gewoon doorgaan·Harland·korte verhalen·Schrijven

Uit je comfortzone schrijven

Vorige week, toen ik met Dave Cobben van Fantasywereld een podcast aan het opnemen was in de aanloop van de publicatie van de cozy fantasybundel, hoorde ik mezelf iets zeggen over “jezelf uitdagen, dingen uitproberen”, en “dingen ontdekken via het schrijven”. Het was in reactie op de opmerking over dat ik hele uiteenlopende verhalen in verschillende vormen schrijf. En sindsdien komt dat idee steeds terug in conversaties over schrijven en dingen die ik online gezegd zie worden. Dus vandaar: dit blogje! (of BLOG. Ik heb hier stiekem best wat over te zeggen, blijkbaar).

Ik zie verhalen schrijven als een manier om de wereld te ontdekken op een veilige, ontdekkende manier. Om levens te leven die ver van de mijne af liggen, acties ondernemen die bij mij niet eens op zouden komen. In verhalen kun je RAAR DOEN. Niet omdat dat diep in je brein verborgen ligt dat je stiekem echt een stel monsters overhoop wil schieten en mensen om je heen afgeslacht zien worden, maar misschien wel om te onderzoeken wat zoiets met je zou doen. Hoe zou je reageren? Hoe zou de wereld er daarna voor je uitzien? Wat zou het voor je betekenen? Het zijn interessante concepten die je in je schrijfsels kan onderzoeken. Niet omdat je zo bent / jij dezelfde keuzes zal maken als je personages, maar omdat de wereld wel zo kan zijn – en hoe ga je daar mee om.

Toen ik begon met schrijven waren mijn personages grotendeels “Kelly met een hoedje op”. Ik roleplayde een jaar of zes met een personage dat eigenlijk gewoon ikzelf was, maar dan in een magische setting. Maar naarmate ik haar meer speelde en zij meer meemaakte, voelde ik dat ze van me weggroeide. Zij als personage werd anders dan ik, omdat ze getekend was door haar ervaringen. Ze begon beslissingen te nemen op basis van wat ze meegemaakt had, en dat waren dingen die ik als persoon nooit zou doen. Dat was een heel bijzonder proces om mee te maken.

Vanuit daar bouwde ik personages vanuit een basis van iemand die ik kende, en begon van daar uit te riffen op wat ik wist, en liet ze doorontwikkelen naar iets heel anders, totdat ze volledig onherkenbaar waren van de persoon waarop ze oorspronkelijk gebaseerd waren. Inmiddels? Inmiddels heb ik genoeg ervaring dat ik heel snel een personage in elkaar kan timmeren die zo bruut ver van me afstaat, dat ik op een mooie manier kan gaan onderdekken hoe zo iemand in elkaar steekt, en waarom ze de dingen doen die ze doen.

Mijn verhaal voor de Harland Prijs (ik ben 9e geworden met mijn verhaal Maanjager, hoera!) is uiteindelijk zo’n karakterschets geworden. Ik wil niet te veel spoilen van het verhaal, maar de hoofdpersoon is een klootzak. Op geen enkel moment in het verhaal onderneemt het personage acties waar ik als persoon achter sta. Hij lijkt in níéts op mij. (En gelukkig maar. Fuck Lucas. Wat een lul 💩) Maar het was zo leuk om met hem te spelen.

Uitschetsen wat zijn motivaties zijn, hoe hij is. Hoe hij overkomt op anderen, en hoe hij dat zelf ervaart… zijn cognitieve dissonantie… dat was echt heel bijzonder.

En ik denk dat zulke exercities me leren om een betere schrijver te zijn. Juist een beetje raar doen, iets schrijven wat ver van je af staat, experimenteren en ontdekken hoe zoiets werkt. Je leert over de wereld, over mensen en concepten. Naarmate je meer schrijft en meer ontdekt, merk je ook dat je er steeds beter in wordt. Je kunt steeds verder buiten je comfortzone gaan schrijven, steeds interessantere verhalen vertellen. De uitdaging is wat het interessant maakt voor mij, maar de leerervaring is tegelijkertijd zoveel waard.

Dus doe een beetje gek, ga uit je comfortzone van schrijven. Blijkbaar werkt het (soms)! Ik kan het andere schrijvers alleen maar aanraden. Het is zo leuk!

Algemeen·gewoon doorgaan·Hemelbreuk·plotten·Schrijven

een nieuw hoofdstuk

best inspirerend, zo’n parasol/zwembad combinatie!

Afgelopen augustus kwam De waarde van bloed uit, en daarmee sloot ik een hoofdstuk af van mijn schrijfcarriere; het einde van de Paraiso serie. Het gevoel van het afmaken van een serie was extreem onwerkelijk, want ik had zo lang aan dit project gewerkt (met een verhalenbundel Zwanenzang tussendoor, plus nog een stapel aan losse korte verhalen voor wedstrijden en bundelinitiatieven en gewoon, voor de lol, wat fanfictie) dat ik nu aan het einde van de weg stond en een heel overweldigend gevoel had van “OK maar wat nu dan?”

