie zijn met die output… bovendien heb ik daar bovenop keihard aan een paar redactieprojecten voor andere auteurs gewerkt. Hm. Misschien moest ik op vakantie van grotere ideeën.

Maar nu ben ik op vakantie en heb ik verder zitten plukken aan dat nieuwe idee. En opeens heb ik een haakje – ik weet hoe ik de perspectieven aan wil vliegen. Ik weet wie mijn perspectieven zijn, en wat hun situatie is. Ik weet hoe dat aanhaakt op de Situatie (ja, met een hoofdletter) in mijn verhaal. Ik ben zelfs zo ver dat ik denk ik kan beginnen met schrijven, want de eerste scenes van het verhaal liggen al voor me klaar om uit te werken. Ik heb nog niet alles 100% helder, maar ik denk niet dat het zo’n soort verhaal is. Deze wordt wat meer organisch, denk ik?

Wanneer ik de rust ga vinden – of de geest – om te gaan schrijven, weet ik nog niet. Het kan morgen zijn, het kan van de zomer pas zijn. Het is even kijken hoe het allemaal gaat.

Maar het gáát. De grote vraag “wat nu dan?” is beantwoord. 🥳

Ik heb een nieuw project. En heel stiekem heb ik er bést zin in. Hoe het ook zal verlopen, is nog volledig onbekend, en dat is heel gek als je zo bezig bent geweest met de eindjes aan elkaar knopen & alles uitgepland moeten oplossen. Alles is nieuw. Nieuwe personages, nieuw proces, nieuw verhaal. Eigenlijk is het een heel nieuw hoofdstuk.

Here we fucking go. 😀

achtergronden·Algemeen·gewoon doorgaan·Nanowrimo

RIP NaNoWriMo

check mijn vintage nanowrimo 2003 shirt hier! (en omg wat was ik hier nog n baby!)

Ik vermoedde al een tijdje dat de boel zou gaan klappen, maar gisteren in de About Books uitzending bevestigden kijkers het voor me. NaNoWriMo is na vijfentwintig jaar terziele. Het… het doet me best wel wat, moet ik heel eerlijk zeggen; ik ben er zo ongeveer vanaf het prille begin bij geweest.

Mijn allereerste keer was in 2002, toen een Amerikaanse kennis van me me op de site wees en me vroeg of ik mee zou doen, ik schreef tenslotte zo graag. En dat klopte, hoewel ik sinds ik op mezelf woonde (ik ben toen ik net 19 was het huis uit gegaan om te gaan samenwonen met wat nu mijn man is) eigenlijk helemaal geen echte boek-lengte verhalen geschreven had. Op de middelbare school schreef ik hele boeken, maar daar was ik eigenlijk een beetje mee gestopt. Ik roleplayde alleen nog online.

Maar de uitdaging zag er leuk uit, en ik had een verhaaltje liggen van 4 geschreven A4-tjes dat ik best wel uit wilde werken, dus ik had zoiets van… waarom niet. Daar is het toen begonnen. Ik heb in November 2002 de 50K op 29 november gehaald. Ik was zó trots. En van daaruit heb ik jarenlang meegedaan. Het dwong me om te creëren, en daar ging ik verdomde goed op.

Ik ben zelfs voor het Nederlands/Belgische forum nog twee jaar Municipal Liaison geweest (2004-2005); ik organiseerde de Kick-off bijeenkomst, de Thank God It’s Over party, en was een aanmoedigende forumbeheerder samen met nog iemand anders. Ik vertelde iedereen die schreef over de uitdaging, en hoe het hen kon helpen. Ik deed ieder jaar mee, ik kocht de merchandise.

Shit man, Stof & Schitteringen was mijn Nano verhaal van 2006. (Klik dit linkje als je wil zien hoe dat ging, dit zijn posts die ik maakte op het Nano forum dat jaar 😀)

Ik heb mijn beste schrijfmaatje Brenda Hingstman (waarmee ik o.a. Onrust en vele korte verhalen geschreven heb) letterlijk op de Kick-off party van NaNoWriMo 2004 ontmoet.

schrijfweekendje tijdens nanowrimo 2021

Ik heb schrijfweekendjes met mijn matties gedaan tijdens de eerste week van Nano, in een Landal huisje, of gewoon bij iemand thuis. Samen knallen. Woordenraces gedaan. Iedereen aangemoedigd.

De laatste jaren deed ik niet altijd super fanatiek meer mee, of met een heel nieuw project, of zo, want op dit punt ben ik al een tijdje gepubliceerd auteur met deadlines en lopende projecten. Maar ik heb het initatief, de uitdaging, alles, altijd een super warm hart toegedragen. Ik heb ontzettend veel te danken aan Chris Baty (de bedenker/oprichter) en zijn vrienden.

Het is jammer om zoiets unieks ten onder te zien gaan aan mismanagement en intern gesteggel. 😦

Voor de kijkers van About Books – we zijn aan het kijken of we in onze uitzendingen de aankomende maand tijdens Camp Nano jullie kunnen helpen om het schrijven, het wordcount, en de voortgang te stimuleren in ons Over Schrijven segment. Want als anderen het niet doen, dan doen we het gewoon met onze eigen community, nietwaar? 🙂

Algemeen·Fantastels·Schrijven·Waterloper

Waterloper Verhalenwedstrijd 2024

Waarschijnlijk weet iedereen die op dit linkje klikt waarom ik deze blog schrijf, maar ik kan het toch niet laten. Het besef is eigenlijk nog steeds niet echt ingedaald, maar die trofee staat toch echt bij mij in de kast. “Winnaar van Waterloper Verhalenwedstrijd 2024”. Op de website van Waterloper staat het ook.

