fantastels, dus…

headingOmdat ik een sukkel ben die het zichzelf graag moeilijk maakt, en omdat ik tevens een sukkel ben die altijd het gevoel hebt dat ik dat wel even doe/dat het wel goedkomt, heb ik dit jaar voor Fantastels de handen ineengeslagen met mijn vriendin Corina. Gewoon om te kijken of het kon. (wees niet bang, ik zal geen spoilers geven ;))

Begin augustus liep ik ’s avonds met de hond buiten, niet helemaal nuchter (laten we eerlijk zijn, het was vakantie, een zomeravond, en ik had een paar wijntjes op) en had een ‘holy shit’ moment, gerelateerd aan een oud idee dat we op de plank hadden liggen. Dus ik app Corina direct – ‘Ik denk dat ik een invalshoek heb voor ons oude verhaalidee’ zei ik, of iets in die geest. ik weet nog dat ik dacht, ‘hey Kel, da’s nog best laconiek voor het feit dat je GEEST IN BRAND STAAT’ en moest om mezelf lachen. Ik geloof dat ik, in al mijn niet-nuchtere-glorie, een beetje pushy was, en vond dat het moest gebeuren. Dit moest geschreven worden. Dus ik besloot alvast te gaan schrijven, met Corina’s zegen – ik moest dit kwijt.

Ik heb haar er een beetje in gesleurd en ondanks alle obstakels op de weg (zowel qua tijd – gelukkig had Corina het niet superdruk in die tijd *kuch kuch* sorry! – als aanpak als schrijfstijl) hebben we een verhaal afgeleverd, anderhalve dag voor de deadline. HOERA 😀

Wat een ervaring is het, zo’n samenwerkingsproces! Wat een leerproces! Dat je er dan achter komt hoe erg je verschilt in de manier waarop je het schrijfproces aanvliegt… Dat Corina veel langer over concepten wil nadenken en een outline in elkaar wil zetten terwijl ik al vijfduizend woorden aan pure stront heb geschreven die allemaal door de plee moeten… (en terecht trouwens hoor!) Dat Corina veel meer zintuiglijk schrijft en ik meer emotioneel. En de concessies die je moet doen aan de deadline, die met rasse schreden nadert.
‘Nou, zo moet het maar…’ was het gevoel bij inzending… maar dan diep van binnen ben ik toch wel trots op dit verhaal, en toch ook wel heel erg benieuwd zijn naar wat de jury ervan vindt. We hebben ons best gedaan, we gaan het zien.

En nu is het wachten geblazen…

(Corina, als het verhaal niet door de voorronde komt, dan is dat mijn schuld. Aan jouw schrijven lag het niet. Je was amazing en ik ben ongetwijfeld niet de gemakkelijkste. ILY! <3)

Advertenties

we gaan ervoor!

deelname

Het is gelukt! Netjes voor de deadline heb ik mijn inzending voor Fantastels op de website geupload. Ik kan er nu niets meer aan doen. Natuurlijk was de eerste reactie nadat ik de bevestigingsmail ontving een ‘Oh mijn god wat heb ik gedaan, ik had vast nog dingen kunnen verbeteren!!’ maar die gevoelens zijn inmiddels bekend terrein. Dit is nu de vijfde keer dat ik meedoe en het wordt duidelijk niet gemakkelijker.

Ieder jaar heb ik wel weer een excuus waarom ik van mezelf vind waarom ik mezelf moet overtreffen; dus zelfs het achterover zitten en ‘ik zie wel waar ik eindig’ komt niet natuurlijk. (Dit jaar is mijn excuus dat ik vorig jaar in de jury gezeten heb en dat ik mijn top-10-streak niet wil verbreken) Ik wil het gewoon te graag; ik hecht me zo aan mijn verhalen. Het worden mijn babies en ik wil graag dat andere mensen ze ook leuk gaan vinden. Stom hè?

Dus wat heb ik dit jaar geschreven? Tja, dat mag ik niet zeggen natuurlijk. Ik ga wel zeggen dat ik hem weer lekker ballsy is, dat ik hem origineel vind, en dat ik het een van mijn betere verhalen vind (iig beter dan Zij Die Weggingen, die 10e werd op Fantastels 2014 en Deus Ex Machina, die het niet zo goed deed op de Harland Awards). Maarja, dat betekent niets, he? Ik ben de jury niet!