En dat gevoel heb ik niet vaak gehad. Na het afronden van de Lentagon trilogie in 2016 wist ik meteen dat ik een prequel wilde schrijven, dus Vuur & Vergankelijkheid was de natuurlijke opvolger. En zelfs toen die uitkwam in de zomer van 2018 had ik het idee voor Paraiso al op de plank liggen, dus ik wist al hoe ik door wilde. Natuurlijk kwam er vanalles tussendoor – een kleine schrijf burnout, COVID – maar ik had altijd, altijd, altijd een beeld van hoe de toekomst eruit zou zien.

En nu was dat niet het geval. Nu had ik niets.

Nouja, dat is niet helemáál waar… ik had een oud idee op de plank liggen waaraan ik mee aan de slag kon gaan, maar dat zou meteen een langere serie betekenen en daar had ik eigenlijk niet zo’n zin in? Hij is best heel ambitieus, dat idee. Met een verregaande wereldbouw, achtergronden, goden, dimensies – het zou een beetje een epos worden. En hoewel het idee best potentie heeft om mooi te worden, zie ik het nu nog niet echt zitten om eraan te beginnen. Het idee ligt al op de plank sinds 2010 met een reden, denk ik 😀

Dus dan komen we terug op de “OK wat nu dan?” Want ik wil natuurlijk door. Schrijven is altijd al een jeuk in mijn brein geweest, maar ik heb niet zo vaak echt Grote Ideeën met potentie. De meeste van die mijn ideeën zijn meer geschikt voor korte verhalen, omdat dat concepten zijn die ik wil onderzoeken, of vibes waar ik in wil hangen, of een uitdaging die ik mezelf opleg. Dat zijn geen Ideeën met een hoofdletter. (Of ik láát ze geen hoofdletter ideeën zijn – dat sluit ik niet uit trouwens)

Ik ben gaan graven in mijn Google Keep bestand, waar ik flarden van notities, frases, dromen en namen bewaar. Daar stond een kortbeschreven droom in, met een concept wat ik leuk vond. Ik heb dat concept tijdens een schrijfweekend met mijn matties gepitched, en dat heb ik uitgebouwd tot een verdergaand idee, met een 3-akten-structuur, een kapstok waar ik mijn verhaal aan kon hangen. Maar eigenlijk heb ik er daarna niets meer aan gedaan.

Ik zou willen zeggen dat mijn brein gewoon even op vakantie moest van schrijven, maar dat is niet helemaal waar, want sinds augustus heb ik 3 korte verhalen geschreven (eentje voor Harland, eentje voor een SF bundel over het klimaat, en een kortverhaal voor een cozy fantasy novelle). Is dat een vakantie van schrijven? Zou een héle rare vakantie zijn met die output… bovendien heb ik daar bovenop keihard aan een paar redactieprojecten voor andere auteurs gewerkt. Hm. Misschien moest ik op vakantie van grotere ideeën.

Maar nu ben ik op vakantie en heb ik verder zitten plukken aan dat nieuwe idee. En opeens heb ik een haakje – ik weet hoe ik de perspectieven aan wil vliegen. Ik weet wie mijn perspectieven zijn, en wat hun situatie is. Ik weet hoe dat aanhaakt op de Situatie (ja, met een hoofdletter) in mijn verhaal. Ik ben zelfs zo ver dat ik denk ik kan beginnen met schrijven, want de eerste scenes van het verhaal liggen al voor me klaar om uit te werken. Ik heb nog niet alles 100% helder, maar ik denk niet dat het zo’n soort verhaal is. Deze wordt wat meer organisch, denk ik?

Wanneer ik de rust ga vinden – of de geest – om te gaan schrijven, weet ik nog niet. Het kan morgen zijn, het kan van de zomer pas zijn. Het is even kijken hoe het allemaal gaat.

Maar het gáát. De grote vraag “wat nu dan?” is beantwoord. 🥳

Ik heb een nieuw project. En heel stiekem heb ik er bést zin in. Hoe het ook zal verlopen, is nog volledig onbekend, en dat is heel gek als je zo bezig bent geweest met de eindjes aan elkaar knopen & alles uitgepland moeten oplossen. Alles is nieuw. Nieuwe personages, nieuw proces, nieuw verhaal. Eigenlijk is het een heel nieuw hoofdstuk.

Here we fucking go. 😀

bloed in het water·Muziek·Paraiso·Prijs van water·Schrijven·Waarde van Bloed·zilverspoor

stemmingsbouwerij

Is dat een woord? Ik vind van wel! 😀

Voor De Prijs Van Water en Bloed In Het Water had ik, vlak voordat de boeken uitkwamen, posts met muziek waarvan ik vond dat die bij het boek hoorde. De vibe, zou je kunnen zeggen. Tijdens ieder boek heb ik altijd wel een paar nummers gehad waarvan ik zoiets had van, oh, die zouden voor mijn boek geschréven kunnen zijn. Die zeggen iets, of geven iets mee, dat heel mooi aansluit.

Er is een hele Paraiso soundtrack op Spotify, trouwens, als je zou willen. Ik heb daar jarenlang aan gebouwd. Je ziet een beetje de fases waarin ik geobsedeerd was door bepaalde liedjes en stijlen, voor mij is het echt een trip down memory lane. De playlist is best heel gaaf geworden; ik zet m meestal aan in de auto naar beurzen enzo. Helpt me om in de stemming te komen, zeg maar. Stemmingsbouwerij, haha.