Een half jaar geleden heb ik twee verhalen ingestuurd naar Fantastels. Eentje geschreven op “Terugkeer naar V’dor Smah”, genaamd “De belofte”, en eentje geschreven op thema “Een zonneklare maansverduistering”, genaamd “In het maanlicht”.

Voor “De belofte” had ik eigenlijk al heel snel een uitgewerkt idee staan. “In het maanlicht” duurde een tijdje voordat ik de insteek goed gevonden had, maar toen ik “Belofte” eenmaal op papier gezet had, stroomde “In het maanlicht” er zo achteraan. Wat grappig is, want de verhalen lijken in niets op elkaar.

Ik wist wel waarom ik “In het maanlicht” wilde schrijven; na het spelen van Final Fantasy 7 Rebirth had ik inspiratie gekregen om een standaard fantasyheld te beschrijven die de grote slechterik verslagen heeft, tijdens de laatste slag ontzettend veel verloren is, tot de nok toe vol zit met bruisende magie op het top van zijn kunnen…. en dan? Wat doe je, als je al die trauma hebt, en al die kracht? Hoe kom je daar doorheen? Het is een beetje een op zijn kop zetten van het standaard fantasyverhaal, en hoewel ik blij was met de emotie erin, en dat het scherp gefocust is op de personages, wist ik dat dit een polariserend verhaal zou kunnen zijn. Het deed qua vibe denken aan “Rode lantaarns”, waar ik ooit de 7e prijs & de Deviantprijs voor gewonnen heb, omdat het een ‘you love it or you hate it’ verhaal was.

“De belofte” was veel directer en simpeler, dus ik dacht dat die het wellicht beter zou doen. Maar die was wellicht ook wat voorspelbaar, dus tegelijkertijd had ik daar ook niet zo veel hoop voor. Om heel eerlijk te zijn had ik voor beide verhalen zo mijn twijfels, maar als ik na al die jaren meedoen met wedstrijden IETS weet, is dat je nooit moet rekenen op wat een jury gaat vinden. Het pakt namelijk letterlijk nóóit uit zoals je denkt.

En dat toont nu ook maar weer. “De belofte” eindigde op de 14e plaats, waar ik niet ontevreden over was. Maar toen kwamen we de top 10 binnen, en mijn schrijfmattie Wendy zei: “Komop, we gaan er gewoon voor, we gaan gewoon winnen”. En ik lachte naar haar en zei: “Nah, ik word gewoon weer 8e of 7e, want dat doe ik bijna altijd”. (Serieus, je kan het checken).

Wendy’s verhaal “100 Florijnen” werd 9e trouwens, super cool voor een horrorverhaal! Helemaal verdiend, dat verhaal was super fun.

En daarna kwamen we langs 8, en 7, en nog steeds was “In het Maanlicht” niet genoemd. Dus toch hoger dan vorig jaar. Whew. Okay. Op dit punt begon mijn hart wel te racen, hoor.

Toen we bij de top 5 aankwamen en ik nog steeds in de race zat, waren mijn handen aan het trillen. Ik checkte mijn hartslag op mijn horloge en ik had letterlijk een hartslag van 138. (Serieus, zulke prijsuitreikingen? SUPER stressy).

En toen de top 3. Toen begon ik te denken: verdomme, het zal toch niet….

Top 2. Wendy greep mijn hand. Brenda richtte haar telefooncamera op mijn gezicht en begon te filmen.

En als nummer 2 was “De oversteek” van Erwin Colson Thimister. Ik moet heel eerlijk toegeven dat ik zijn hele in ontvangstname van zijn certificaat gemist heb, want het moment dat zijn naam in beeld kwam, betekende dat míjn verhaal gewonnen had.

En ja, daar was hij. Mijn naam in beeld, een trofee, een oorkonde, en superveel applaus. 😀

“In het maanlicht” is een prestatie van formaat in een klein pakketje. Elk woord, elke zin staat waar hij moet staan en doet wat hij moet doen. De insteek is bijzonder origineel en, door de nagenoeg perfecte uitvoering, een echte verrijking. Niet vaak voel ik als lezer een dermate effectieve combinatie van inleving in de personages en nieuwgierigheid en enthousiasme over de setting.

Aldus een van de juryleden. Die kan ik in mijn zak steken!

Elf jaar na Fantastels 2013 heb ik (eindelijk) weer de winst weten te behalen. Ik dacht bijna al dat t niet meer mogelijk was – ik had altijd, ieder jaar, top tien noteringen, maar die bovenste positie ontglipte me altijd. En nu ben ik er weer. Voelt goed, man. 🙂

Algemeen·bloed in het water·gewoon doorgaan·Paraiso·Redigeren·Schrijven·zilverspoor

dus, hoe gaat het nu?

Terwijl ik met samengeknepen billen aan het toekijken ben hoe de eerste recensies voor Zwanenzang en Onrust binnen druppelen (gelukkig zijn ze goed tot dusverre!), ben ik tegelijkertijd druk bezig met de volgende projecten. Het staat nooit stil hè, met schrijven, er zijn altijd deadlines om te halen.

(niet helemaal waar, overigens. Ik heb twee redactieprojecten voor Zilverbron afgerond voor Roselynd Randolph en Gaby Raaijmakers’ nieuwe boeken, en daarna heb ik een week of twee helemaal niets gedaan qua schrijven. Ik had even vakantie nodig, haha)

Kort verhaal:

Op dit moment ben ik druk bezig met het uitwerken van een SF verhaal voor de nieuwe “In De Polder” bundel. Het plot staat, ik hoef het alleen nog maar te gaan schrijven. En dat moet ik vlot gaan doen, want de deadline is over een maand. Rennen, dus! Ik ben wel heel blij met het concept, dat gebaseerd is op een groep-brainstorm tijdens het schrijfretraite dat ik gedaan heb afgelopen juni, met mijn schrijfmaatjes. Toen ik eenmaal uitgevogeld had hoe ik het concept precies aan wilde vliegen, kon ik eindelijk aan de slag. De werktitel van het verhaal is “Glorie” maar ik moet nog even kijken of dat zo blijft.

