van droom tot boek

Ik kreeg vrijdag van Team Zilverspoor te horen dat deze dinsdag mijn boek geleverd wordt! Overmorgen al! Het voelt als een verlaat verjaardagskadootje ❤ Precies op tijd voor Castlefest volgende week vrijdag. Ik ben er super blij mee! En ik dacht dat het misschien wel leuk was om even in een tijdlijn uit te drukken hoe dit verhaal nu daadwerkelijk ontstaan is. Van conceptie tot boek. Want whew, hij heeft wat ups en downs doorgemaakt!

22 december 2017: mijn man Olli, mijn hond Bodhi en ik zijn op vakantie in Duitsland. Na een dag lang wandelen word ik ’s nachts wakker uit een hele intense droom – randje nachtmerrie – en chat ik mijn schrijfmaatjes: ‘ik heb een vet weirde droom gehad vannacht, volgens mij zit er een verhaal in.’ Ik beschreef het aan de crew als een rare mix van de klassieke JRPG Final Fantasy 7, tv-serie Mr. Robot en boekenserie John Dies At The End. (misschien niet heel gek, ik had toen net het nieuwe boek in de John Dies At The End-serie uit)

Ik was echter op dat punt nog druk bezig met het afpolijsten van Vuur & Vergankelijkheid en besloot dat dit idee nog even op de plank moest blijven liggen. Sommige schrijvers kunnen tegelijkertijd meerdere projecten tackelen. Ik ben daar ietsje minder goed in. Korte verhalen kunnen wel tussendoor, maar grote series is een ander verhaal.

Mijn plan was om Nanowrimo 2018 te gebruiken om de eerste versie op papier te krijgen. Om dat goed voor te bereiden, ben ik samen met schrijfmaatje Brenda mid-augustus 2018 gaan zitten om de eerste outline rond te krijgen. Uit die sessie kwamen meerdere dingen naar voren; de belangrijkste was dat het verhaal een tweeluik zou worden. Boek 1 zou De Prijs Van Water gaan heten, en Boek 2 De Waarde Van Bloed (hoewel ik nu bij boek 2 aan het twijfelen ben over de titel, dus pin me daar niet op vast). Ik was er super zelfvoldaan over, zoals je wel aan de shit-eating grin op de foto kunt zien, haha.

18 augustus 2018, de eerste plot/post-it sessie van De Prijs Van Water

Oorsponkelijk was het de bedoeling dat De Prijs Van Water begin 2020 uit zou komen. Echter, het concept van mijn verhalenbundel Verloren Zielen kwam er tussendoor, en omdat ik in de zomer van 2019 zo druk bezig was met de redactie van de bundel, redde ik de deadline van De Prijs Van Water niet. Ik had netaan een alpha versie op papier staan toen ik het verhaal eigenlijk al moest inleveren.

Leuk hoor, al die ambitie, maar ik had een potente mix van een drukke baan in de ICT consultancy (en was in de zomer van 2019 net bij een nieuwe werkgever begonnen), de redactieklussen die ik voor Zilverbron/Zilverspoor erbij doe, en dan óók nog eigen schrijfwerk af proberen te leveren. Het ging duidelijk niet zoals ik wilde, en daarom kon ik ook niet de kwaliteit leveren die nodig is om een gaaf boek op te zetten.

Dus we kozen ervoor om Verloren Zielen begin 2020 uit te geven. Ik was wel alvast begonnen met het uitschrijven van Boek 2 tijdens november 2019, zodat ik Boek 1 wat sterker kon verankeren. Het is beter om de hele verhaallijn al te hebben staan voordat je een serie uitgeeft, vind ik. En dat hielp zeker! Het idee was dus om dan ergens in 2020 mijn zaakjes op orde te krijgen, en dan alsnog in de herfst van 2020 te releasen.

…En toen gebeurde COVID-19. Ik kan je zeggen dat alle ambities betreffende grote nieuwe projecten bij mij linea recta het raam uitgingen. Ik kon Verloren Zielen niet eens promoten, dus waarom zou ik me drukmaken om een volledige nieuwe serie in de markt te gaan zetten? Ik heb dus de tijd genomen om te zorgen dat ik het verhaal gewoon goed had staan. Nadenken over boek 2 (en een plotsessie met mijn schrijfmaatjes in november 2019), en herschrijven van boek 1 tot iets wat verder was dan een alpha of beta versie. Heel veel meters maakte ik alleen niet, want lang marathon-werk zat er met COVID niet echt in. Wat ik wel gedaan heb, is heel veel korte verhalen schrijven (dat wordt dus weer een bundel, met werktitel Zwanenzang, die ergens in 2023 uitkomt. Bedankt, COVID :D).