Deze soundtrack heb ik wat minder geluisterd tijdens het schrijven van de serie, trouwens, vergeleken met de Lentagon soundtrack. Ik heb heel vaak game muziek en epische trailermuziek aangehad tijdens het schrijven. Niet zo gek, als je brute gevechten moet beschrijven, denk ik.

Maar ik heb zeker een hoop inspiratie getrokken uit de liedjes op de lijst, en voor boek 3 heb ik er zeker ook een paar. Deze stond echter bovenaan de lijst.

Dus, je vraagt je vast af wat dan het liedje is wat ik aan De Waarde Van Bloed gehangen heb.
Want natuurlijk heb ik er weer eentje. Ik deel hem hier met liefde!

The storm isn’t over yet
And the war has just begun
There’s only one way to go from here
And you will need a gun
I am the triumph of the will

~Skold, “Triumph Of The Will”

Hier is de video. Heel veel luisterplezier!

bloed in het water·gewoon doorgaan·Prijs van water·Schrijven·Waarde van Bloed·zilverspoor

de waarde van bloed is (af)geschreven!

Er was eens een manuscript genaamd De Waarde Van Bloed, afgemaakt op 29 december 2022, dat bijna 127000 woorden telde. Degene die het geschreven had – ik dus – had toen het lumineuze idee om het manuscript in tweeën te splitsen, simpelweg omdat hij veel dikker was dan het voorgaande deel (De Prijs Van Water), en omdat er op ruwweg halverwege een mooi climaxmoment zat.

Het manuscript werd toen gesplitst in Bloed In Het Water, en wat er overbleef zou De Waarde Van Bloed worden. Of blijven, wat je wil. Uiteraard ging alle aandacht naar Bloed In Het Water op dat moment. Het was tenslotte boek 2, die kort daarop zou moeten uitkomen. Ik gaf het alle scenes die het nodig had om een badass boek te worden, met spanningsboog, personageonwikkeling, achtergronden, alles. Het werd een prachtig boek van 81000 woorden, dat uitkwam eind juli 2024. Ik ben nog steeds SUPER trots op Bloed.

En ik vertelde mezelf: ik moet gewoon even wat zut bijschrijven – zut waar ik geen plek voor had toen het nog 1 manuscript was – voor Waarde Van Bloed, en dan komt het vanzelf goed. Want ik had tenslotte het verhaal al geschreven. Die vette eindconfrontatie (op twee fronten!) stond al als een huis. Alles kwam al mooi samen. Ik had nu gewoon meer ruimte om een extra proloog toe te voegen, en dan vervolgens een uitgebreider einde te schrijven. Toch?

Maar als je even mee telt, dan weet je dat als 127K van het originele manuscript 81K kwijtraakt aan boek 2, dat er dan nog 46K overblijft voor Boek 3. En eigenlijk is dat geen boek. Of makkelijk aan te vullen met alleen een proloogje en epiloogje. Toont maar weer hoe shit ik ben in rekenen/wiskunde – ik dacht dat dit wel gemakkelijk goed kon komen.

Ik dacht, ik maak me even boos tijdens Nanowrimo ofzo, en dan staat het wel. Toch? 😀

Mja, misschien niet alleen slecht in wiskunde, maar ook nog eens super naïef.

De reden dat het hier zo stil is geweest de afgelopen tijd is omdat ik aan het stoeien ben geweest met mijn manuscript. Want ik had een aantal gave mid-verhaal climax scenes gebouwd, en een proloog waar ik heel blij mee ben (ik ben zo verliefd op al mijn antagonist prologen in deze serie jongens, echt, stel me er alle vragen over want IK HOUD DAN MIJN KOP NIET), maar de mid-verhaal scenes betekenden dat ik als een idioot alles moest herschrijven richting het einde want mijn logistiek, motivaties en situaties klopten niet meer. En op de een of andere manier blokkeerde dat me volledig. Het manuscript voelde als één brok chaos, onlogisch, onduidelijk, en ik wist niet goed waar ik moest beginnen.

tijdens het schrijfweekend, terwijl ik mijn tijdlijn aan het ontwarren was 😀

Een paar weken geleden, echter, tijdens een schrijfweekendje met mijn matties heb ik mezelf een schop voor mijn kont gegeven en heb ik mijn manuscript geunfucked, en opeens was de blokkade weg. Het was als magie. Mijn blokkade loste op als sneeuw voor de zon. De knopen waren uit mijn draad, ik zag het uiteinde weer. (Het enige wat me nog tegenhield was de remaster van Suikoden 1&2 voor Playstation 5)
En ik heb zo een paar duizend woorden naar het einde toe geschreven, die epiloog toegevoegd. Een daadwerkelijk denouement. Ik ben zo blij! ✨

Het is nog steeds een lean & mean manuscript want hij klokt in op 70130 woorden, maar hij ligt nu bij de proeflezers (o.a. de lieve, leuke, getalenteerde mensen op de foto hierboven ❤️) en ik vermoed dat er daar en bij de redactie nog wel het een en ander bij zal komen. Maar hij STAAT, jongens. Ik heb weer een vol manuscript met een (semi?) coherent verhaal. Nogmaals: ik ben zó blij. (meer sterretjes ✨)

Eens kijken wat de proeflezers zeggen, en dan kan hij hopelijk begin mei naar de uitgeverij. En dan heb ik iets waar ik de volle 100% achter sta. Want die climax van dat verhaal? Nog steeds super gaaf. Ga je leuk vinden. Beloof ik. En buiten dat is de rest nu ook leuk geworden, haha. Eindelijk.