Bloed in het water – Paraiso 2:

Ik ben óók bezig – en flink opgeschoten – met het zelf-redigeren van Bloed In Het Water, het vervolg op De Prijs Van Water, naar aanleiding van de opmerkingen van de proeflezers (en het splitten van het manuscript in twee boeken). Ik ben halverwege, en de aanpassingen variëren van logistiek (weet X dit al? op welk moment van de dag is dit?) tot proza (mja…) tot structuur (ik ben letterlijk hoofdstukken van plek aan het wisselen. Dat krijg je, met party splits). Maar het wordt super mooi en ik ben er echt heel blij mee.

Ik zit ook weer op het punt dat ik constant liedjes hoor die ik bij het verhaal vind passen en dus op de playlist gooi, dus dat is een teken dat mijn brein er constant mee bezig is. Ik heb geen idee hoe dit gebeurt – ik denk dat dit het fenomeen is dat het menselijk brein patronen zoekt in de wereld om zich heen? – maar het is wel prettig. Zo kan ik lekker viben op de sfeer van het verhaal.

Misschien kan ik op een gegeven moment weer mijn eigen brein hacken dat ik automatisch in de mood van het verhaal kom & mijn plotbrein kan activeren zodra ik de liedjes van de playlist hoor. Dat was op een gegeven moment bij de Lentagon serie SUPER prettig.

In de tussentijd bouw ik lekker verder aan mijn playlist, want waarom niet. In het ergste geval heb ik gave muziek om naar te luisteren als ik schrijf, nietwaar? Hier kan je hem vinden, als je wil.

En, natuurlijk, edit ik hard verder. Want ik wil hem zo mooi mogelijk maken, een waardig vervolg op boek 1. 😀

Algemeen·onrust·quasis·Schrijven·Waterloper·zilverspoor·zwanenzang

mei avonturen

De maand mei is weer voorbij gevlogen! Twee beurzen (Heroes Made In Asia en Fantasyfest) en een deadline voor een verhalenwedstrijd (Waterloper) zorgen daar wel voor, hihi. En natuurlijk kwam daar de schitterende kaft van Onrust en het nieuws dat hij misschien toch eerder uitkomt dan september nog bij, dus dan heb je het feest wel compleet!

Bij ons schrijfgroepje is “wedstrijdseizoen” zoals we het liefkozend noemen, altijd ontzettend hectisch en gezellig. De sfeer die het oproept, van hard werken, van elkaar helpen, van plotten, van pure creatie, van deadlineknuffelen, van de honderdste keer uitleggen hoe een bepaalde grammatica regel ook al weer zit, tot het elkaar eraan helpen herinneren om dat verhaal toch echt anoniem in te sturen… het is zo fijn om dat te ervaren.

Ik heb drie verhalen dit jaar naar Waterloper ingestuurd; allemaal solo verhalen. Dat is me nog nooit gelukt, dus ik ben er erg trots op! Ik mag helaas niets over de inhoud zeggen, want Waterloper neemt haar regels betreft anonieme jurering erg serieus, maar ik heb ontzettend veel lol gehad met mijn verhalen. Het leuke van een themawedstrijd als Waterloper is dat het er voor zorgt dat je dingen schrijft die je anders nooit geschreven moet hebben, juist omdat het thema je dwingt om creatief te denken. Mijn plan was om twee verhalen te schrijven, maar de energie stroomde zo, dat ik zoiets had van fuckit, en het plot wat ik met Brenda op de backburner had liggen om ooit echt nog wat mee te gaan doen meteen maar uitgeschreven heb. Als je zo aan t creeren bent, moet je dat momentum ook niet laten liggen, vind ik.

En omdat mijn redactie van Zwanenzang door drukte bij de redacteur toch even stil lag, had ik alle tijd van de wereld. Dus laten we dan maar productief bezig zijn en de bundel erna ook maar vullen, toch? 😀

Stay tuned voor meer nieuws over Onrust, Zwanenzang, en meer edit avonturen van Bloed In Het Water, waar ik deze maand ook weer mee aan de slag ga!

Algemeen·Boeken·De Zwijgende Aarde·Schrijven

Dat gevoel van een manuscript de deur uit doen…

2303. De aarde regeert over de koloniën in het zonnestelsel. Politieke onrust groeit. Een opstand dreigt. Maar dan …

… valt de aarde stil.

‘De Zwijgende Aarde’ is een reeks van zes sciencefictionromans die elk door een andere auteur is geschreven, maar die zich in hetzelfde universum afspelen. Elk boek is los te lezen, maar als je ze allemaal leest krijg je een breder beeld van de gebeurtenissen.

informatie over De Zwijgende Aarde serie, Quasis website

Ietsje meer dan een jaar geleden kreeg ik een berichtje op FB Messenger van Jasper Polane of ik onlangs een mailtje van hem ontvangen had, want hij wilde me wat vragen. Die was blijkbaar in mijn spam beland, ontdekte ik tot mijn consternatie. Ik had hem blijkbaar al een week of drie laten wachten, alsof ik hem genegeerd had. En dit is het soort mailtje wat je écht niet wil missen: een uitgever die je vraagt om een boek voor hem te schrijven? Holy SHIT!