In 2020 gebeurde er dus een stuk minder dan ik gewild zou hebben aan de Paraiso wereld, hoewel ik verre van stilstond wat schrijven betrof. En het gaf me wel de tijd die ik nodig had om gewoon even met de wereld te zitten, om erover na te denken. In 2021 heb ik serieuze meters gemaakt met Boek 2, waardoor ik tot een aantal doorbraken kon komen met Boek 1.

En, op 18 maart 2022 chatte ik naar mijn schrijfmaatjes:

Kelly van der Laan-Willemse, [18-3-2022 23:37]
nou, ik denk dat ik m klaar heb
De Prijs Van Water is klaar voor redactie

of iig zo klaar als ik kan

(hier stonden wat feest gifjes van de crew :D)

Kelly van der Laan-Willemse, [18-3-2022 23:42]
ik heb er bijna 2K uit geschrapt in de laatste ronden
(en prompt natuurlijk een scene erbij geschreven vanavond)
final wordcount: 78697

En daarna de redactie natuurlijk. Uiteindelijk is het verhaal geëindigd op 81723 woorden (311 pagina’s in de zetproef). Niet mijn dikste boek, wel mijn spannendste, denk ik 😀

En boek 2 wordt nog dikker. Daar ga ik binnenkort de laatste hand aan de eerste versie leggen. Mijn magiesysteem staat inmiddels goed uitgewerkt, de relaties tussen de personages zijn uitgediept, en de dramatische spanning lekker toegevoegd. Ik heb ontzettend veel zin in boek 2 afmaken en naar de proeflezers sturen.

In de tussentijd ben ik tegelijkertijd nog steeds bezig aan Onrust, het nieuwe Zwijgende Aarde boek, samen met Brenda, en staat de nieuwe verhalenbundel ook nog steeds op de lijst.
Wellicht (weer) wat ambitieus, maar we gaan het meemaken. We gaan er gewoon voor! 🙂

De prijs van water

Het is hier een tijdje stil geweest, maar dat betekent natuurlijk niet dat er achter de schermen niet van alles gaande is. Het belangrijkste nieuws is eigenlijk vooral dat ik op het moment bezig ben met de redactie van De Prijs Van Water! Cocky en ik zijn hard aan de slag om de slechte stopwoordjes en nog overgebleven kromme zinnen eruit te slopen en het verhaal zo mooi mogelijk te maken.

En ik zie je nu denken: betekent dit dat Kelly’s nieuwe boek binnenkort uitkomt? Jaaaaa, dat betekent het zeker!

De Prijs Van Water is het eerste deel van het Paraiso-tweeluik en staat voor een release begin augustus, tijdens Castlefest. Dus dat is al heel snel! We zijn hard aan het werk om alles voor die tijd zo mooi en zo gaaf mogelijk op te leveren, zodat jullie (eindelijk) weer kunnen genieten van een volledig nieuwe wereld en personages van mijn pen. Persoonlijk hang ik inmiddels al jaren in Paraiso rond en ik ben dol op die fictionele stad met al zijn problemen, en ik kan niet wachten om jullie aan de hand te nemen en jullie er rond te leiden.

(Als ik heel eerlijk ben vind ik het een beetje spannend om het een tweeluik te noemen, want in die valkuil ben ik eerder gestapt, en opeens hadden we de Lentagon trilogie plus prequel. Dus tja. En ik wéét dat boek 2, De Waarde Van Bloed dikker wordt dan boek 1. Maargoed, we gaan er gewoon voor :))

Mocht je nieuwsgierig zijn waar het over gaat: ik zal binnenkort de officiële flaptekst met jullie delen, en de cover (waar óók op dit moment hard aan gewerkt wordt). Tot die tijd kan ik alvast verklappen dat het tweeluik zich afspeelt in een futuristische fantasy-setting, waarbij een aantal jonge medewerkers van een gigantisch bedrijf (dat het monopolie heeft over de watervoorziening in een woestijnstad) vastzitten in de tachtig verdiepingen hoge toren terwijl het aangevallen wordt door monsters. Hoe kom je naar beneden vanaf de tachtigste verdieping… en wil je dat wel, als het gevaar zich van beneden af naar boven werkt? Bereid je voor op actie, spanning, bloed, magie, monsters en rebellie!

Nog een week of zes en dan gaan we! 😀

nanowrimo let’s goooo

Hype-o-meter - Fallout GIF - Fallout HypeOMeter Hype GIFs

Nanowrimo account: is geupdated en staat klaar voor wordcount updates

Week vrij voor schrijven: is geboekt

Verhaaloutline van “De Waarde Van Bloed” waar ik me waarschijnlijk toch niet aan ga houden: staat klaar

Spotify playlist: staat klaar, klik op de link om mee te luisteren

Schrijfmaatjes: in de startblokken

Zin om te schrijven: YES

NANOWRIMO, LET’S DO THIS! 😀
Wie doet er ook allemaal mee?

kelly kletst over schrijven (3)

round black side table with coffee cup
kom erbij!

