fantastels, dus…

headingOmdat ik een sukkel ben die het zichzelf graag moeilijk maakt, en omdat ik tevens een sukkel ben die altijd het gevoel hebt dat ik dat wel even doe/dat het wel goedkomt, heb ik dit jaar voor Fantastels de handen ineengeslagen met mijn vriendin Corina. Gewoon om te kijken of het kon. (wees niet bang, ik zal geen spoilers geven ;))

Begin augustus liep ik ’s avonds met de hond buiten, niet helemaal nuchter (laten we eerlijk zijn, het was vakantie, een zomeravond, en ik had een paar wijntjes op) en had een ‘holy shit’ moment, gerelateerd aan een oud idee dat we op de plank hadden liggen. Dus ik app Corina direct – ‘Ik denk dat ik een invalshoek heb voor ons oude verhaalidee’ zei ik, of iets in die geest. ik weet nog dat ik dacht, ‘hey Kel, da’s nog best laconiek voor het feit dat je GEEST IN BRAND STAAT’ en moest om mezelf lachen. Ik geloof dat ik, in al mijn niet-nuchtere-glorie, een beetje pushy was, en vond dat het moest gebeuren. Dit moest geschreven worden. Dus ik besloot alvast te gaan schrijven, met Corina’s zegen – ik moest dit kwijt.

Ik heb haar er een beetje in gesleurd en ondanks alle obstakels op de weg (zowel qua tijd – gelukkig had Corina het niet superdruk in die tijd *kuch kuch* sorry! – als aanpak als schrijfstijl) hebben we een verhaal afgeleverd, anderhalve dag voor de deadline. HOERA 😀

Wat een ervaring is het, zo’n samenwerkingsproces! Wat een leerproces! Dat je er dan achter komt hoe erg je verschilt in de manier waarop je het schrijfproces aanvliegt… Dat Corina veel langer over concepten wil nadenken en een outline in elkaar wil zetten terwijl ik al vijfduizend woorden aan pure stront heb geschreven die allemaal door de plee moeten… (en terecht trouwens hoor!) Dat Corina veel meer zintuiglijk schrijft en ik meer emotioneel. En de concessies die je moet doen aan de deadline, die met rasse schreden nadert.
‘Nou, zo moet het maar…’ was het gevoel bij inzending… maar dan diep van binnen ben ik toch wel trots op dit verhaal, en toch ook wel heel erg benieuwd zijn naar wat de jury ervan vindt. We hebben ons best gedaan, we gaan het zien.

En nu is het wachten geblazen…

(Corina, als het verhaal niet door de voorronde komt, dan is dat mijn schuld. Aan jouw schrijven lag het niet. Je was amazing en ik ben ongetwijfeld niet de gemakkelijkste. ILY! <3)

Advertenties

we gaan ervoor!

deelname

Het is gelukt! Netjes voor de deadline heb ik mijn inzending voor Fantastels op de website geupload. Ik kan er nu niets meer aan doen. Natuurlijk was de eerste reactie nadat ik de bevestigingsmail ontving een ‘Oh mijn god wat heb ik gedaan, ik had vast nog dingen kunnen verbeteren!!’ maar die gevoelens zijn inmiddels bekend terrein. Dit is nu de vijfde keer dat ik meedoe en het wordt duidelijk niet gemakkelijker.

Ieder jaar heb ik wel weer een excuus waarom ik van mezelf vind waarom ik mezelf moet overtreffen; dus zelfs het achterover zitten en ‘ik zie wel waar ik eindig’ komt niet natuurlijk. (Dit jaar is mijn excuus dat ik vorig jaar in de jury gezeten heb en dat ik mijn top-10-streak niet wil verbreken) Ik wil het gewoon te graag; ik hecht me zo aan mijn verhalen. Het worden mijn babies en ik wil graag dat andere mensen ze ook leuk gaan vinden. Stom hè?

Dus wat heb ik dit jaar geschreven? Tja, dat mag ik niet zeggen natuurlijk. Ik ga wel zeggen dat ik hem weer lekker ballsy is, dat ik hem origineel vind, en dat ik het een van mijn betere verhalen vind (iig beter dan Zij Die Weggingen, die 10e werd op Fantastels 2014 en Deus Ex Machina, die het niet zo goed deed op de Harland Awards). Maarja, dat betekent niets, he? Ik ben de jury niet!