Het ging hier om het zevende boek in de Zwijgende Aarde serie, een gedeeld universum tussen een aantal gave Nederlandse science fiction auteurs. Een fantastisch initiatief van Uitgeverij Quasis, en op dit moment het spannendste science fiction project in de Nederlandse markt. Of ik het nieuwe boek in de serie zou willen schrijven. Wow. Um. JA?! TUURLIJK?!

Mijn volgende gedachte was direct dat ik mijn leukste science fiction projecten samen met mijn mattie/schrijfmaatje Brenda Hingstman heb geschreven. Gelukkig had Brenda er ook wel zin in, en vond Jasper het ook een goed idee (nadat hij wat van haar werk gelezen had).

Eind december 2021 zijn we aan de slag getogen – eerst om de hele serie te lezen, want we waren nog niet helemaal up to date met de boeken, en als we in hetzelfde universum gaan schrijven, dan moeten we wel al onze details, tijdlijnen en gebeurtenissen scherp hebben.

Hoewel technisch gezien alle boeken in de serie los gelezen kunnen worden, zitten er wel referenties naar personages, gebeurtenissen en wereldbouw in alle boeken die het tot een geheel verweven. Dat betekende dus dat we huiswerk hadden. Best plezierig huiswerk, maar toch huiswerk, haha.

Ik vond het wel spannend om in een bestaand universum te gaan schrijven. Het voelt een beetje als fanfiction schrijven, maar hier ken je de originele auteurs en wil je hen, noch de personages in de serie, niet tekort doen. Wat als je het verpest? 😀

Dat gezegd hebbende, hebben Brenda en ik heel veel lol gehad in het schrijven van dit verhaal. Na een ronde met proeflezers, aanpassingen, bloed, zweet, tranen, en heel veel stopwoordjes eruit wippen, is het manuscript van “Onrust” zojuist officieel verstuurd naar de uitgever. Het manuscript klokt in op 45232 woorden, waar wij heel blij mee zijn, want de opdracht die we meegekregen hebben was “ongeveer 40000 woorden”, haha. Het is daarmee geloof ik net iets meer dan een novelle, iets minder dan een roman.

En nu is het voor ons klaar! Jasper heeft uiteraard het laatste woord en mag nog feedback geven, voordat hij wat ons betreft klaar is voor de redactie. Maar; dat is toch weer een afgerond manuscript dat de deur uit is. Daar drinken we er eentje op 😀

achtergronden·Algemeen·gewoon doorgaan·plotten·Schrijven

Kelly kletst over schrijven (4)

19 Best Garden Lanterns: Outdoor Lanterns, Candle Lanterns, Solar
Kom erbij zitten, gaan we lekker kletsen over schrijven!

Tijd om weer lekker te kletsen over schrijven. Het is tenslotte al een tijdje geleden. 🙂

Wat is je favoriete genre om te schrijven?

Haha, net binnen en meteen al met beide benen gestrekt hè? Zoals jullie misschien wel weten (of niet) ben ik zo iemand die niet echt binnen hokjes wil schrijven. Ik ben meestal vooral bezig met verhalen vertellen en als ik gevraagd word om er een etiketje of een genre op te plakken, begin ik meestal te stotteren. Ik doe graag gekke niche shit, genre-overstijgend, en niet helemaal standaard.

Betekent niet dat ik de meest originele persoon ter wereld ben, hoor, maar ik heb meestal meerdere genres nodig om aan te geven wat een verhaal “is”. Ik hoor het soms ook wel bij recensies. “Ik verwachtte een SF verhaal en het heeft die elementen ook, maar het leest als een thriller.” “Dus de Lentagon serie is… moderne fantasy?” Als je een klassiek 1-genre verhaal van me ziet, dan is het meestal een experiment, een uitdaging aan mezelf, of een inzending voor een verhalenwedstrijd.

Maargoed, als ze echt een pistool op mijn hoofd zouden richten en ik zou onder druk NU moeten zeggen welk genre ik het liefste schrijf? Dan denk ik dat ik zou kiezen voor “moderne fantasy”, zoals de Lentagon serie is, en zoals de Paraiso serie eigenlijk ook is/wordt.

Wat doe je om geïnspireerd te raken? Kun je het opwekken?

Inspiratie opwekken is niet echt iets wat ik kan. Inspiratie werkt voor mij op een heel andere manier. Het gaan zitten en schrijven is eigenlijk gewoon een kwestie van DOEN. Bek dicht en schrijven, kreng. Het je ertoe zetten om te gaan schrijven gaat de ene keer gemakkelijker dan de andere keer, maar dat heeft meer met energie en motivatie te maken dan met inspiratie. Inspiratie helpt me niet om te schrijven, dat is doorzettingsvermogen. Inspiratie helpt me aan ideeën.

Echte inspiratie voor mij komt uit muziek, uit dromen, uit concepten en scenario’s die ik samen met mijn schrijfmaatjes (of in mijn eentje) brainstorm. Daar komen verhaalideeën uit voort en soms knagen die zo hard aan mijn brein dat ik ze wel op moet schrijven. Soms zijn ze zo sterk dat het moeilijk is om me op de echte wereld te concentreren, en ben ik erover aan het dagdromen tijdens het autorijden of het lopen met de hond. Dát is voor mij inspiratie. Helaas is dat niet is wat ik gemakkelijk op kan wekken.

(De Lentagon serie was daarbij een uitzondering. Tegen de tijd dat ik bij Boek 3 aangeland was, had ik een Spotify playlist die ik kon aanzetten om in de stemming te komen. Ik was op het punt dat die playlist een beetje een Pavlov reactie veroorzaakte, tot janken in de auto bij een bepaald liedje aan toe. Maar dat was wel toen ik al drie jaar keihard aan de trilogie aan het werken was).