Ik bedenk me net dat ik zeg “eindelijk” maar waar hebben we het eigenlijk over – Bloed is eind juli uitgekomen. Het is nu maart. Het voelde als een eeuwigheid, maar uiteindelijk heeft het maar een paar maanden geduurd. Ik ben misschien wat te streng voor mezelf? Eh. Ik ga vooral verder met blij zijn nu. Let’s fucking goooo 🙂

Algemeen·Fantastels·Schrijven·Waterloper

Waterloper Verhalenwedstrijd 2024

Waarschijnlijk weet iedereen die op dit linkje klikt waarom ik deze blog schrijf, maar ik kan het toch niet laten. Het besef is eigenlijk nog steeds niet echt ingedaald, maar die trofee staat toch echt bij mij in de kast. “Winnaar van Waterloper Verhalenwedstrijd 2024”. Op de website van Waterloper staat het ook.

Een half jaar geleden heb ik twee verhalen ingestuurd naar Fantastels. Eentje geschreven op “Terugkeer naar V’dor Smah”, genaamd “De belofte”, en eentje geschreven op thema “Een zonneklare maansverduistering”, genaamd “In het maanlicht”.

Voor “De belofte” had ik eigenlijk al heel snel een uitgewerkt idee staan. “In het maanlicht” duurde een tijdje voordat ik de insteek goed gevonden had, maar toen ik “Belofte” eenmaal op papier gezet had, stroomde “In het maanlicht” er zo achteraan. Wat grappig is, want de verhalen lijken in niets op elkaar.

Ik wist wel waarom ik “In het maanlicht” wilde schrijven; na het spelen van Final Fantasy 7 Rebirth had ik inspiratie gekregen om een standaard fantasyheld te beschrijven die de grote slechterik verslagen heeft, tijdens de laatste slag ontzettend veel verloren is, tot de nok toe vol zit met bruisende magie op het top van zijn kunnen…. en dan? Wat doe je, als je al die trauma hebt, en al die kracht? Hoe kom je daar doorheen? Het is een beetje een op zijn kop zetten van het standaard fantasyverhaal, en hoewel ik blij was met de emotie erin, en dat het scherp gefocust is op de personages, wist ik dat dit een polariserend verhaal zou kunnen zijn. Het deed qua vibe denken aan “Rode lantaarns”, waar ik ooit de 7e prijs & de Deviantprijs voor gewonnen heb, omdat het een ‘you love it or you hate it’ verhaal was.

“De belofte” was veel directer en simpeler, dus ik dacht dat die het wellicht beter zou doen. Maar die was wellicht ook wat voorspelbaar, dus tegelijkertijd had ik daar ook niet zo veel hoop voor. Om heel eerlijk te zijn had ik voor beide verhalen zo mijn twijfels, maar als ik na al die jaren meedoen met wedstrijden IETS weet, is dat je nooit moet rekenen op wat een jury gaat vinden. Het pakt namelijk letterlijk nóóit uit zoals je denkt.

En dat toont nu ook maar weer. “De belofte” eindigde op de 14e plaats, waar ik niet ontevreden over was. Maar toen kwamen we de top 10 binnen, en mijn schrijfmattie Wendy zei: “Komop, we gaan er gewoon voor, we gaan gewoon winnen”. En ik lachte naar haar en zei: “Nah, ik word gewoon weer 8e of 7e, want dat doe ik bijna altijd”. (Serieus, je kan het checken).

Wendy’s verhaal “100 Florijnen” werd 9e trouwens, super cool voor een horrorverhaal! Helemaal verdiend, dat verhaal was super fun.

En daarna kwamen we langs 8, en 7, en nog steeds was “In het Maanlicht” niet genoemd. Dus toch hoger dan vorig jaar. Whew. Okay. Op dit punt begon mijn hart wel te racen, hoor.

Toen we bij de top 5 aankwamen en ik nog steeds in de race zat, waren mijn handen aan het trillen. Ik checkte mijn hartslag op mijn horloge en ik had letterlijk een hartslag van 138. (Serieus, zulke prijsuitreikingen? SUPER stressy).

En toen de top 3. Toen begon ik te denken: verdomme, het zal toch niet….

Top 2. Wendy greep mijn hand. Brenda richtte haar telefooncamera op mijn gezicht en begon te filmen.

En als nummer 2 was “De oversteek” van Erwin Colson Thimister. Ik moet heel eerlijk toegeven dat ik zijn hele in ontvangstname van zijn certificaat gemist heb, want het moment dat zijn naam in beeld kwam, betekende dat míjn verhaal gewonnen had.