Waar vorig jaar als jurylid het werk nu ging beginnen, leg ik het nu neer. Tijd om te gaan afwachten…. oh, en natuurlijk me te gaan focusen op Nanowrimo! 🙂

fantastels, nanowrimo en uitzieken

maxresdefaultDit weekend zou ik eigenlijk naar FACTS gaan, maar mijn gezondheid gooit hier roet in het eten. Het zou kunnen zijn dat ik mezelf ietwat voorbij gerend ben in de afgelopen weken. Dat, plus snotterende collega’s op het werk, waren waarschijnlijk een potente mix om ervoor te zorgen dat ik dit weekend gewoon op de bank en in bed uit moet zingen. Eventjes een stapje terug doen, dus.

Het goede nieuws is dat het me wel tijd geeft om op mijn dooie akkertje de laatste hand te leggen aan mijn Fantastels verhaal. Stiekem ben ik tijdens mijn redactieproces en het aanscherpen van de proza en de plotlijn toch wel verliefd geworden op dit verhaal. Net als altijd is het weer iets compleet anders en ik durf te zeggen dat hij stiekem toch wel origineel is, dus ik ben benieuwd of de jury hem leuk gaat vinden. Ik ben inmiddels van ‘okay-met-het-verhaal’ naar ‘toch-wel-trots’ gegaan, dus dat is een goed teken wat mij betreft. Nu nog even de laatste hand leggen aan de laatste grammaticafoutjes en anglicismes, en dan kan hij ingezonden worden. Hoera!

En het andere wat ik ga doen? Lekker chillen en nadenken over Boek 4. Ik baal een beetje van het feit dat ik nog geen werktitel heb. ‘De prequel’ klinkt zo stom… maar het komt vast wel. Ik geef mezelf de aankomende dagen de ruimte om lekker te dagdromen over opa en oma Lentan, de Telchians, en die ene Surraliër in het team, en het kristal. Oh, het kristal… Het gaat leuk worden.

Het is bíjna november, bijna Nanowrimo. Bijna tijd om lekker los te gaan.
Heerlijk!

Fantastels Verhalenwedstrijd 2015

Afgelopen zaterdag was de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd 2015 en wat was het spannend! Voor mij toch wel ietsje minder, omdat ik als jurylid dit keer aan de andere kant van de tafel zat en ik de uitslag al een paar uur eerder wist dan die arme nerveuze deelnemers, maar ik kan je zeggen: ik heb wat nagels afgekloven in de hoop dat mijn favoriete verhalen hoog scoorden, hoor!

dsc_0062_zpsnlkqc1me
De winnaar, Ben Adriaanse (hier op de foto met Anaïd Haen): gefeliciteerd! Je verhaal was fantastisch!

Het blijkt dat mijn mede juryleden het met mij eens waren, mijn absolute top 3 favorieten zijn allemaal in de top 5 beland. Allereerst ontzettend gefeliciteerd aan de uiteindelijke winnaar, Ben Adriaanse, voor je fantastische De aardappelen van Clingemans & co. Je was mijn #2, maar ieder van mijn top 3 verhalen mocht winnen wat mij betrof; het was héél close. Mijn #1 was 5e geworden (toch een ietwat controversieel verhaal, maar dat is niet gek als je naar mijn smaak kijkt. Ik ben zelf tenslotte ook een Deviant prijs winnaar ;)) – De Bra-ba-bla van Bart Huyghe. Mijn #3 is 4e geworden, en dat bleek een van mijn schrijfmaatjes te zijn, Tijs de Jong, met Drie-eenheid. (Mag ik nogmaals zeggen: ik zei het toch? Ik heb zulke verdomd getalenteerde schrijfmaatjes, jongens, het is een voorrecht om zulke fantastische vrienden/proeflezers/schrijfmaatjes te hebben).

Ik ga bij deze ook mijn introductie van het juryrapport posten, zodat jullie allemaal kunnen lezen wat ik van de verhalen vond; denk dat dit wel algemeen bekend mag zijn.