Schrijf je in stilte of met achtergrond geluid? Met mensen of in je eentje?

Het maakt mij niet zo veel uit. Ik kan prima in stilte schrijven, maar met muziek aan filter ik achtergrondgeluid weg en kan ik ietsje beter in de stemming komen. Dan maakt het niet meer uit of er mensen in de kamer zijn. Tijdens mijn laatste schrijfweekend met mijn schrijfmaatjes zat ik op de bank met mijn laptop op schoot, en had ik Nothing But Thieves (indie-rock) en de FF7 Remake OST (dus game muziek) op repeat op mijn hoofd. Het was fijn dat de anderen er waren, maar dat was vooral om iedere 2.5K een shotje Jack Daniels Fireball te nemen om onze succesjes te vieren. 😉

Welk aspect van je schrijven ben je het meest in vooruit gegaan sinds je bent gaan schrijven?

Ik denk dat ik er twee noem:

  1. Het framen van scènes: iedere keer dat je een scene start, moet het voor de lezers duidelijk zijn waar we zijn, wie er aanwezig zijn, en wat ze aan het doen zijn. Zonder dat beeld is het voor de lezer ontzettend moeilijk om een voorstelling te maken van de situatie, en krijg je situaties als: “Oh, was hij er ook bij?” / “Waar komt hij nou opeens vandaan?” of: “Oooh, ze zitten aan het avondeten!” als je halverwege de scene bent en de hele tijd confuus bent geweest over de context. Context is belangrijk! Het wordt door jongere schrijvers regelmatig over het hoofd gezien – ook door mij, toen ik net begon met schrijven. Grappig genoeg heb ik het geleerd door narrative roleplayen, waar je gedwongen wordt om te beschrijven wie er aanwezig zijn en wat we aan het doen zijn, omdat anders je medespelers geen idee hebben waar we mee bezig zijn.
  2. het schrijven van actiescènes: ik ben pur sang een personageschrijver en ik werk vanuit mijn emoties. Dus ik zal eerder de gedachten en de gevoelens van een personage beschrijven, en bijvoorbeeld de sensaties (geur, smaak, kleur, licht) en acties daarna pas. Dat is op zich niet heel erg, maar als er dingen naast het personage exploderen – en dat gebeurt in de Lentagonserie vaker dan je zou denken – moeten de personages in de actie zitten. Geen tijd om na te denken, maar go go go! Mijn proeflezers en redacteur hebben daar best een dagtaak aan gehad om dat er een beetje uit te meppen, maar ik hoor het steeds minder vaak, dus… yay?
    Gelieerd hieraan is dat ik erg veel vechtsport kijk, en daardoor inmiddels ook weet hoe een vuistgevecht werkt. Whoo! Hebben al die nachten MMA kijken toch nog hun nut. 🙂

Je zwakke punten als schrijver

Zo, even met de billen bloot… er zijn twee manieren om deze vraag op te vatten, dus ik noem ze allebei:

  1. ik denk dat het bovenstaand is; omdat ik werk vanuit emotie en minder vanuit fysieke sensatie, zit ik soms nog wel eens vast in de hoofden van personages.
  2. Ik ben van het hollen en stilstaan. Ik probeer netjes door te schrijven, maar zonder een verhaal dat actief aan mijn brein vreet, heb ik echt een deadline nodig om te presteren. Zo niet, dan doe ik helemaal niets aan schrijven. Wat gek is, want ik ben dol op schrijven. Of meer, op geschreven hebben. 😉

Je sterke punten als schrijver

Nu de billen toch bloot zijn, laten we er veren in steken 😀

Ik denk dat mijn sterke punten als schrijver allereerst mijn personages zijn. Ik steek een hoop tijd in personages, motivaties, en persoonlijkheden, en ik denk dat dat ook wel toont. Als redacteur merk ik ook dat ik schrijvers daar goed mee kan helpen, dus ik zou deze als mijn belangrijkste sterke punt benoemen.
Mijn andere sterke punt (ik had ook twee zwakke punten, dus er komt er nog een) zijn denk ik mijn dialogen. 🙂

Wat denk je als je ouder werk terugleest?

Het is heel grappig, want ouder werk teruglezen is echt zo’n trip down memory lane. Ik last laatst iets terug wat ik in 2009 geschreven had (mijn laatste keer pur-sang real world thriller, als ik er over nadenk) en ik werd er helemaal nostalgisch van. Door details in het verhaal werd ik meteen weer teruggebracht naar de periode waarin ik het schreef. Dingen waar ik in die tijd mee bezig was, plaatsen waar ik kwam, onderwerpen die me toen na aan het hart lagen, namen van personages die ik overnam van klanten, of collega’s, of games of boeken die ik cool vond.

Aan de andere kant was ik aan het lachen om mijn proza, en hoe mijn zwakke punten in ouder werk nog veel scherper tonen… maar dat hou je, denk ik.

Zijn er onderwerpen waar je oncomfortabel mee bent om ze op te schrijven?

Ik had er een paar: namelijk seks, verkrachting en marteling. Ik vond die vroeger echt moeilijk om te schrijven, maar dat heb ik destijds gefikst door mezelf gewoon te dwingen dergelijke scenes te schrijven, zodat ik er minder tegenop zou zien. Oefening baart kunst, enzo!