Whoo, derde post in de serie! Inmiddels is het niet heel erg “schuif aan bij mijn tuintafel”-weer meer, dus we hebben nu een knusse bank en een kop thee om samen op te zitten en te kletsen over schrijven. Ik heb zojuist mijn inzending voor de Harland Awards de deur uit gedaan, dus ik vind dat ik wel even wat kletsen verdien 😀

Op welk punt in je schrijfproces verzin je de titel voor je verhaal of je boek?

Goeie vraag, want dat wisselt heel erg! Soms is de titel het eerste wat ik weet van een verhaal, maar meestal werk ik met een werktitel die ik later aanpas naar iets wat ik beter vind werken. Stof & Schitteringen heeft bijvoorbeeld altijd al zo geheten, maar Bloed & Scherven is nog een tijdje Zand & Scherven geweest (wat ook niet slecht is, aangezien er belangrijke scenes op het strand plaatsvinden in dat boek), en Talent & Kristal is héél lang Talent & Terreur geweest. Pas enkele maanden voor de publicatie vond ik deze titel toch wat te heftig en heb ik hem afgezwakt. Dat was toen best een moeilijke beslissing, want aan de ene kant is die heftige titel wel precies wat er gaande is, maar aan de andere kant wilde ik mensen ook niet afschrikken.
Vuur & Vergankelijkheid heeft bijna het hele schrijfproces heen en weer gepingpongd tussen de uiteindelijke titel (waar ik mee begonnen was) en Vuur & Verandering, die ik net zo goed vond werken. Het hing er echt vanaf op welk aspect ik wilde focussen, want het verhaal komt neer op het verbreken van de status quo en het creëren van de toekomst, hoe goed of slecht die ook zou zijn. Dus voor allebei is wat te zeggen – alleen Vergankelijkheid klinkt veel cooler, let’s be real 😀
Verloren Zielen daarentegen was heel gauw verzonnen, die tijdens een brainstormsessie met mijn schrijfmaatje en vriendin Brenda bedacht is. Die voelde meteen zo goed, dat ik er niets meer aan veranderd heb.

Met korte verhalen is het vergelijkbaar. Onze plaats in het universum, bijvoorbeeld, hebben we ingezonden naar een verhalenwedstrijd met een andere titel, genaamd Een tijdelijke oplossing. De jury had wat opmerkingen over de titel, en hoewel ik een tijdje zuur was over een verandering (de inspiratie voor de daadwerkelijke uitschrijving van het verhaal kwam uit een liedje met de frase ‘a temporary solution’ en die wilde ik niet loslaten), zijn co-auteur Corina en ik helemaal tevreden met wat het geworden is.
Roze Water heette oorspronkelijk Een handvol goud, wat denk ik ook wel gewerkt zou hebben, maar klinkt ietsje minder exotisch. Bovendien focust het op de steekpenningen, en niet op de infectie – en ik wilde daar de aandacht op vestigen.
Rode lantaarns heeft vanaf het begin zijn titel gehad, omdat het concept van de herdenkingsdag, de lantaarns en de rouw direct op een liedje genaamd “Red paper lanterns” is gebaseerd. Zoals je ziet, loopt het lekker uiteen! 🙂

Deel een zin of paragraaf van je schrijfsels waar je het meest trots op bent, en leg uit waarom.

Er zijn er meerderen die ik heel fijn vind, maar die zijn soms erg spoilerig. Dus laat ik deze delen – dit is een paragraaf uit Talent & Kristal:

‘De Lentagon is niet veilig,’ zei Sirka opeens. Haar stem was rauw en vol met emotie. ‘Er is niets veiligs
aan het kristal en ik baal dat ik keer op keer deze verdomde discussie met mensen moet voeren. Het is geen kadootje, het is geen schild. Het is een mes zonder handvat en voor je het weet bloed je erop dood en voel je je er geweldig bij.’

Soms lees je een stuk tekst terug en dan wéét je dat je in de flow was, en dan zie je passages of dialogen waarvan je denkt: YES. Dit was sowieso een mooi moment – een moment waar Joy, Sirka én Seamon het roerend met elkaar eens waren, en samen een front tegen de buitenwereld vormden. (eat shit, Lemaire).

Heb je onlangs wat nieuws geprobeerd? (stijl, genre, perspectief, of iets anders?)

Bijna altijd – veel van mijn korte verhalen zijn uitdagingen voor mezelf geweest. Zo was Nachtdienst mijn uitdaging om een horrorverhaal te schrijven, en bij Zij die weggingen wilde ik iets met veel sfeer schrijven. Onlangs heb ik een kort verhaal geschreven (bijna het hele jaar mee bezig geweest, het is op het moment een beest van bijna 10K en whew, het is een PROJECT) waarbij ik met proza en stijl aan het experimenteren ben geweest.