Waar vorig jaar als jurylid het werk nu ging beginnen, leg ik het nu neer. Tijd om te gaan afwachten…. oh, en natuurlijk me te gaan focusen op Nanowrimo! 🙂

fantastels, nanowrimo en uitzieken

maxresdefaultDit weekend zou ik eigenlijk naar FACTS gaan, maar mijn gezondheid gooit hier roet in het eten. Het zou kunnen zijn dat ik mezelf ietwat voorbij gerend ben in de afgelopen weken. Dat, plus snotterende collega’s op het werk, waren waarschijnlijk een potente mix om ervoor te zorgen dat ik dit weekend gewoon op de bank en in bed uit moet zingen. Eventjes een stapje terug doen, dus.

Het goede nieuws is dat het me wel tijd geeft om op mijn dooie akkertje de laatste hand te leggen aan mijn Fantastels verhaal. Stiekem ben ik tijdens mijn redactieproces en het aanscherpen van de proza en de plotlijn toch wel verliefd geworden op dit verhaal. Net als altijd is het weer iets compleet anders en ik durf te zeggen dat hij stiekem toch wel origineel is, dus ik ben benieuwd of de jury hem leuk gaat vinden. Ik ben inmiddels van ‘okay-met-het-verhaal’ naar ‘toch-wel-trots’ gegaan, dus dat is een goed teken wat mij betreft. Nu nog even de laatste hand leggen aan de laatste grammaticafoutjes en anglicismes, en dan kan hij ingezonden worden. Hoera!

En het andere wat ik ga doen? Lekker chillen en nadenken over Boek 4. Ik baal een beetje van het feit dat ik nog geen werktitel heb. ‘De prequel’ klinkt zo stom… maar het komt vast wel. Ik geef mezelf de aankomende dagen de ruimte om lekker te dagdromen over opa en oma Lentan, de Telchians, en die ene Surraliër in het team, en het kristal. Oh, het kristal… Het gaat leuk worden.

Het is bíjna november, bijna Nanowrimo. Bijna tijd om lekker los te gaan.
Heerlijk!

Fantastels Verhalenwedstrijd 2015

Afgelopen zaterdag was de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd 2015 en wat was het spannend! Voor mij toch wel ietsje minder, omdat ik als jurylid dit keer aan de andere kant van de tafel zat en ik de uitslag al een paar uur eerder wist dan die arme nerveuze deelnemers, maar ik kan je zeggen: ik heb wat nagels afgekloven in de hoop dat mijn favoriete verhalen hoog scoorden, hoor!

dsc_0062_zpsnlkqc1me
De winnaar, Ben Adriaanse (hier op de foto met Anaïd Haen): gefeliciteerd! Je verhaal was fantastisch!

Het blijkt dat mijn mede juryleden het met mij eens waren, mijn absolute top 3 favorieten zijn allemaal in de top 5 beland. Allereerst ontzettend gefeliciteerd aan de uiteindelijke winnaar, Ben Adriaanse, voor je fantastische De aardappelen van Clingemans & co. Je was mijn #2, maar ieder van mijn top 3 verhalen mocht winnen wat mij betrof; het was héél close. Mijn #1 was 5e geworden (toch een ietwat controversieel verhaal, maar dat is niet gek als je naar mijn smaak kijkt. Ik ben zelf tenslotte ook een Deviant prijs winnaar ;)) – De Bra-ba-bla van Bart Huyghe. Mijn #3 is 4e geworden, en dat bleek een van mijn schrijfmaatjes te zijn, Tijs de Jong, met Drie-eenheid. (Mag ik nogmaals zeggen: ik zei het toch? Ik heb zulke verdomd getalenteerde schrijfmaatjes, jongens, het is een voorrecht om zulke fantastische vrienden/proeflezers/schrijfmaatjes te hebben).

Ik ga bij deze ook mijn introductie van het juryrapport posten, zodat jullie allemaal kunnen lezen wat ik van de verhalen vond; denk dat dit wel algemeen bekend mag zijn.

Ik was heel vereerd dat ik na vier jaar fanatiek verhalen schrijven voor Fantastels dit jaar in de jury mocht plaatsnemen.