Seks was uiteindelijk heel makkelijk – zolang je in gedachten houdt dat de scene de plot moet dienen en een functie moet hebben in het verhaal, kun je het goed een plaatsje geven. Ik zal nooit ronduit smutty porn gaan schrijven, maar ik ben er niet meer bang voor of zo. Het is gewoon onderdeel van het verhaal. En als Joy en Seamon een vluggertje onder de douche willen hebben voordat ze een gevaarlijke situatie ingaan, wie ben ik dan om ze tegen te houden? 😉

Verkrachting en marteling waren een stuk delicatere onderwerpen, en die heb ik mezelf daadwerkelijk gedwongen om te schrijven. Ik heb een personage in de League wereld – ze heet Irina Weisz en ze is een van mijn favoriete personages ooit – die uiteindelijk zichzelf naar de top van een maffia syndicaat had gewerkt (na veel trauma en bullshit), en toen moest ik wel. Ik had eroverheen kunnen kletsen, maar dat vond ik laf. Show, don’t tell, tenslotte. Als Irina dat in haar rugzakje had zitten, moest ik het ook onder ogen komen, vond ik.

Ik vond het heel waardevol om dergelijke scenes geschreven te hebben, hoewel ik me achteraf echt wilde douchen met dikke bleek. Ik heb er erg veel van geleerd. 🙂

Algemeen·Films/TV·Paraiso·TV·verloren zielen·Waterloper·Zilverfest

doeg 2020~!

Pin on Funny 2020 Sayings & Quotes Gift Ideas

Whew, we zijn er doorheen. 2020 is klaar. En hoewel er een hele hoop niet gebeurd is, is er ook een hele hoop wél gebeurd dit jaar. Ook op schrijfgebied. Dus ik ga lekker focussen op de dingen die wel gebeurd zijn, en waar ik van genoten heb.

  1. Mijn verhalenbundel “Verloren zielen” kwam uit in februari. Ik ben heel trots op deze bundel, omdat het allemaal verschillende brokjes van mijn ziel laat zien. Mijn fantasie, mijn werelden, mijn personages, een klein uitstapje terug naar de Lentagon wereld die ik nog zo graag aan jullie wilde tonen, mijn prijswinnende verhalen, en gewoon ook concepten waar ik heel blij van werd.
  2. Ik vond het heel bijzonder om van jullie te horen welke verhalen uit de bundel jullie favorieten waren. “Roze water” werd vaak genoemd, waarschijnlijk ook door de situatie waarin we in de échte wereld zaten (zitten, ugh), met onze eigen plaag – maar ook “Zij die weggingen” werd een paar keer genoemd als een van de hoogtepunten van de bundel, en daar ben ik trots op want dat was echt een experiment.
  3. Omdat “De Prijs Van Water” uitgesteld is, heb ik meer tijd gehad om lekker nog aan het plot (en, let’s be real, de proza) te sleutelen. Ook nu ik al door ben gaan schrijven aan deel 2 (zie het volgende punt), kan ik nu gemakkelijker verankeren en foreshadowen. Dus da’s leuk!
  4. Ik heb in totaal zo’n 80.000 woorden geschreven dit jaar. 50K was direct voor “De Waarde Van Bloed”, het tweede deel van het Paraiso tweeluik, en is alvast een lekkere start, maar de overige woorden zijn korte verhalen geweest. En op een aantal van die verhalen ben ik stiekem best trots.
  5. En ja, die 50K? Betekent dat ik NaNoWriMo gehaald heb, in 25 dagen. Yay! 🙂 Ik moet nog verder schrijven, hoor – het verhaal is ongeveer halverwege. Maar dit heb ik toch maar mooi vast gedaan.
  6. “Zwanenzang”, een Black Mirror-achtig verhaal, schopte het tot de 19e plaats bij de Harland verhalenwedstrijd, in een deelnemersveld van 178, en kreeg prachtige kritieken van de jury.
  7. Ik stuurde drie verhalen in naar Waterloper verhalenwedstrijd, waarvan eentje samen met mijn schrijfmaatje Brenda. Een van de verhalen (“Een minuut voor twaalf”) werd gediskwalificeerd omdat het fantastisch element niet genoeg naar voren kwam (*zucht*) maar de jury was daar zo verdrietig over, dat ze me een aparte prijs hebben gegeven, de Drenkelingprijs, omdat ze het zo’n topper vonden. Beetje gemixte gevoelens hierover, haha 😀 De kritieken waren erg goed, dus da’s mooi. Mijn andere soloverhaal, “De geur van orchideeën”, werd 12e. Daar had ik iets beter van verwacht, maar oké, fair, het heeft een interessant/anders einde, en ik wist dat dit een aparte opzet was. Het verhaal dat ik samen met Brenda schreef (of ik moet eigenlijk zeggen, dat zij met mij schreef, want zij was in de lead met dit verhaal), “De achterblijvers” werd 10e en maakte een van de juryleden emotioneel, dus missie geslaagd. 😀
  8. Een van mijn andere schrijfmaatjes, Tijs, sleepte de winst in de wacht! Dus die heeft nu zowel Fantastels als Waterloper gewonnen. Wat een bragging rights heeft die dan 😀
  9. Ik heb in mei een online schrijfworkshop gegeven tijdens Zilverfest. Was super leuk om te doen!
  10. Ook ben ik een van de vaste gastpresentatoren bij About Books. Ook super vet 🙂

Dus dat zijn stiekem best veel leuke schrijfmomenten en hoogtepunten zo dit jaar. Al met al is 2020 op dat vlak niet zo slecht geweest. Wat ik ook graag wilde, is jullie de media meegeven waar ik dit jaar ontzettend van genoten heb. Mijn eigen persoonlijke afleiding, of alternatief voor leuke dingen met andere mensen doen, die ik van harte uitdraag. Ik doe het op volgorde van meemaken, want ik ga ze geen ranking meegeven. 😀