Ik durf er nog niet zo veel over te vertellen, want spoilers misschien – ondanks dat ik m niet geschikt vind voor verhalenwedstrijden – maar wat ik wel kan zeggen, is dat ik de onstabiele mentale staat van de hoofdpersoon in de tekst, als stijlfiguur, wilde laten terugkomen. En volgens mij is dat gelukt. Volgens mij voelt het niet als een super herkenbaar verhaal van mij. (?) Er is me verteld dat ik een super opvallende, herkenbare stijl heb, dus het zou fijn zijn als ik daarvan weg kan stappen. Dat experiment is dit verhaal geworden. Het heeft nog een paar tweaks nodig, en het is echt SUPER bleak, maar missie geslaagd, denk ik zo 😀

Delen jullie ook je favoriete zinnen en titels en nieuwe experimenten? Ik hoor ze graag! 😀

kelly kletst over schrijven (2)

Pin on Interiors/Exteriors
we gaan er weer voor zitten! (disclaimer: dit is niet mijn tuintafel :D)

Vorige blogpost vertelde ik over een vragenlijst voor schrijvers die ik aan het afwerken was. Dit is deel 2 in die serie. Ik heb super veel lol met het nadenken over de vragen en de antwoorden met jullie delen, hoop dat dat voor jullie ook zo is 😉 Hier komt het volgende setje vragen. Schuif je weer aan bij mijn virtuele tuintafel?

Welk personage vind je het leukst om te schrijven?

Ik heb hier heel erg lang over na moeten denken, want ik houd van al mijn personagekinders. Uit de Lentagonserie was het ’t moeilijkst om te kiezen, maar ik denk uiteindelijk dat mijn favoriet Sirka is. (ze had serieuze competitie van Valeria, trouwens. En Joy, want die heeft de beste one-liners in de hele serie) Sirka is zo’n heerlijk geconflicteerd personage. Ze probeert zo hard het juiste te doen, maar als je tussen haar en haar doel in staat, dan is het jammer voor je, dan liegt, bedriegt en vecht ze tot je aan de kant staat. Ze liegt als een motherfucker om te krijgen wat ze hebben wil, en dat is een thema dat de hele serie terug blijft komen. En dat hele felle, nietsontziende, gecontrasteerd met haar liefhebbende hart, vind ik een ontzettend gaaf spanningsveld om in te spelen.

In de Paraisoserie had ik het meeste lol met Monika, zoals je in de vorige post al kon lezen. Monika Silva is 20 jaar oud en werkt als callcenter medewerkster bij Hydron – de (enige) waterleverancier van Paraiso (een woestijnstad). Ze haat haar werk en haar leven. Om bij te beunen is ze illegale drank aan het stoken en een van haar grootste afnemers is haar manager. En omdat je om drank te stoken een hoop water nodig hebt, is haar manager haar aan het matsen met haar waterrekening. Kwestie van tijd totdat dit misgaat, uiteraard… 😉

Van mijn korte verhalen heb ik denk ik het meeste plezier gehaald aan het schrijven van Reka, de hoofdpersoon van Roze Water. Die had een hele aparte stem, zo murwgeslagen door eerder trauma, dat het bijzonder was om haar te schrijven. Ik heb tot op de dag van vandaag zo met haar te doen.

Schrijf je liever korte scènes of verhalen, of liever langere verhalen/boeken?

Die vraag krijg ik vaker, maar ik beantwoord hem graag! Het fijne aan korte verhalen is dat je heel kort heel intens kunt gaan. Het zijn relatief korte projecten, alsof je een sprintje trekt. Helaas is het daarna klaar, en is er meestal geen reden meer om terug te keren naar die wereld of dat concept. (Tenzij je de League schrijft, want dat is op 2 novelles na zo’n 300K aan korte verhalen langs 1 tijdlijn)

Bij het schrijven van een novelle/boek heb je een veel langere adem. Dan ben je veel meer betrokken bij de personages, bij hun ontwikkeling. Het is een marathon, of, als je het in de term van relaties wil vatten: alsof je een huwelijk aangaat, ipv een one-night-stand.

Beide opties hebben zo hun voordelen. Ik vind allebei erg leuk. Dit jaar heb ik Prijs Van Water klaargemaakt voor de redactie (begint heel binnenkort), twee-en-een-half kort verhaal geschreven voor Waterloper verhalenwedstrijd, een kort verhaal wat een compleet stijl experiment is en waarschijnlijk niet geschikt voor inzendingen, en een laatste kort verhaal wat ik voor Harland/Hebban wil insturen. Dus zoals je ziet, lekker afwisselend! 🙂

Ben je een pantser of een plotter?