En ja, daar was hij. Mijn naam in beeld, een trofee, een oorkonde, en superveel applaus. 😀

“In het maanlicht” is een prestatie van formaat in een klein pakketje. Elk woord, elke zin staat waar hij moet staan en doet wat hij moet doen. De insteek is bijzonder origineel en, door de nagenoeg perfecte uitvoering, een echte verrijking. Niet vaak voel ik als lezer een dermate effectieve combinatie van inleving in de personages en nieuwgierigheid en enthousiasme over de setting.

Aldus een van de juryleden. Die kan ik in mijn zak steken!

Elf jaar na Fantastels 2013 heb ik (eindelijk) weer de winst weten te behalen. Ik dacht bijna al dat t niet meer mogelijk was – ik had altijd, ieder jaar, top tien noteringen, maar die bovenste positie ontglipte me altijd. En nu ben ik er weer. Voelt goed, man. 🙂

achtergronden·Beurzen·gewoon doorgaan·plotten·Redigeren·Schrijven·zilverspoor

Workshops & schrijftips

Nou, het is even bijkomen hoor, van een heerlijk weekend Elfia Haarzuilens! Ik zal niet liegen, ik heb er de longpest aan overgehouden en hoest me een ongeluk, maar het was het hélemaal waard. Wat was het fijn om weer de stand te delen met mijn leuke, gezellige, charmante en getalenteerde collega’s, om lezers te spreken, nieuwe lezers te ronselen, boeken te signeren en/of gewoon lekker te ouwehoeren met standbezoekers. Kasteel de Haar is gewoon een schitterende locatie, en hoewel het soms echt pittig koud was, was het heerlijk en magisch om er weer te zijn. De liefde hield ons warm, en zo 😀

Een van de dingen die Uitgeverij Zilverspoor doorgaans organiseert (buiten onze stralende aanwezigheid in de stand) is een stapel (schrijf)workshops van verschillende Zilver auteurs. Ik ben een van de auteurs die dit regelmatig doet. Voor mij is het wellicht wat makkelijker, aangezien ik 1) vanuit mijn baan als ICT consultant & trainer regelmatig voor de groep sta, en 2) het niet heel erg vind om mezelf te horen ouwehoeren. (Je bent leeuw van sterrenbeeld, of niet… ;)) Zie ook About Books, haha 😀

Ik heb een aantal onderwerpen die ik tijdens sessies aansnijd (ik heb een stapeltje onderwerpen klaarliggen, en soms komt er een nieuw onderwerp bij), maar ik vind het ’t allerleukste om me te leiden door vragen van het publiek. Zelfs als ik twee dagen na elkaar dezelfde sessie moet geven, of compleet onvoorbereid voor de groep kom te staan (zoals afgelopen zondag, toen er een miscommunicatie was met de organisatie van Elfia, en we toch niet onze deelnemers willen teleurstellen) heb ik altijd een unieke sessie en is het altijd leuk én leerzaam. In ieder geval voor mij! Hopelijk voor de groep ook.

Mocht je nu niet in de gelegenheid zijn om naar alle beurzen te komen en me daar in actie te zien en toch benieuwd te zijn wat ik te vertellen heb, dan heeft Robin Rozendal, schrijfster van de Levende Steden serie, op haar super gave YouTube kanaal – wat je écht moet checken, omdat ze daar ook haar hele journey deelt over het schrijfleven -, een aantal interviews met me afgenomen een paar maanden geleden.

Ik was ze tot dusverre helemaal vergeten te posten, maar ze zijn het kijken waard, denk ik. Als niet voor de inhoud, dan wel voor de gezelligheid. Robin en ik hadden een super leuke tijd met de opnames en is een fantastische host, dat kan je aan de filmpjes afzien. 🙂 Een paar van de onderwerpen zijn ook topics die ik aansnijd tijdens workshops. Dus! Wellicht heb je er wat aan.

En anders zien we elkaar binnenkort wél een keer, op een van de beurzen. Heb je trouwens verzoekjes voor workshop onderwerpen? Laat het me dan weten.

Hier zijn de video’s:

Een intro interview over mijn boeken en moderne fantasy in het algemeen (die stapel boeken was trouwens super zwaar om zo omhoog te houden, en dan mis ik nog eens Verloren Zielen op deze stapel ook!)
Een video over het redactieproces, zowel meta- als woordredactie. En aangezien ik ietsje beter ben in het eerste dan in het tweede, zijn we vooral op meta-redactie / plot dokter spelen, ingegaan
Over vecht- en actiescènes! Deze topics snijd ik ook aan tijdens een van mijn workshops. Cocky, mijn uitgeefster, vroeg of ik daarover wilde praten, naar aanleiding van de actiescènes in De Prijs Van Water. Dus… ik deel hier het huiswerk wat ik gedaan heb over actiescenes. 🙂
Deze video wilden Robin en ik graag opnemen omdat we erg geinspireerd raakten van Attack On Titan, en de lessen die het je leert over foreshadowing, informatiedosering, en personageontwikkeling. Met zo min mogelijk spoilers! 🙂