Het was oktober 2011 toen ik de stoute schoenen aan trok en voor de eerste keer een verhaal naar Fantastels instuurde. Ik besloot er gewoon voor te gaan. Het juryrapport leek me heel nuttig om mezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Mijn beste vriendin sleepte me mee naar de uitreiking, want zelf durfde ik eigenlijk niet zo goed. Ik was zo bang om verteld te worden dat ik er niets van kon, dat ik geen schrijver mocht zijn. Die angst dat hetgeen wat je zo graag wil en doet niet goed genoeg is en nooit goed genoeg zal worden – ik weet niet of jij hem gevoeld hebt, deelnemer, maar ik voelde hem… en dat is nooit gemakkelijker geworden. Zelfs na vier top tien noteringen niet. Zelfs na mijn winst in 2013 niet.

En dat is eigenlijk stom, want niemand is een hopeloos geval. Zelfs als je laatste bent niet! Want zelfs dán heb je geschreven, heb je een verhaal ingestuurd naar een verhalenwedstrijd. Schrijver zijn is een project in wording, en je zal nooit perfect zijn. Het kan altijd beter. Maar daarvoor heb je dan Fantastels, om je te helpen!

De enige manier waarop je faalt als schrijver, is als je niet schrijft. En als je blijft schrijven, dan word je vanzelf beter. Het is oefenen, proberen, soms vallen en opstaan, maar het is het waard. Mozart kon ook niet meteen perfect piano spelen… dat heeft tijd nodig. Juryrapporten zoals Fantastels je geeft, helpen je daarbij. Omdat Fantastels mij zo veel geholpen heeft, wilde ik wat terug doen en jullie ook proberen te helpen.

Ik toog met goede moed aan het lezen van jullie verhalen en ik heb mijn best gedaan om jullie allemaal tips te geven om jezelf als schrijver te kunnen verbeteren. Natuurlijk viel ik over bepaalde dingen in jullie verhalen – dingen waarvan ik dacht dat ze verbeterd kunnen worden om meer uit je verhaal te kunnen halen. Soms was het plotgerelateerd, soms was het grammatica, soms was het de spanningsboog, soms was het allemaal. Maar dat maakt niet uit; want geen van de verhalen die ik las, was compleet hopeloos. Dus wees niet bang!

Tips en indrukken

De kwaliteit van de verhalen die ik las, was wisselend. Waar sommige verhalen echt fantastisch waren, hadden andere verhalen een betere redactie kunnen gebruiken; sommigen kenden de regels van grammatica en dingen als alineaopbouw niet goed. Ik ben zelf ook geen superheld wat grammatica betreft, dus maak je geen zorgen – daar heb ik niet (te) veel aftrek voor gegeven. Maar ik heb het wel altijd benoemd; het is jammer als een mooi verhaal onleesbaar wordt omdat je te veel komma’s gebruikt en je zinnen van twaalf regels krijgt, of als er op rare plekken enters staan die je uit je leesflow halen. Dan is het een gemiste kans, en daar maak ik dan opmerkingen over.

En dan waren er ook de verhalen waar nog meer uit gehaald had kunnen worden. Dat waren verhalen die ik las en dacht: ‘wel aardig, maar als er nou X of Y gedaan was, was het veel sterker geweest…’ Een van de dingen die me opviel bij het lezen van jullie verhalen, is dat er soms een echt plot ontbrak, of dat niet alles er uitgehaald werd wat er in zat. Dan werd er een goed concept neergezet, maar vervolgens liet de schrijver het dan liggen in de uitwerking. Denk hierbij aan een horrorverhaal waar de protagonist nooit echt bang is, of een concept als xenocide waarin niemand zich écht druk lijkt te maken over de uitroeiing van een andere soort. Als je een ontzettend goed concept bedenkt, trek dan ook alles uit de kast! Ofwel zorg dat je proza zo fantastisch is dat de beschrijvingen briljant zijn en de lezer verwonderd wordt, of zorg dat je iets teweeg brengt bij je lezer. Het liefste allebei natuurlijk. Het is een kort verhaal, dus het is de bedoeling dat je een indruk achterlaat.

Bedenk jezelf goed waaróm dit verhaal verteld moet worden en wat voor indruk je bij je lezer achter wil laten. Wat is je doel van je verhaal? Wat wil je bij de lezer teweeg brengen? Ennui? Woede? Verdriet? Vertedering? Verwondering? Het kan allemaal, hoor!