Ah, de eeuwige vraag. Plan je alles van te voren volledig uit, of hoop je maar dat het goedkomt als je begint te schrijven? Het blijkt dat ik er tussenin val. Ik werk mezelf door verschillende iteraties met mijn verhaal heen, en hoe verder ik in mijn verhaal (hoe hoger de versiegetallen worden), hoe strenger ik ga outlinen. Maar in de allereerste versie ben ik meer van de freeform.

Ik ben een Lawful Plantser – ik heb een aantal key points in mijn verhalen – zeker het einde / de eindconfrontatie is een van de dingen die vooraf vast staan. Ik schrijf van key point naar key point toe, en raak onderweg regelmatig verdwaald. Ik schrijf eigenlijk bijna altijd chronologisch, omdat ik dan mee ontwikkel met de personages.

En ja, ik gebruik zeker character bio’s (man, ik plan mijn personages beter dan mijn plot, haha!) en ik voel me personally attacked door de opmerking “has definitely taken personality tests for their characters”. Pffff. *schuift haar notitieboek weg met Myers-Briggs uitwerkingen, sterrenbeelden, enneagrammen, character arcs etc*

Als ik aan het herschrijven sla, dan word ik meer een Neutral Plotter, want dan ga ik kijken naar spanningsbogen en volgordes van gebeurtenissen en dergelijke. Maar dat is zeker niet mijn natuur. Als je mij het lekkerst wil laten schrijven, dan geef je me een concept van een geweldige scène tijdens de eindconfrontatie, en dan bouw ik mijn personages, mijn wereld en mijn plot daar omheen. Door schade en schande, en heel veel frustratie heen. Ik zou willen dat ik het anders kon. Door discipline en doorbijten omdat ik verdomme een deadline heb kom ik een heel eind, maar een echte Plotter zal ik wel nooit worden. 🙂

Vertel, hoe zit dat bij jou? 🙂

De uitreiking van Waterloper Verhalenwedstrijd

Afgelopen zondag was de uitreiking van de eerste editie van Waterloper Verhalenwedstrijd. Mocht je je afvragen wat Waterloper is, dit is wat er op de website staat: “Waterloper is een themaverhalenwedstrijd in de genres fantasy, horror en science fiction voor maximaal 10.000 woorden.” Ik zie het zelf eigenlijk vooral als de spirituele opvolger van Fantastels, de verhalenwedstrijd waaraan ik heel veel te danken heb (o.a. mijn contract bij Zilverspoor, maar ook het merendeel van de verhalen die straks in mijn bundel “Verloren zielen” gepubliceerd zullen worden) en meerdere keren met veel plezier aan meegedaan heb (zelfs een keertje als jurylid). Toen Fantastels ophield, vond ik dat erg jammer – maar gelukkig werd toen Waterloper gelanceerd! 🙂

Een van de grote verschillen met Fantastels is dat Waterloper thema’s meegeeft om op te schrijven, dus dat was even nadenken. De deadline voor inzending was eind mei, dus de twee maanden ervoor was ons schrijfgroepje hard bezig met het schrijven en redigeren van onze eigen en elkaars verhalen. “Wedstrijdseizoen” noemen we het. In ons groepje had Tijs twee verhalen ingestuurd, en Brenda en ik allebei individueel een verhaal, en samen een verhaal. We hadden dus vier paarden in de race, lekker spannend. Corina en Wendy hadden dit keer niet ingestuurd, maar hebben wel meegelezen en geredigeerd.

Rosalynd trapt de uitreiking af

En zo togen we naar Rijen, waar zondag de uitreiking was. Wendy ging met ons mee, als aanmoediging. Het is grappig, hoe je er maandenlang niet nerveus over bent, maar op de ochtend van de uitreiking je opeens begint te panieken (“wat als hij gediskwalificeerd is?” “wat als hij laatste is?” ). Het wordt ook nooit gemakkelijker, zo’n uitreiking…. trillende handjes, klotsende oksels… en dan het verlossende woord.

Mijn horrorverhaal, wat ik uit de losse pols had geschreven om te kijken of ik uberhaupt wel horror kon schrijven genaamd “Nachtdienst”, haalde de tiende plaats! Ik ben heel erg blij met hoe “Nachtdienst” als verhaal geworden is. Het is niet super origineel, een beetje in de lijn van “Paranormal Activity”, maar dat was ook waar ik voor ging. Ik wilde kijken of ik het kon, en ik vond zelf dat t een spannend verhaal was geworden, met een leuke conclusie. De jury was het er mee eens, die was heel lovend. Een prima staaltje van “Voor wat het is, is het perfect uitgevoerd”. Hij wordt in de “Verloren zielen” bundel gepubliceerd, dus je kunt hem binnenkort lezen. 🙂

Brenda’s verhaal “Het andere kind” (sferische urban fantasy) werd 7e, Tijs’ verhaal “Grond voor echtscheiding” (horror) werd 6e en “Vergeten of vergeven” (urban fantasy/alternate universe) werd 4e. Allemaal supermooie prestaties, maar ik ga niet te ver daar op in want dat was hun prestatie. Ik heb alleen proefgelezen en geredigeerd en aangemoedigd. 🙂