  • (game) Final Fantasy XV
  • (game) Final Fantasy VII-remake
  • (animated tv) Avatar: The Last Airbender (3 seizoenen)
  • (animated tv) The Legend of Korra (4 seizoenen)
  • (animated tv) The Dragon Prince (3 seizoenen, komen er nog 4)
  • (tv) The Expanse (nu in seizoen 5, en OMG!!!)
  • (tv) The Boys (2 seizoenen)
  • (tv) Doom Patrol (2 seizoenen)
  • (tv) Upload (1 seizoen)
  • (tv) Dark (3 seizoenen)
  • (youtube) Marble League (begin met kijken wanneer en waar je wil)
  • (audiodrama) Mission to Zyxx (4 seizoenen)
  • (audiodrama) Limetown (2 seizoenen)
  • (boek) The Rhythm of War (boek 4 van de Stormlight Archive, van Brandon Sanderson)

Dit zijn even in het kort m ijn tips. Heb je vragen, wil je meer weten…? *gebaart naar de comments* Roept u maar!

Lief zijn allemaal, stay safe, en we zien elkaar in 2021 ❤

achtergronden·Algemeen·Prijs van water·Redigeren·Schrijven·verloren zielen

kelly kletst over schrijven (2)

Pin on Interiors/Exteriors
we gaan er weer voor zitten! (disclaimer: dit is niet mijn tuintafel :D)

Vorige blogpost vertelde ik over een vragenlijst voor schrijvers die ik aan het afwerken was. Dit is deel 2 in die serie. Ik heb super veel lol met het nadenken over de vragen en de antwoorden met jullie delen, hoop dat dat voor jullie ook zo is 😉 Hier komt het volgende setje vragen. Schuif je weer aan bij mijn virtuele tuintafel?

Welk personage vind je het leukst om te schrijven?

Ik heb hier heel erg lang over na moeten denken, want ik houd van al mijn personagekinders. Uit de Lentagonserie was het ’t moeilijkst om te kiezen, maar ik denk uiteindelijk dat mijn favoriet Sirka is. (ze had serieuze competitie van Valeria, trouwens. En Joy, want die heeft de beste one-liners in de hele serie) Sirka is zo’n heerlijk geconflicteerd personage. Ze probeert zo hard het juiste te doen, maar als je tussen haar en haar doel in staat, dan is het jammer voor je, dan liegt, bedriegt en vecht ze tot je aan de kant staat. Ze liegt als een motherfucker om te krijgen wat ze hebben wil, en dat is een thema dat de hele serie terug blijft komen. En dat hele felle, nietsontziende, gecontrasteerd met haar liefhebbende hart, vind ik een ontzettend gaaf spanningsveld om in te spelen.

In de Paraisoserie had ik het meeste lol met Monika, zoals je in de vorige post al kon lezen. Monika Silva is 20 jaar oud en werkt als callcenter medewerkster bij Hydron – de (enige) waterleverancier van Paraiso (een woestijnstad). Ze haat haar werk en haar leven. Om bij te beunen is ze illegale drank aan het stoken en een van haar grootste afnemers is haar manager. En omdat je om drank te stoken een hoop water nodig hebt, is haar manager haar aan het matsen met haar waterrekening. Kwestie van tijd totdat dit misgaat, uiteraard… 😉

Van mijn korte verhalen heb ik denk ik het meeste plezier gehaald aan het schrijven van Reka, de hoofdpersoon van Roze Water. Die had een hele aparte stem, zo murwgeslagen door eerder trauma, dat het bijzonder was om haar te schrijven. Ik heb tot op de dag van vandaag zo met haar te doen.

Schrijf je liever korte scènes of verhalen, of liever langere verhalen/boeken?

Die vraag krijg ik vaker, maar ik beantwoord hem graag! Het fijne aan korte verhalen is dat je heel kort heel intens kunt gaan. Het zijn relatief korte projecten, alsof je een sprintje trekt. Helaas is het daarna klaar, en is er meestal geen reden meer om terug te keren naar die wereld of dat concept. (Tenzij je de League schrijft, want dat is op 2 novelles na zo’n 300K aan korte verhalen langs 1 tijdlijn)

Bij het schrijven van een novelle/boek heb je een veel langere adem. Dan ben je veel meer betrokken bij de personages, bij hun ontwikkeling. Het is een marathon, of, als je het in de term van relaties wil vatten: alsof je een huwelijk aangaat, ipv een one-night-stand.

Beide opties hebben zo hun voordelen. Ik vind allebei erg leuk. Dit jaar heb ik Prijs Van Water klaargemaakt voor de redactie (begint heel binnenkort), twee-en-een-half kort verhaal geschreven voor Waterloper verhalenwedstrijd, een kort verhaal wat een compleet stijl experiment is en waarschijnlijk niet geschikt voor inzendingen, en een laatste kort verhaal wat ik voor Harland/Hebban wil insturen. Dus zoals je ziet, lekker afwisselend! 🙂

Ben je een pantser of een plotter?

Ah, de eeuwige vraag. Plan je alles van te voren volledig uit, of hoop je maar dat het goedkomt als je begint te schrijven? Het blijkt dat ik er tussenin val. Ik werk mezelf door verschillende iteraties met mijn verhaal heen, en hoe verder ik in mijn verhaal (hoe hoger de versiegetallen worden), hoe strenger ik ga outlinen. Maar in de allereerste versie ben ik meer van de freeform.

Ik ben een Lawful Plantser – ik heb een aantal key points in mijn verhalen – zeker het einde / de eindconfrontatie is een van de dingen die vooraf vast staan. Ik schrijf van key point naar key point toe, en raak onderweg regelmatig verdwaald. Ik schrijf eigenlijk bijna altijd chronologisch, omdat ik dan mee ontwikkel met de personages.