Ik was heel vereerd dat ik na vier jaar fanatiek verhalen schrijven voor Fantastels dit jaar in de jury mocht plaatsnemen.

Het was oktober 2011 toen ik de stoute schoenen aan trok en voor de eerste keer een verhaal naar Fantastels instuurde. Ik besloot er gewoon voor te gaan. Het juryrapport leek me heel nuttig om mezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Mijn beste vriendin sleepte me mee naar de uitreiking, want zelf durfde ik eigenlijk niet zo goed. Ik was zo bang om verteld te worden dat ik er niets van kon, dat ik geen schrijver mocht zijn. Die angst dat hetgeen wat je zo graag wil en doet niet goed genoeg is en nooit goed genoeg zal worden – ik weet niet of jij hem gevoeld hebt, deelnemer, maar ik voelde hem… en dat is nooit gemakkelijker geworden. Zelfs na vier top tien noteringen niet. Zelfs na mijn winst in 2013 niet.

En dat is eigenlijk stom, want niemand is een hopeloos geval. Zelfs als je laatste bent niet! Want zelfs dán heb je geschreven, heb je een verhaal ingestuurd naar een verhalenwedstrijd. Schrijver zijn is een project in wording, en je zal nooit perfect zijn. Het kan altijd beter. Maar daarvoor heb je dan Fantastels, om je te helpen!

De enige manier waarop je faalt als schrijver, is als je niet schrijft. En als je blijft schrijven, dan word je vanzelf beter. Het is oefenen, proberen, soms vallen en opstaan, maar het is het waard. Mozart kon ook niet meteen perfect piano spelen… dat heeft tijd nodig. Juryrapporten zoals Fantastels je geeft, helpen je daarbij. Omdat Fantastels mij zo veel geholpen heeft, wilde ik wat terug doen en jullie ook proberen te helpen.

Ik toog met goede moed aan het lezen van jullie verhalen en ik heb mijn best gedaan om jullie allemaal tips te geven om jezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Natuurlijk viel ik over bepaalde dingen in jullie verhalen – dingen waarvan ik dacht dat ze verbeterd kunnen worden om meer uit je verhaal te kunnen halen. Soms was het plotgerelateerd, soms was het grammatica, soms was het de spanningsboog, soms was het allemaal. Maar dat maakt niet uit; want geen van de verhalen die ik las, was compleet hopeloos. Dus wees niet bang!

Tips en indrukken

De kwaliteit van de verhalen die ik las, was wisselend. Waar sommige verhalen echt fantastisch waren, hadden andere verhalen een betere redactie kunnen gebruiken; sommigen kenden de regels van grammatica en dingen als alineaopbouw niet goed. Ik ben zelf ook geen superheld wat grammatica betreft, dus maak je geen zorgen – daar heb ik niet (te) veel aftrek voor gegeven. Maar ik heb het wel altijd benoemd; het is jammer als een mooi verhaal onleesbaar wordt omdat je te veel komma’s gebruikt en je zinnen van twaalf regels krijgt, of als er op rare plekken enters staan die je uit je leesflow halen. Dan is het een gemiste kans, en daar maak ik dan opmerkingen over.

En dan waren er ook de verhalen waar nog meer uit gehaald had kunnen worden. Dat waren verhalen die ik las en dacht: ‘wel aardig, maar als er nou X of Y gedaan was, was het veel sterker geweest…’ Een van de dingen die me opviel bij het lezen van jullie verhalen, is dat er soms een echt plot ontbrak, of dat niet alles er uitgehaald werd wat er in zat. Dan werd er een goed concept neergezet, maar vervolgens liet de schrijver het dan liggen in de uitwerking. Denk hierbij aan een horrorverhaal waar de protagonist nooit echt bang is, of een concept als xenocide waarin niemand zich écht druk lijkt te maken over de uitroeiing van een andere soort. Als je een ontzettend goed concept bedenkt, trek dan ook alles uit de kast! Ofwel zorg dat je proza zo fantastisch is dat de beschrijvingen briljant zijn en de lezer verwonderd wordt, of zorg dat je iets teweeg brengt bij je lezer. Het liefste allebei natuurlijk. Het is een kort verhaal, dus het is de bedoeling dat je een indruk achterlaat.