En het sci-fantasy verhaal dat Brenda en ik samen geschreven hebben, “Rozengeur en maneschijn” werd derde! DERDE! Ik ben zo trots! Dit verhaal was ook een experiment, maar op andere gebieden. Allereerst wilden we kijken of we samen konden schrijven (het antwoord is “ja”), en ten tweede hebben we een heel universum gebouwd waarin we een trilogie willen gaan schrijven, en dit verhaal speelt zich er in af – dus we wilden kijken of de jury goed zou reageren op onze wereld(en). En ook dat experiment is meer dan geslaagd. Zo fijn!

De juryrapporten waren zo lovend dat ik er een dag later nog van gloei. Echt fantastisch.

Ook dit verhaal wordt opgenomen in “Verloren zielen”, dus als je nieuwsgierig bent, kun je dit verhaal binnenkort ook lezen.

Blije gezichten! Van links naar rechts Tijs, mijn persoontje, en Brenda 🙂

Django Mathijsen en Anaid Haen werden tweede met “Op zoek naar de poort”, en Debby Willems heeft de eerste editie van Waterloper verhalenwedstrijd gewonnen met haar verhaal “Paardenbloemen”. Gefeliciteerd, jullie zijn toppers! Hier vind je de rest van de top 10:

1 Paardenbloemen – Debby Willems
2 Op zoek naar de poort – Anaid Haen en Django Mathijsen
3 Rozengeur en maneschijn – Kelly van der Laan en Brenda Hingstman
4 Vergeten of vergeven – Tijs de Jong
5 Fietspunk, het zevende werk van Armsterk – Django Mathijsen
6 Grond voor echtscheiding – Tijs de Jong
7 Het andere kind – Brenda Hingstman
8 De graveyard orbit – Antoni Dol
9 De onschuld de tover en de held – Anaid Haen  
10 Nachtdienst – Kelly van der Laan 

Als jullie benieuwd zijn naar de volledige uitslag: die vind je hier.

Rosalynd, bedankt voor de organisatie en de geweldige wedstrijd. Juryleden, bedankt voor jullie lieve commentaren (en jullie goede smaak). Mede deelnemers…. ik zie jullie volgend jaar. We hebben al een sneak preview gehad van de thema’s van volgend jaar, en ik kan je zeggen…. we hebben er zin in! 😀

over een betere schrijver worden

Zomer 2006, tijdens een vakantie in Frankrijk. Hier was ik een verhaal aan het schrijven dat ik Dead In The Water noemde. 🙂

Als mensen me vragen hoe lang ik al schrijf, dan vertel ik ze dat ik al zo lang schrijf als ik me kan herinneren. En dat klopt ook wel – op de basisschool schreef ik korte verhaaltjes en genoot ik van opstellen schrijven, maar op de middelbare school, toen ik een computer met Wordperfect 5.1 op mijn kamer kreeg, werd het een van mijn grootste hobbies. Ik schreef vanalles, over een massamoordenaar die het op tieners voorzien had, over een meisje met een buurjongen die haar plaagde, over een creepy opvangtehuis voor tieners waar medische experimenten op ze uitgevoerd werden… allerlei soorten verhalen, en dit zijn degenen die ik me kan herinneren. Er zijn er meer, maar ze zijn bijna allemaal verloren gegaan toen de harde schijf van mijn 486 crashte (*snik*). Ik heb alleen degenen nog die ik uitgeprint had. (Maak backups, jongens!)

In 2002, toen ik 22 was, ontdekte ik Nanowrimo en ging ik, na een paar jaar alleen geroleplayed te hebben, echt verhalen schrijven. Ik vatte het plan op om rond mijn 30e gepubliceerd te zijn. Deze verhalen heb ik wel allemaal nog, en het is heel bijzonder om ze terug te lezen – vooral omdat ik de rudimentaire sterke en zwakke punten er zo uit kan halen.

Ik kan kristalhelder zien waar ik verbeterd ben (met name show don’t tell, actiescenes) en waar mijn inherente kracht zat (dialogen, personages). Het is echt alsof je naar het verleden kijkt als je een oud verhaal terugleest. Ik herken frases uit liedjes terug in hoofdstuktitels, of namen die ik aan personages heb gegeven om een bepaalde reden, of thema’s waar ik toen veel mee bezig was. Het is super grappig om te zien. Gaan die verhalen nog het levenslicht zien? Misschien.

Ze zijn vooral super belangrijk geweest in mijn pad naar de schrijver die ik nu ben. Mijn proeflezers zijn nu bezig met de alpha versie van De prijs van water, een non-stop ademloos actieverhaal. En ja de proza is but en er zitten een aantal structurele zaken ik waar ik nu aan zit te sleutelen, maar ik ben ook heel erg trots. Want een actieverhaal als dit? Die had ik in 2002 echt niet kunnen schrijven.