En ja, ik gebruik zeker character bio’s (man, ik plan mijn personages beter dan mijn plot, haha!) en ik voel me personally attacked door de opmerking “has definitely taken personality tests for their characters”. Pffff. *schuift haar notitieboek weg met Myers-Briggs uitwerkingen, sterrenbeelden, enneagrammen, character arcs etc*

Als ik aan het herschrijven sla, dan word ik meer een Neutral Plotter, want dan ga ik kijken naar spanningsbogen en volgordes van gebeurtenissen en dergelijke. Maar dat is zeker niet mijn natuur. Als je mij het lekkerst wil laten schrijven, dan geef je me een concept van een geweldige scène tijdens de eindconfrontatie, en dan bouw ik mijn personages, mijn wereld en mijn plot daar omheen. Door schade en schande, en heel veel frustratie heen. Ik zou willen dat ik het anders kon. Door discipline en doorbijten omdat ik verdomme een deadline heb kom ik een heel eind, maar een echte Plotter zal ik wel nooit worden. 🙂

Vertel, hoe zit dat bij jou? 🙂

Algemeen·verloren zielen

quarantaineleesvoer! :)

Image result for quarantaineIn het kader van ‘het kan allemaal nog erger’ dacht ik dat het leuk was om een fragment te delen uit een van de korte verhalen uit Verloren Zielen, genaamd ‘Onze plaats in het universum‘, waarin de wereld óók gedwongen wordt om zichzelf te isoleren tijdens een virus. Niet om de infectie te verspreiden, want daarvoor is het in dit verhaal al te laat, maar om je te verstoppen voor de infectie terwijl de economie en de samenleving in elkaar storten. Het kan dus allemaal nog erger. Relativeren kun je leren! 😉

Bij deze een stukje uit Onze plaats in het universum, het verhaal wat ik samen met Corina Onderstijn geschreven heb. Een stukje leesvoer over en voor quarantaine! 🙂


 

Dag vier breekt aan en de waterdruk valt weg. Mijn drang om iets te doen wordt ondraaglijk. Het eindeloze stilzitten en niks-doen vreet aan me. Ilse grijpt het feit dat ze ook niet meer kan douchen aan om nog meer te janken. Ik ben er zo klaar mee. Ik wil iets nuttigs doen.

Linda zit ook op actie te wachten, dus we duiken Antons kasten in op zoek naar dingen die we zouden kunnen gebruiken: waxinelichtjes, lucifers, dekens… We inventariseren al het eten en delen het in op basis van houdbaarheid en bereidingswijze, want stel dat de stroom ook uitvalt, of de gastoevoer afbreekt?

Anton maakt zich daar niet zoveel zorgen om, hij toont ons een schoenendoos vol batterijen, een handaangedreven generatortje, en een petroleumstoof met flessen brandstof.

‘Het is maar zo’n sierdingetje, maar wanneer het echt koud wordt zal het helpen, al is het maar enkele dagen,’ legt hij uit. Anton, onze doomsday prepper. Ik ben hem er dankbaar voor en ben blij dat we bij hem kunnen schuilen. Hij lijkt het fijn te vinden om het voortouw te nemen, lijkt troost te vinden in de barricades en de voorraden in zijn huis. Misschien is dat hoe hij zichzelf staande houdt.

Anton besluit dat nu we nog kunnen koken, we alle bederfelijke waren eerst moeten opmaken. Ilse sputtert even tegen als hij een pak chocoladerepen bij haar weg haalt om te bewaren. Gelukkig bindt ze snel in.

Ook Linda begrijpt het. Na vier dagen is haar geduld met Ilses eindeloze gejammer ook op. ‘Natuurlijk wil je douchen, we willen allemaal douchen, maar er is niet genoeg water meer! En dat is nog het minst van onze problemen! Zullen we even nadenken over drinkwater?’ snauwt ze tegen haar beste vriendin. Ik heb ze nog nooit eerder horen ruziën. Het is echter een belangrijk punt, en eentje waar ik me ook zorgen over maak. Water kun je niet voor eeuwig opslaan, maar gelukkig wonen we wel in Nederland.

Ik stapel potten en pannen op, loop ermee naar de deur en leg mijn plan uit voordat iemand me tegen kan houden. ‘We moeten van de herfstregens gebruik maken, water opvangen. Op het dak moet het nog relatief veilig zijn. Daar kunnen alleen andere bewoners bij en het is om ons heen stil geweest. Ik doe mijn oordoppen in en klop vijf keer snel achter elkaar op de deur als ik terug ben.’

Anton opent de deur voor me en legt een hand op mijn schouder. ‘Als je over een kwartier niet terug bent, kom ik je halen.’ Hij overhandigt me een verrekijker en fluistert: ‘En kijk even hoe de stad erbij ligt. We houden het niet lang vol zo.’ Een klein knikje richting de woonkamer zegt me voldoende. Vier getraumatiseerde mensen in een twee-kamer appartement. De waterdruk is misschien weg, maar de druk op emoties loopt rap op.


 

Onze plaats in het universum is een van de twaalf verhalen in de bundel, maar wel meteen de langste. There’s a lot to love! 🙂 Meer informatie over de bundel vind je hier!

Wil je weten hoe het verder gaat met Len en zijn vrienden in isolatie? Of ben je nieuwsgierig naar de andere verhalen in de bundel? Stuur me dan een berichtje en ik zorg ervoor dat je het boek (gesigneerd en al!) via de post krijgt. We regelen wel wat met een tikkie of zo. En anders kun je altijd nog kijken in de webshop van Zilverspoor, of natuurlijk Bol.com 🙂