Bedenk jezelf goed waaróm dit verhaal verteld moet worden en wat voor indruk je bij je lezer achter wil laten. Wat is je doel van je verhaal? Wat wil je bij de lezer teweeg brengen? Ennui? Woede? Verdriet? Vertedering? Verwondering? Het kan allemaal, hoor!

Als je dit goed voor jezelf uitgekristalliseerd hebt, merk je algauw dat je qua plot, opbouw en uitvoering een veel steviger verhaal in handen hebt. Voorbeeld: Mijn top 3 verhalen  riepen bij mij persoonlijk een (bijna) fysieke reactie op: bij de ene zat ik zowat te grienen, bij de ander voelde ik me alsof ik een stomp in mijn maag had gekregen, en de derde gaf me letterlijk kippenvel. Anderen wekten afschuw op, of een warm gevoel omdat ik blij was dat alles goed was gekomen. De verhalen die bij mij wat teweeg hebben gebracht, hebben ook jubelende commentaren gekregen.

Ik heb iedereen zo goed mogelijk geprobeerd aan te wijzen waar ik denk dat de verbeterpunten in jullie verhalen zitten (soms plot, soms proza, soms opbouw en uitvoering), maar er zitten dus ook een paar verhalen tussen waarvan mijn juryrapport neerkomt op ‘niets aan veranderen, winnaar van deze ronde, OMG DIT WAS FANTASTISCH’. Sorry dat ik dan niets opbouwenders kan toevoegen, maar je vindt dat vast niet vervelend om te lezen! 😉

Beoordeling

Hoe kwam ik tot deze conclusies? Ik heb in eerste instantie een matrixconstructie opgesteld met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kon scoren. De maximale score was dus 80 punten. Even ter referentie: mijn drie hoogst scorende verhalen scoorden alle drie 73 punten, de laagste scoorde 31. De gemiddelde score was rond de 59. Waar verhalen hetzelfde scoorden in mijn matrix, heb ik mijn intuïtie laten spreken.

Het kwam zo uit dat ik in de eerste ronde een complete poule of death had, waarin de top vijf verhalen allemaal boven de 63 punten kwamen. In de tweede ronde had ik maar twee verhalen die boven de 63 scoorden, heel vreemd. Het algehele gemiddelde lag daar hoger, maar de uitschieters waren daar minder hoog.

In de eindronde kwam ik gelukkig vijf van mijn zes favoriete verhalen uit de eerste twee rondes weer tegen. Er waren ook wat verhalen doorgekomen waar ik minder woeste liefde voor voelde, een paar nieuwen ik oprecht gaaf kon noemen, en nog ééntje die ik fantastisch vond en zichzelf mijn toplijst in katapulteerde. Zo leuk om te zien!

Dus…

Dit was mijn totale top 10 van Fantastels, met de scores erbij. Zoals je ziet staat er ook een verhaal tussen dat de eindronde niet gehaald heeft, maar de meesten van mijn favoriete verhalen gelukkig wel.

  • De Bra-ba-bla – 73 pt
  • De aardappelen van Clingemans & co – 73 pt
  • Drie-eenheid – 73 pt
  • De droom – 66 pt
  • En op de achtste dag… 65.5 pt
  • Ancora – 64 pt
  • Phaeton in reprise – 64 pt
  • Reset – 64 pt
  • Het Keerpunt – 62.5 pt
  • Ongedierte – 62 pt

Tot het laatste moment heb ik het moeilijk gehad of ik ‘Drie-eenheid’, ‘De Bra-ba-bla’ of ‘De aardappelen van Clingemans & co’ op de eerste plaats moet zetten. Wat mij betreft verdienen jullie alle drie de winst. De scores zijn precies hetzelfde, en om andere redenen, dus ik heb uiteindelijk de volgorde op de proza en de gelaagdheid/meta laten afhangen. Dat gezegd hebbende zou ik met alle drie even blij zijn op de plek van de winnaar, maar dat ligt niet meer in mijn machte nu. Het is aan mijn mede juryleden, en misschien zijn die het hier wel helemaal niet mee eens. Uiteindelijk ben ik maar één jurylid van de acht, hè?