Heel veel kijkplezier!!

recensie·Schrijven·Vuur en Vergankelijkheid·zilverspoor·zwanenzang

februari update (en eigenlijk ook januari)

En zo zaten we opeens in eind februari en realiseerde ik me dat ik mijn blog al twee maanden stil had liggen. Whoops! Het ging zo goed vorig jaar, met mijn maandelijkse posts. Nouja, nu maar een extra lange dan, want er is best een hoop gebeurd. (En heel eerlijk, ik vermoed dat ik de aankomende weken erg stil ga zijn, want Final Fantasy 7 Rebirth komt volgende week uit en ik heb plannen om me daar helemaal in te verliezen voordat het internet een nog groter mijnenveld van spoilers wordt . Dus…)

Januari stond in het teken van het werken aan De Waarde Van Bloed en de nieuwe scenes die hierin zitten, het afronden van de redactie van Natascha van Limpts nieuwe boek (Godenbloed) dat eraan komt (en zo leuk is!!), en de blogtour van Zwanenzang.

Het is altijd zo spannend als je boek bij recensenten ligt, want gaan ze het wel leuk vinden? Verhalenbundels zijn toch altijd een beetje moeilijk, juist omdat er zo veel verschillende concepten (en in mijn geval: genres!) in 1 boek zitten, en niet iedereen is dol op een bundel. Dus zouden mensen het wel leuk vinden? Welke verhalen zullen ze het leukst vinden? Welke het minst? En waarom? (Antwoord, dat loopt flink uiteen, dus dat is mooi – dat betekent dat de verhalen van een vergelijkbaar niveau zijn zodat het dus afhangt van smaak)
Goed nieuws, de recensies waren allemaal zonder uitzondering hartstikke positief! Iedere keer dat een recensent iets zei van ” ik ga zeker meer van deze auteur lezen” zwol mijn hart van trots. Ik heb op mijn Recensiepagina een overzicht gemaakt van de recensies. ❤

In “real life” nieuws heb ik een nieuwe baan, en ga ik per 1 april beginnen, dus daar ben ik op het moment ook druk mee, en heb ik heerlijk een week in de zon op Fuerteventura doorgebracht, waar ik heel specifiek ben begonnen het met teruglezen van de Lentagon trilogie & prequel. Want… misschien heb ik een idee? Maar dat is nog heel pril, dus daar durf ik nog niet te veel over te zeggen. Ik kan wel zeggen dat whew, mijn proza? is een stuk beter geworden in de afgelopen tien jaar. Tegelijkertijd: mijn personages? Ik mis ze. ❤

Dus… we gaan het meemaken. Op naar maart! 🙂

achtergronden·gewoon doorgaan·Paraiso·plotten·Schrijven·Vuur en Vergankelijkheid

Kelly kletst over schrijven (5)

Blijkt dat de laatste keer dat deze rubriek op mijn blog heb gedaan in juli 2021 was. Whew! Tijd om weer wat nieuwe vragen te beantwoorden, dan. Gewoon, omdat het leuk is. Hier vind je de vorige rubrieken: 1, 2, 3, 4.

Hoe georganiseerd ben je met je schrijven? Heb je een methode? Wat gebruik je voor je schrijforganisatie? Notities? Kladblokken? Apps? De cloud?

Ik heb het al eens vaker verteld: ik ben geen plotter, maar ook geen organische schrijver. Ik zit er tussenin. Ik plot heel fanatiek met post-its tijdens de brainstormsessie en maak een outline, maar van daaruit kan ik flink afwijken van mijn originele plannen. Ik ga bijna altijd van de rails af, bij een langer project. De tools die ik gebruik om mijn gedachten te ordenen zijn mijn notitieblok (eentje die ik volpen met gedachtenstromen, planningen, uitschrijven van spanningsbogen, ideetjes, en concepten, totdat hij vol is), Google Drive als ik mijn notitieblok niet bij de hand heb of geen zin heb om te schrijven, en Telegram om te chatten met mijn plotmaatjes. Telegram heeft een super zoekfunctie waarmee je oude chats kunt terughalen, en ik reken daar vaker op dat je denkt.

Is het perfect? Waarschijnlijk niet. Maar tot dusverre werkt het voor mij aardig. 😀

Wat is jouw writing journey? Wanneer begon je? Waarom? Waren er dingen die tegenvielen? Waar sta je nu en wat zijn je plannen?

Ik begon als klein meisje al, voordat ik kon schrijven. Ik verzon altijd al verhaaltjes, alleen of met vriendinnetjes. In mijn eentje tekende ik ze als poppetjes op papier, en samen met mijn vriendinnetje Paula speelden we onze zelfbedachte verhalen meteen uit. We noemden het toneelstukjes, want we acteerden de boel ook meteen. …Eigenlijk een beetje roleplayen, als ik er zo over nadenk.