Als je dit goed voor jezelf uitgekristalliseerd hebt, merk je algauw dat je qua plot, opbouw en uitvoering een veel steviger verhaal in handen hebt. Voorbeeld: Mijn top 3 verhalen  riepen bij mij persoonlijk een (bijna) fysieke reactie op: bij de ene zat ik zowat te grienen, bij de ander voelde ik me alsof ik een stomp in mijn maag had gekregen, en de derde gaf me letterlijk kippenvel. Anderen wekten afschuw op, of een warm gevoel omdat ik blij was dat alles goed was gekomen. De verhalen die bij mij wat teweeg hebben gebracht, hebben ook jubelende commentaren gekregen.

Ik heb iedereen zo goed mogelijk geprobeerd aan te wijzen waar ik denk dat de verbeterpunten in jullie verhalen zitten (soms plot, soms proza, soms opbouw en uitvoering), maar er zitten dus ook een paar verhalen tussen waarvan mijn juryrapport neerkomt op ‘niets aan veranderen, winnaar van deze ronde, OMG DIT WAS FANTASTISCH’. Sorry dat ik dan niets opbouwenders kan toevoegen, maar je vindt dat vast niet vervelend om te lezen! 😉

Beoordeling

Hoe kwam ik tot deze conclusies? Ik heb in eerste instantie een matrixconstructie opgesteld met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kon scoren. De maximale score was dus 80 punten. Even ter referentie: mijn drie hoogst scorende verhalen scoorden alle drie 73 punten, de laagste scoorde 31. De gemiddelde score was rond de 59. Waar verhalen hetzelfde scoorden in mijn matrix, heb ik mijn intuïtie laten spreken.

Het kwam zo uit dat ik in de eerste ronde een complete poule of death had, waarin de top vijf verhalen allemaal boven de 63 punten kwamen. In de tweede ronde had ik maar twee verhalen die boven de 63 scoorden, heel vreemd. Het algehele gemiddelde lag daar hoger, maar de uitschieters waren daar minder hoog.

In de eindronde kwam ik gelukkig vijf van mijn zes favoriete verhalen uit de eerste twee rondes weer tegen. Er waren ook wat verhalen doorgekomen waar ik minder woeste liefde voor voelde, een paar nieuwen ik oprecht gaaf kon noemen, en nog ééntje die ik fantastisch vond en zichzelf mijn toplijst in katapulteerde. Zo leuk om te zien!

Dus…

Dit was mijn totale top 10 van Fantastels, met de scores erbij. Zoals je ziet staat er ook een verhaal tussen dat de eindronde niet gehaald heeft, maar de meesten van mijn favoriete verhalen gelukkig wel.

  • De Bra-ba-bla – 73 pt
  • De aardappelen van Clingemans & co – 73 pt
  • Drie-eenheid – 73 pt
  • De droom – 66 pt
  • En op de achtste dag… 65.5 pt
  • Ancora – 64 pt
  • Phaeton in reprise – 64 pt
  • Reset – 64 pt
  • Het Keerpunt – 62.5 pt
  • Ongedierte – 62 pt

Tot het laatste moment heb ik het moeilijk gehad of ik ‘Drie-eenheid’, ‘De Bra-ba-bla’ of ‘De aardappelen van Clingemans & co’ op de eerste plaats moet zetten. Wat mij betreft verdienen jullie alle drie de winst. De scores zijn precies hetzelfde, en om andere redenen, dus ik heb uiteindelijk de volgorde op de proza en de gelaagdheid/meta laten afhangen. Dat gezegd hebbende zou ik met alle drie even blij zijn op de plek van de winnaar, maar dat ligt niet meer in mijn machte nu. Het is aan mijn mede juryleden, en misschien zijn die het hier wel helemaal niet mee eens. Uiteindelijk ben ik maar één jurylid van de acht, hè?

Wat mij betreft is iedereen een winnaar die de ballen heeft gehad een verhaal op te schrijven, op te poetsen en naar Fantastels Verhalenwedstrijd te sturen. Jullie zijn allemaal toppers, en bedankt dat ik jullie verhalen heb mogen lezen. Het was me een eer!

Anaïd, Kasper, mede juryleden, jullie ook bedankt. Ik heb een geweldige tijd gehad!

En dan nu de hamvraag: ga ik volgend jaar weer jureren? Ik denk het niet. Ik vond het waanzinnig leuk om te doen, en verrassend genoeg kon ik het nog best wel combineren met het schrijven & redigeren van Talent en Kristal, maar ik mis het meedoen en het proeflezen voor mijn schrijfmaatjes.