Wat mij betreft is iedereen een winnaar die de ballen heeft gehad een verhaal op te schrijven, op te poetsen en naar Fantastels Verhalenwedstrijd te sturen. Jullie zijn allemaal toppers, en bedankt dat ik jullie verhalen heb mogen lezen. Het was me een eer!

Anaïd, Kasper, mede juryleden, jullie ook bedankt. Ik heb een geweldige tijd gehad!

En dan nu de hamvraag: ga ik volgend jaar weer jureren? Ik denk het niet. Ik vond het waanzinnig leuk om te doen, en verrassend genoeg kon ik het nog best wel combineren met het schrijven & redigeren van Talent en Kristal, maar ik mis het meedoen en het proeflezen voor mijn schrijfmaatjes.

Dus volgend jaar worden we hopelijk concurrenten. Allemaal meedoen, jongens! 😀

het eventseizoen gaat weer beginnen!

dsc_0044
als je weet wat we op deze foto aan het doen zijn, dan ben je net zo’n grote nerd als ik!

Wauw jongens, het lijkt wel alsof de hoeveelheid SF/Fantasy evenementen de afgelopen drie jaar verveelvoudigd is. Natuurlijk helemaal niet erg, want ik ben dol op beurzen. Je ziet zo veel leuke, interessante en waanzinnig verklede mensen en tijdens zo’n dag of weekend kun je even helemaal los gaan in het nerd-zijn. (zie foto)

In het dagelijks leven snappen mensen je vaak niet als je een extreem nerdy grap maakt (zo moest ik ooit op een evenement van werk mijn lachen inhouden omdat het logo van de game Portal gebruikt werd tijdens een powerpoint presentatie over webportalen, en niemand snapte waarom dat grappig was), of een associatie, maar op zo’n beurs ben je tussen gelijkgestemden en dat is zo fijn! En oja, we verkopen en signeren ook nog boeken, hihi.

Dus, welke evenementen kun je me binnenkort vinden?

Ergens daartussen is ook nog de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd, dus mijn sociale leven gaat even op een laag pitje vrees ik. Vooral omdat ik tussendoor ook keihard aan het redigeren ben voordat de 2.3 versie van Talent en Kristal naar Zilverbron voor de officiële redactie gaat.

Druk druk druk! 🙂

het jureren van een verhalenwedstrijd

headingOh jongens, wat is het leuk om een verhalenwedstijd als Fantastels te jureren! Het is heel bijzonder om eens aan de andere kant van de tafel te zitten en de binnenkomende verhalen te beoordelen, in plaats van de verhalen te schrijven waarmee je hoopt te winnen. Dit proces duurt een stuk langer, natuurlijk – we zijn al sinds november bezig om alle verhalen te lezen en te jureren.

Ik heb net voor mezelf de tweede ronde afgesloten en alle juryrapporten ingestuurd. Hierna is het afwachten en kijken welke verhalen er in de finaleronde terecht zijn gekomen. Als het goed is, zou ik een aantal verhalen die in de finaleronde zitten, al gelezen moeten hebben. Ik hóóp dat in ieder geval wel, want van een aantal verhalen in de voorrondes ben ik heel enthousiast geworden. Ik heb ze complimenteuze juryrapporten geschreven en hoog in mijn ranking gezet, maar wat als mijn mede-juryleden het er niet mee eens waren en ze een lage score gegeven hebben? Dan zal ik ze in de eindronde niet terug vinden. 😦

De eindronde gaat in ieder geval super spannend worden, want je kunt er vanuit gaan dat je daar de beste verhalen gaat terug vinden. We hebben al beslissingen moeten nemen zoals wat er belangrijker is bij het uitdelen van een plaats in de ranking: de fantastische proza van verhaal X, de emotionele suckerpunch die verhaal Y uitdeelde, of de briljant beschreven setting in verhaal Z – maar in de eindronde gaan die beslissingen nog even wat zwaarder wegen, want daar zit alles qua kwaliteit een stuk dichter op elkaar.