Opstellen schrijven op school vond ik altijd al leuk, maar toen ik elf was ging ik ook echt verhalen schrijven, op de computer, in Wordperfect 5.1. Zo heb ik mezelf ook leren typen destijds (en da’s ook de reden dat ik met 7 vingers blind typ, ipv netjes met 10). Tot aan het einde van de middelbare school schreef ik eigenlijk constant wel aan een verhaal, hoewel ik de meesten ben kwijtgeraakt in een crash van mijn harde schijf destijds. Er liggen er nog een paar op de vliering hier die ik wel uitgeprint heb. Ze waren allemaal nogal supernatural, beetje Dean Koontz achtig. En vooral overdramatisch, neem ik aan. 😀

Tussen mijn 18e en 21 schreef ik minder echt aan verhalen, maar deed ik veel aan online roleplayen. En vanaf mijn 22e deed ik ieder jaar trouw mee aan Nanowrimo, en van daaruit ben ik écht meters gaan maken. Dus ja, ik schrijf al mijn hele leven.

Op dit punt heb ik een stapel boeken uitgebracht (8), waarvan 2 korte verhalen bundels en een novelle. Het doel is om mijn huidige trilogie (de Paraiso serie) nog af te maken, en daarna zijn er nog geen vastomlijnde plannen. Het liefst zou ik aan de slag met wat science fiction, en ik heb wat ideeën en vage concepten van projecten, maar ik ben niet van de langetermijn planning. Mijn leven gaat toch nooit zoals ik wil, en als er een beter idee tussendoor komt, dan ga ik daarvoor. Dus we zien wel!

Als je zou moeten kiezen: een heel verhaal zonder óf actie, óf zonder dialoog, wat zou je kiezen en hoe zou het gaan?

Zonder actie. Wat grappig is, want ik ben me de afgelopen paar jaar best aan het profileren als een actie-schrijver, maar dialoog is mijn eerste en grootste liefde. Een recensent schreef ooit dat ik dialogen schrijf als spannende zwaardgevechten, en dat is waar ik naar streef. Ik gooi mijn hele ziel en zaligheid in dialogen, en ik wéét dat ik een verhaal kan schrijven waar twee mensen in een kamer zitten en je helemaal kapot gaat op de dialoog. Of dat met alleen actie ook zo goed zou lukken, weet ik niet zeker. Misschien een leuke uitdaging om allebei teproberen

Wat is het moeilijkste personage dat je ooit geschreven hebt en waarom?

Iris Manderlay, uit Vuur & Vergankelijkheid. Ik ben dol op haar, ze is een schat, maar man, wat ben ik blij dat ik in dit boek ook Leah Telchian had als tegengewicht. Leah babbelde tenminste, Iris was net een verdomde oester. Ik moest het verhaal echt UIT haar trekken.

Wat was het fijnste personage dat je ooit geschreven hebt en waarom?

Een paar jaar geleden was het een toss-up tussen Sirka Lentan en Valeria de la Meray, maar tegenwoordig hebben Monika Silva en Sergio Barros zichzelf ook in de mix gegooid.

Sirka was mijn favoriet omdat ik haar vanaf moment 1 volledig begreep. Ik doorgrondde haar tot op het bot en ik had zo met haar te doen. Bovendien was ze slim, impulsief, doelgericht, en loog ze alsof het gedrukt stond als het haar zou helpen om haar doel te bereiken. Ze is een actief personage dat het plot verder drijft, en dat schreef heerlijk.
Hetzelfde geldt voor Valeria. Een actief personage, met een sterke wil en een scherpe tong, super pragmatisch. Ik ben altijd al een beetje verliefd op Valeria geweest.

Sergio is nu een van mijn favorieten omdat hij zo’n droogkloot is. Hij is bij tijd en wijle echt hilarisch, een beetje awkward, maar wel super competent, en gewoon een goeie gast. Hoewel hij wat introverter is, schrijft hij heerlijk. Ik vind het altijd fijn om tijd met hem door te brengen.
En dat brengt me bij Monika, die is zo brutaal, zo jong, zo beschadigd, en probeert zo hard het juiste te doen. Monika doet me bij vlagen aan Valeria denken, maar heel anders – veel gepassioneerder. Monika en Sergio samen? Dat is puur genieten voor mij, trouwens. Hun dialogen zijn echt een genot om te schrijven 🙂

Als je je toetsenbord op zou moeten geven en vanaf nu alleen nog met de hand zou schrijven, zou dat je lukken?

Nee. Ik haat met de hand schrijven. Ik heb mezelf niet voor niets leren typen, schrijven met de hand gaat veel te langzaam en je hebt geen backspace optie. Ik schrijf met de hand in geval van nood, als ik écht een scene kwijt moet en ik zit in de trein of in een vliegtuig of zo. Ik heb diep respect voor mensen die met de hand schrijven, maar ik zou heel verdrietig zijn als ik dat vanaf nu alleen nog zou moeten doen. Lang leve mijn mechanische toetsenbord met regenboogkleurtjes! 😀

Zo, dat was weer leuk! Bedankt voor het aanhoren, jongens ❤

Ben ook benieuwd naar jullie antwoorden op deze vragen!

bloed in het water·gewoon doorgaan·Nanowrimo·Paraiso·Prijs van water·Schrijven·zilverspoor

“Bloed in het water” is klaar voor redactie!