Dus volgend jaar worden we hopelijk concurrenten. Allemaal meedoen, jongens! 😀

het eventseizoen gaat weer beginnen!

dsc_0044
als je weet wat we op deze foto aan het doen zijn, dan ben je net zo’n grote nerd als ik!

Wauw jongens, het lijkt wel alsof de hoeveelheid SF/Fantasy evenementen de afgelopen drie jaar verveelvoudigd is. Natuurlijk helemaal niet erg, want ik ben dol op beurzen. Je ziet zo veel leuke, interessante en waanzinnig verklede mensen en tijdens zo’n dag of weekend kun je even helemaal los gaan in het nerd-zijn. (zie foto)

In het dagelijks leven snappen mensen je vaak niet als je een extreem nerdy grap maakt (zo moest ik ooit op een evenement van werk mijn lachen inhouden omdat het logo van de game Portal gebruikt werd tijdens een powerpoint presentatie over webportalen, en niemand snapte waarom dat grappig was), of een associatie, maar op zo’n beurs ben je tussen gelijkgestemden en dat is zo fijn! En oja, we verkopen en signeren ook nog boeken, hihi.

Dus, welke evenementen kun je me binnenkort vinden?

Ergens daartussen is ook nog de uitreiking van Fantastels Verhalenwedstrijd, dus mijn sociale leven gaat even op een laag pitje vrees ik. Vooral omdat ik tussendoor ook keihard aan het redigeren ben voordat de 2.3 versie van Talent en Kristal naar Zilverbron voor de officiële redactie gaat.

Druk druk druk! 🙂

het jureren van een verhalenwedstrijd

headingOh jongens, wat is het leuk om een verhalenwedstijd als Fantastels te jureren! Het is heel bijzonder om eens aan de andere kant van de tafel te zitten en de binnenkomende verhalen te beoordelen, in plaats van de verhalen te schrijven waarmee je hoopt te winnen. Dit proces duurt een stuk langer, natuurlijk – we zijn al sinds november bezig om alle verhalen te lezen en te jureren.

Ik heb net voor mezelf de tweede ronde afgesloten en alle juryrapporten ingestuurd. Hierna is het afwachten en kijken welke verhalen er in de finaleronde terecht zijn gekomen. Als het goed is, zou ik een aantal verhalen die in de finaleronde zitten, al gelezen moeten hebben. Ik hóóp dat in ieder geval wel, want van een aantal verhalen in de voorrondes ben ik heel enthousiast geworden. Ik heb ze complimenteuze juryrapporten geschreven en hoog in mijn ranking gezet, maar wat als mijn mede-juryleden het er niet mee eens waren en ze een lage score gegeven hebben? Dan zal ik ze in de eindronde niet terug vinden. 😦

De eindronde gaat in ieder geval super spannend worden, want je kunt er vanuit gaan dat je daar de beste verhalen gaat terug vinden. We hebben al beslissingen moeten nemen zoals wat er belangrijker is bij het uitdelen van een plaats in de ranking: de fantastische proza van verhaal X, de emotionele suckerpunch die verhaal Y uitdeelde, of de briljant beschreven setting in verhaal Z – maar in de eindronde gaan die beslissingen nog even wat zwaarder wegen, want daar zit alles qua kwaliteit een stuk dichter op elkaar.

Ik heb een score ranking systeem met acht categorieën waarin je op een schaal van 1 tot 10 kunt scoren, en in vorige rondes moest ik daar nog eens met een fingerspitzen gevoel overheen want blijkbaar scoorden best veel verhalen 60/80, maar ik verwacht dat dit in de eindronde nog eens heftiger gaat worden. De vergelijkingen worden nog spannender!

En dan op de dag van de uitreiking hoor ik maar een paar uur eerder dan de deelnemers wie er daadwerkelijk achter die verhalen zitten. Ik ken een aantal van de deelnemers persoonlijk, maar heb niemand in hun verhalen kunnen hérkennen, dus voor mij is het net zo spannend als voor jullie. Ik heb meningen over mijn favoriete verhalen, jongens. Ook al heb ik de verhalen niet zelf geschreven, ben ik super geïnvesteerd in hoe (goed) ze het uiteindelijk gaan doen. Het is zo spannend!

De missie om Fantastels Verhalenwedstrijd wat voor me te ontstressen door te jureren in plaats van deel te nemen, is bij deze gefaald. Maar gelukkig is het zo leuk om te doen, dat ik het helemaal niet erg vind.

Tot bij de uitreiking allemaal!