Ik heb een score ranking systeem met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kunt scoren, en in vorige rondes moest ik daar nog eens met een fingerspitzen gevoel overheen want blijkbaar scoorden best veel verhalen 60/80, maar ik verwacht dat dit in de eindronde nog eens heftiger gaat worden. De vergelijkingen worden nog spannender!

En dan op de dag van de uitreiking hoor ik maar een paar uur eerder dan de deelnemers wie er daadwerkelijk achter die verhalen zitten. Ik ken een aantal van de deelnemers persoonlijk, maar heb niemand in hun verhalen kunnen hérkennen, dus voor mij is het net zo spannend als voor jullie. Ik heb meningen over mijn favoriete verhalen, jongens. Ook al heb ik de verhalen niet zelf geschreven, ben ik super geïnvesteerd in hoe (goed) ze het uiteindelijk gaan doen. Het is zo spannend!

De missie om Fantastels Verhalenwedstrijd wat voor me te ontstressen door te jureren in plaats van deel te nemen, is bij deze gefaald. Maar gelukkig is het zo leuk om te doen, dat ik het helemaal niet erg vind.

Tot bij de uitreiking allemaal!

 

fantastels verhalenwedstrijd 2014

Wat een bizarre dag gisteren. Zaterdag 18 april 2015 was de dag dat er meerdere dingen tegelijk gebeurden: aan de ene kant was de uitreiking van Fantastels 2014, en aan de andere kant was daar de crematie van Jos Weijmer. En daarna nog eens een keer een huwelijksreceptie van een oude vriendin. Over emotionele whiplash gesproken.

Ik arriveerde een beetje te vroeg in Stolwijk, maar dat gaf me tijd om iedereen te begroeten, te condoleren, te en bij te praten. Mijn schrijfmaatjes Brenda en Tijs arriveerden kort erna, en we namen plaats in het publiek. Allereerst werd op een ludieke manier de opening van de zwerfboekenbibliotheek van Stolwijk geopend, en daarna had Anaïd, na de introductie van de schrijfwedstrijd uitreiking, een mooie speech voor Jos. Dat was even een zwaar moment voor iedereen die hem kende, maar we hebben daarna, zoals zijn vrouw gevraagd had, (ook) in Stolwijk keihard voor hem geapplaudisseerd. Een staande ovatie, door de tranen heen.

En daarna was het tijd voor de rest van de uitreiking. Je zou zeggen dat de zenuwen minder heftig zouden zijn als je Fantastels al eens gewonnen hebt, maar ik kan je zeggen: niet dus. Iedere slide die voorbij kwam waar onze namen niet op stonden, was een juichmomentje. Mijn vrienden Tijs en Brenda deden voor de eerste keer mee met allebei prachtige verhalen (ik had ze proefgelezen), dus voor hen was het ook superspannend omdat ze niet wisten wat ze konden verwachten. Ik wist juist wat ik wel kon verwachten en stierf duizend doden. Heh. Ik weet precies hoe erg het kan zijn, dat wachten.

Tijs sneuvelde helaas nét voor de tweede ronde op de 27e plaats (zonde, zonde! Ik vond vooral ‘Flessenpost’ een waanzinnig verhaal dat de tweede ronde zeker verdiende), maar Brenda en ik haalden het tot de tweede ronde.
En toen de derde…

Op dat moment was ik al tevreden. Ik was heel bang dat na mijn winst van vorig jaar, mijn verhaal van dit jaar al heel vroeg zou sneuvelen, wat ‘Roze water’ echt een toevalstreffer was. (Wat het natuurlijk niet kán zijn, nadat ik de twee jaren ervoor ook al top tien verhalen had geschreven, maar hé, vertel dat aan mijn onderbewuste). Dit verhaal, dat gaat over geesten en het vagevuur, was een compleet experiment.

Toen ik dit verhaal schreef, wilde ik oefenen met atmosfeer en proza, en wat minder op de actie en de personages en de dialogen. Ik wilde iets kleins, iets verstilds schrijven. (Heel eerlijk: ik wilde iets doen wat een beetje richting mijn schrijfmaatje/vriendin Corina Onderstijn haar stijl gaat – gewoon om te kijken of ik het kon). En ik denk dat het gelukt is.