Het goeie nieuws: er zit dus vooruitgang in! (ik bedoel, ik heb mijn 10.000 uur echt wel gemaakt hoor, en ook wel FLINK meer dan dat!)

Het deed me echter wel nadenken over wat er nou voor gezorgd heeft dat ik mezelf heb kunnen verbeteren. En hier komen ze, in willekeurige volgorde:

  • oefenen, oefenen, oefenen! – meters maken! schrijven, kreng! buiten wordcount doelen, stel ik mezelf ook schrijfdoelen om me uit te dagen. ‘schrijf eens iets sferisch, verstilds’, of ‘schrijf een scene over iets waar je TOTAAL niet comfortabel mee bent, zoals een marteling’ of ‘schrijf eens een keertje een horrorverhaal’. Als je dingen niet uitprobeert, dan kun je de meters niet maken.
  • de feedback van proeflezers, redacteuren en juryleden – dankzij mijn allerliefste schrijfgroepje, maar ook proeflezers en natuurlijk mijn lieve redacteuren (soms ook niet zo lief, vooral als ik nét de feedback heb gehad) heb ik verhalen geherstructureerd, scenes herschreven, concepten geschrapt. ik heb ze soms ook hard genegeerd en lekker mijn eigen zin gedaan, maar de hoeveelheid keren dat ze precies de vinger wisten te leggen op iets wat me onderbewust dwars zat, is best heel groot.
  • praten met lezers – het is zo bijzonder om te zien waar lezers op “pingen”. Scenes of concepten die ik heel belangrijk of controversieel vond, worden geaccepteerd zonder veel commentaar (we kijken naar jou, seks-scene in de proloog van Bloed & Scherven!), en andere opmerkingen of concepten worden als “geweldig!” aangehaald. En dan zijn er de personages, dat vind ik nog wel het boeiendste. Als ik lezers vraag naar hun favoriete personage in de Lentagonserie, dan krijg ik steeds verschillende antwoorden. Zo bijzonder! Ik ben altijd super bang dat het overduidelijk is voor de lezers wie mijn favoriet is, maar blijkbaar is dat niet het geval. En wat betreft de favorieten van lezers… er is letterlijk niet te voorspellen waar lezers zich mee identificeren.  Dat heeft me wel een hoop geleerd – ik kan niet beslissen wat jij van mijn boek gaat vinden. En aan de ene kant is dat doodeng, maar aan de andere kant is dat ook wel bevrijdend. Ik kan niet iedereen plezieren, maar mensen halen ook plezier uit dingen waar ik nooit op gerekend had. Het werkt dus twee kanten op!

Soms hoor ik wel eens “ja, jij hebt gewoon talent”. Ik vind dat altijd onzin, want oh mijn god heb ik UREN gemaakt wat schrijven betreft – en dan ben ik nog, weet ik veel, netaan bovengemiddeld hoop ik. Ik heb keihard gewerkt om hier te komen.

Ook heb ik super veel te danken aan anderen. Proefleeshulp, aanmoediging, redactie, commentaren. Ik ben er nog lang niet, leren blijf ik altijd wel doen. Maar tegelijkertijd begin ik ook op het punt te komen dat ik ook anderen kan gaan helpen. Ik snap verhaalstructuren, story arcs. Ik snap personages héél goed.

Toen Cocky me in 2017 vroeg of ik voor Zilverspoor/Zilverbron wilde gaan redigeren, dacht ik nog: “Ik? Dat kan ik nooit!” En nu heb ik meerdere trajecten tegelijkertijd lopen en denk ik soms wel eens dat ik inmiddels een betere editor ben dan schrijfster. Het kan verkeren 🙂

Ik kijk er heel erg naar uit om in November met Corina tijdens ons Fantastische Schrijfweekend mensen te helpen met hun eigen schrijfproces en ze helpen beter te worden, zoals ik ook geholpen ben. En ze aan te moedigen om te schrijven, zoals ik ook gedaan heb.

Zo kan ik iets terug doen 🙂

de pre-alpha versie is AF!

Image result for champagne slingersNa een week of twee waarin ik middenin de eindcontrontatie zat en ik zowel het lot van een van mijn hoofdpersonages compleet overhoop gooide, als de antagonisten daarna volledig anders liet reageren, en ik tegen mezelf aan het schreeuwen was over logistiek en logica en wat ga ik dan in GODSNAAM doen in boek 2, heb ik de eerste ruwe versie van De prijs van water afgeschreven. Hoera! Champagne en glitters!