Mijn verhaal ‘Zij die weggingen’ werd tiende. 😀

Mijn vierde top tien verhaal is in de pocket! Ik ben super blij en tevreden met het resultaat. Een tweede winst zou natuurlijk nog beter geweest zijn, maar geloof me, dit is meer dan genoeg.

Vooral omdat het uiteindelijk bleek dat Brenda’s ‘Verborgen Paden’ won! Ik mocht de winstfakkel overgeven aan mijn beste vriendin en eindelijk zeggen; “Ik zei het toch” omdat ik een supergrote fan ben van haar schrijven en zij onzeker was over haar eigen kunnen. Dus bij deze, en plein publiek, gewoon omdat het kan: “IK ZEI HET TOCH, Brenda!” Gefeliciteerd, lieverd. Ik ben super blij voor je. 😀

Mocht je nu zoiets hebben: “Kelly, wat houd je toch die top tien steeds bezet, houd eens op” dan heb ik goed nieuws. Dit was voorlopig mijn laatste deelname aan Fantastels. Ik heb met Anaïd gekletst, en volgend jaar ben ik met een andere insteek met Fantastels bezig: volgend jaar ben ik jurylid.
Ik ben al hard aan het nadenken over hoe ik de scores en de rangschikking wil gaan opstellen; ik heb er ontzettend veel zin in en voel me vereerd dat ik onderdeel mag zijn van de jury.
Dank je wel voor de eer, Anaïd!

terugblik op 2014

op FACTSHet is die tijd van het jaar dat iedereen gaat terugblikken op het afgelopen jaar, en ik doe daar vrolijk aan mee. Dit jaar is dat geen vervelende taak. Jemig mensen, wát een jaar was 2014! Er is zo ontzettend veel gebeurd… en allemaal ook zo kort op elkaar, lijkt wel.

Na een paar maanden keihard redigeren in februari en maart kwam het in april allemaal tegelijk:

  • Ik kreeg een trofee in mijn handen omdat ik Fantastels 2013 had gewonnen met mijn verhaal “Roze Water” (op deze blog onder de ‘downloads’ link en op fantasywereld.nl te vinden)
  • Mijn boek “Stof en Schitteringen” werd in dozen aan de deur geleverd
  • Ik kreeg van uitgeverij Zilverbron prompt een contract voor het vervolg, “Bloed en Scherven” (release: ergens in maart of april 2015)
  • En daarna was het meteen al tijd voor Elfia Haarzuilens! Drie dagen in de zon collega’s ontmoeten, lezers ontmoeten, en boeken verkopen!

Dit was allemaal in drie weken tijd en ik duizelde ervan, maar het gevoel was fantastisch natuurlijk. Ik was doodsbang dat mensen mijn boek óf niet zouden kopen, of wel – en het dan niet leuk zouden vinden. Maar in beide gevallen ben in ontzettend gerustgesteld. Ik kreeg enthousiaste reacties van lezers op recensiewebsites als Goodreads, Bol.com en Hebban, boekenblogs, maar ook van toch wel belangrijke websites als Fantasyboeken.org en Fantasywereld.nl.

Ik ben naar verschillende events geweest; De Magic Fair, Fantastyval, Castlefest (mijn favoriet!), FACTS en Elfia Arcen – allemaal zulke leuke gezellige dagen waarin ik kletste met mijn collega auteurs bij Zilverbron/Zilverspoor en vooral contact legde met potentiële lezers… en bij de latere events, ook fijne reacties kreeg van mensen die mijn boek inmiddels uithadden!

En tussen alles door heb ik de bèta versie van “Bloed en Scherven” afgeschreven (waaraan we nu ieder moment aan de eindredactie kunnen beginnen) en een begin gemaakt met de alpha versie van prequel boek “Vuur en Vergankelijkheid”, die zeventig jaar voor de gebeurtenissen van het tweeluik speelt.

…en dat alles ook nog eens náást de rest van mijn leven. Wat een feest, mensen! Het was een enerverend jaar, kan ik wel zeggen. Een schitterend jaar. 😉

Nu dan, wat staat er op stapel voor 2015?

  • de release van “Bloed en Scherven” (en jongens, jongens, wat ben ik benieuwd wat jullie dáár van vinden… dit boek is nog veel meer mijn kindje dan “Stof”; ik ben hier keihard kapot op gegaan. Ik hoop zo dat jullie ervan genieten!)
  • het afschrijven van “Vuur en Vergankelijkheid” (verhaal zit nu op 50K van Nanowrimo maar alle plotlijnen liggen overhoop en het is een logistieke bende. het wordt een leuke uitdaging om dat allemaal op één lijn te krijgen, maar ik heb er alle vertrouwen in)
  • en dan misschien… héél misschien… heb ik nog een idee voor een verhaal post-“Bloed”. Dat zou de serie geen tweeluik meer maken maar een trilogie, met “Vuur” als een prequel. Maar ik weet nog niet precies of en hoe ik dat vorm moet gaan geven.
  • verder: ???? wie weet. 2015 is nog een onbeschreven blad.

Ik wens jullie allemaal fijne feestdagen, een topfeest tijdens nieuwjaar, en het allerbeste voor 2015! Heel veel liefs!

fantastels verhalenwedstrijd 2013

2014-04-06 22.03.03“En hoe voel je je nu?” vragen mensen me. “Had je het verwacht?”

Ik kan iedereen maar met een hele grote grijns aanstaren. Nee, ik had het niet verwacht. “Roze Water” als winnaar van Fantastels 2013? Als je me dat vorige week gezegd zou hebben, had ik je waarschijnlijk lachend weggewuifd. Ondanks dat ik na het schrijven erg blij was met de emotionele punch en het morele dillemma in het verhaal, had ik na het herlezen van de week opeens flinke twijfels. Er zaten echt nog wel wat slordigheidjes in; of in ieder geval zinnen die ik beter had kunnen schrijven. Het concept was heel gaaf, maar ik vond dat ik de uitwerking nog wel had kunnen verbeteren. Ik had eigenlijk gewoon nog een paar weken nodig gehad, maar het idee en de moed om het uit te schrijven kwamen maar heel kort voor de deadline.

Dus wat had ik verwacht? Ik hoopte top 50. “Getij” deed het vorig jaar ook ongeveer op die hoogte. Dit verhaal was beter, maar de concurrentie was ook moordend. 145 ingestuurde verhalen! Mijn Zilverbron collega’s Robert Bijman en Mara van Ness hadden verhalen ingestuurd, en Corina Onderstijn ook. Ik had de verhalen van Corina en Mara zelfs nog proefgelezen. (Corina’s verhaal was mijn favoriet. Niemand doet subtiele sfeerschetsen zo goed als zij).

En toen kregen we weer die zenuwslopende uitreiking, waarin met iedere slide van namen die langskomt waar jij niet tussen staat, je hartslag oploopt. Tegen de tijd dat we de tweede ronde bereikten en dus al 120 mensen achter ons gelaten hadden, schoot mijn hartslag weer boven de 150. Toen we de top 10 bereikten stierf ik duizend doden. En dan het gevoel van toen ik de achtste en de zevende plaats voorbij ging… verbetering van de vorige twee keren. In 2011 werd ik achtste, in 2012 werd ik zevende. En toen nummer zes, nummer vijf, nummer vier… toen was er alleen nog maar ongeloof en die woeste hoop en een “het zal toch niet…”

Toen Gerard van den Akker de nummer twee aankondigde en begon iets te zeggen over “Subtiliteit” en iets van een vloek, toen wist ik het. Dat was Corina’s verhaal, ik herkende de concepten en dat betekende dat ik de winnaar was.

Het staat er toch echt op die bokaal. Fantastels 2013, 1e prijs, Kelly van der Laan, Roze Water.

En wat een mooie bokaal! En de eer, knuffels van iedereen, trillende handen terwijl ik foto’s maakte van mijn bokaal, enthousiaste reactie van Cocky en Zilverbron… zulke lieve reacties via social media… wauw.

Ik leef in een droom, mensen. Mike Jansen, de winnaar van vorig jaar, wist me te melden dat de roes hiervan een week of twee duurt.

Da’s prima. Over twee weken komt “Stof en Schitteringen” uit. Ik hou deze high voorlopig nog wel even vast, hihi….