…Met inderdaad een compleet ander einde dan gepland (sorry boek 2!), maar dat is niet zo heel erg. Daar doe ik later wel iets aan, ofzo 🙂

Hij klokt in op 76K, wat een hele nette eerste woordcount einde is. Ik ben vrij tevreden met de opbouw, en hoe de eindconfrontatie uiteindelijk verlopen is. Want ondanks de veranderingen klopt het nu wel, volgens mij, en ik ben best blij wat het doet met de personages 🙂

Nu nog kijken wat de proeflezers ervan zeggen en er dan keihard mee aan de slag gaan. Want je weet wat ze zeggen: de eerste versie van een verhaal hoeft niet goed te zijn, alleen geschreven. Dat is hij nu, stap 1 is gezet. En dan daarna als een idioot aan de slag met de rest, want deadlines enzo 😀

Dus! Ben ik blij? Ja. Is het werk nog af? Bepaald niet!

Het is best heftig geweest om het afschrijven van De prijs van water te combineren met het redactieproces van Verloren zielen (de bundel) en… o ja, een baan als IT consultant ernaast. Maar is het ’t waard? Oh ja 🙂  Het lijkt erop alsof we ergens gaan komen nu. Ik ben zó benieuwd naar het eindresultaat! 😀

camp nanowrimo update

IMG_0029
Kelly anno 2004 (duidelijk nog een baby hier), op een camping in Valkenburg – schrijvend, omdat laptops meeleuren naar een tentencamping niet zo’n goed idee is. Maarja, wat moet je dan als je een goed verhaal idee hebt? Juist ja… notitieboekjes. Niet zo praktisch, dus! Het is een goed ding dat Camp Nano virtueel kamperen behelst… 😉

We zijn op dag 10 van Camp Nanowrimo. Ik zit in een virtuele ‘cabin’ met gezellige schrijfvriendinnetjes (en een schrijfvriend), en ik ben lekker aan het schrijven. Het gaat nog niet zo hard als ik zou willen, maar we zijn inmiddels bijna 8000 woorden verder (totale wordcount op het moment: 38K), en ik ben alweer lekker van mijn plot aan het afwijken en interessante details aan het bedenken die mijn verhaal verder tillen dan alleen een outline die uitgewerkt wordt.

Dat je dan gepland had dat Iris en Stefan een relatie zouden aangaan die niet bepaald over rozen ging door een valse start aan het begin – en dat ze vervolgens allebei smoorverliefd zijn en er geen speld tussen te krijgen is. Of dat ze de kristalmijn ingaan om kristal te halen en ze vervolgens gaan sightsee’en en de prachtigste dingen ontdekken. En Danira, die een wel ontzettend leuke manier heeft om niet te erg beïnvloed te worden door het kristal. Zulk soort dingen maken me domweg gewoon gelukkig; dit is waarom schrijven leuk is. Soms is schrijven het equivalent van kiezen trekken, maar soms is het ook het ontdekken van een wereld die misschien al ergens diep in je onderbewuste bestond, met al die sprankelende details en wereldbouw en persoonlijkheden. Dit is waarom ik het doe.

Help me hieraan herinneren als ik straks hopeloos in de knoei zit, alsjeblieft! 😉

camp nanowrimo

camp1Laten we meteen maar even met de deur in huis vallen: 30.000 woorden. Op dat wordcount bevindt Vuur en Verandering zich nu. Gaat best lekker, zou je zeggen, toch? Natuurlijk had ik al op het dubbele willen zitten, mijn doel was 1000 woorden per dag, maar voor wat het waard is, ben ik niet heel erg ontevreden. Ik ben ook op het punt aanbeland waar ik vorige keer stopte, dus vanaf nu ben ik niet meer aan het omgooien en herschrijven, maar vanaf nu komt er allemaal nieuw materiaal.

Dus, om een stok achter de schrijfdeur te houden, heb ik mezelf aangemeld voor Camp Nanowrimo. Even een mini-Nanowrimo om mezelf aan het produceren te krijgen en houden. Er zijn tenslotte deadlines te halen en ik wil dit verhaal nu écht een keer op papier schrijven. (De climax van dit verhaal wordt echt a-ma-zing en ik kan niet wachten tot ik die scenes uit kan schrijven!)

Ik heb net zoals de vorige twee maanden mijn wordcount op 30K gezet. Moet eigenlijk 31K zijn, aangezien juli 30 dagen heeft, maar ach. 😉 Mijn man gaat een weekje de deur uit, die gaat naar zijn ouders in Oostenrijk, dus ik heb het huis alleen. Om de eenzaamheid te verlichten, ga ik dan gewoon schrijven, is mijn doel. Bovendien heb ik een schrijfdagje met mijn vriendin Wendy ingepland, dus hopelijk kunnen we dan ook wat meters maken. Of ik kan een begin maken met dat korte verhaal idee dat ik al jaren in mijn hoofd heb zitten…. hmm…

Maar eerst: terug naar de slushpile van Edge-Zero. Er zijn verhalen die beoordeeld moeten worden!