Het gaat gebeuren, mensen. Boek 2 van de Paraiso-serie, het vervolg op De prijs van water, ligt bij mijn uitgever, klaar voor de redactie. Of in ieder geval zo klaar als ik hem ga krijgen. Hij heet Bloed in het water, hij is 81609 woorden lang, en ik ben er heel, heel trots op, en vind het heel, heel spannend wat jullie er straks van gaan vinden.

Zoals jullie misschien wel weten, wordt dit dus boek 2 van 3. Was niet de planning, maar dit verhaal werd zo lang, en had zo’n spanningsboog, dat ik het handiger vond om een knip in het middel te maken. De eerste versie van dit boek stond dus al klaar in februari, maar doordat het boek in tweeën gesplit is, moest ik nog een hoop heen en weer husselen wat betreft perspectiefhoofdstukken, en extra informatie toevoegen, om ervoor te zorgen dat het verhaal nog steeds een mooie opbouw had.

Alles wat er nu overblijft, is het overgebleven deel van boek 3; zo’n 60K aan woorden. Daarvan heb ik nu de ruimte om het een en ander uit te bouwen (ik heb zo’n zin in de proloog! en die moet ook wel gaaf worden, want hij moet de proloog van boek 2 waar ik SUPERTROTS op ben wel overtreffen – no pressure! :D), en ik heb besloten dat ik aankomende NaNoWriMo daarvoor ga gebruiken. Gelukkig heb ik aankomende week vrij, dus ik kan lekker wat meters gaan maken. Het plan om te gaan knallen ligt eral, ik weet precies wat ik wil ga doen. Nu alleen nog schrijven, kreng 🙂

En redigeren, natuurlijk, maar dat gaat gebeuren wanneer mijn redactrice daar klaar voor is – ik heb als een absolute baas anderhalve week vóór de deadline ingeleverd, dus ze heeft nog even. Ik ben mijn knokkels in ieder geval al aan het kraken. Let’s take this baby home

Oh, en als je benieuwd bent naar de quote waarmee ik mijn boek open – en het liedje dat me geinspireerd heeft om deze titel te gebruiken voor boek 2? Check it out. Je moet wel van wat steviger rock houden. 😉

Algemeen·bloed in het water·gewoon doorgaan·Paraiso·Redigeren·Schrijven·zilverspoor

dus, hoe gaat het nu?

Terwijl ik met samengeknepen billen aan het toekijken ben hoe de eerste recensies voor Zwanenzang en Onrust binnen druppelen (gelukkig zijn ze goed tot dusverre!), ben ik tegelijkertijd druk bezig met de volgende projecten. Het staat nooit stil hè, met schrijven, er zijn altijd deadlines om te halen.

(niet helemaal waar, overigens. Ik heb twee redactieprojecten voor Zilverbron afgerond voor Roselynd Randolph en Gaby Raaijmakers’ nieuwe boeken, en daarna heb ik een week of twee helemaal niets gedaan qua schrijven. Ik had even vakantie nodig, haha)

Kort verhaal:

Op dit moment ben ik druk bezig met het uitwerken van een SF verhaal voor de nieuwe “In De Polder” bundel. Het plot staat, ik hoef het alleen nog maar te gaan schrijven. En dat moet ik vlot gaan doen, want de deadline is over een maand. Rennen, dus! Ik ben wel heel blij met het concept, dat gebaseerd is op een groep-brainstorm tijdens het schrijfretraite dat ik gedaan heb afgelopen juni, met mijn schrijfmaatjes. Toen ik eenmaal uitgevogeld had hoe ik het concept precies aan wilde vliegen, kon ik eindelijk aan de slag. De werktitel van het verhaal is “Glorie” maar ik moet nog even kijken of dat zo blijft.

Bloed in het water – Paraiso 2:

Ik ben óók bezig – en flink opgeschoten – met het zelf-redigeren van Bloed In Het Water, het vervolg op De Prijs Van Water, naar aanleiding van de opmerkingen van de proeflezers (en het splitten van het manuscript in twee boeken). Ik ben halverwege, en de aanpassingen variëren van logistiek (weet X dit al? op welk moment van de dag is dit?) tot proza (mja…) tot structuur (ik ben letterlijk hoofdstukken van plek aan het wisselen. Dat krijg je, met party splits). Maar het wordt super mooi en ik ben er echt heel blij mee.

Ik zit ook weer op het punt dat ik constant liedjes hoor die ik bij het verhaal vind passen en dus op de playlist gooi, dus dat is een teken dat mijn brein er constant mee bezig is. Ik heb geen idee hoe dit gebeurt – ik denk dat dit het fenomeen is dat het menselijk brein patronen zoekt in de wereld om zich heen? – maar het is wel prettig. Zo kan ik lekker viben op de sfeer van het verhaal.

Misschien kan ik op een gegeven moment weer mijn eigen brein hacken dat ik automatisch in de mood van het verhaal kom & mijn plotbrein kan activeren zodra ik de liedjes van de playlist hoor. Dat was op een gegeven moment bij de Lentagon serie SUPER prettig.

In de tussentijd bouw ik lekker verder aan mijn playlist, want waarom niet. In het ergste geval heb ik gave muziek om naar te luisteren als ik schrijf, nietwaar? Hier kan je hem vinden, als je wil.

En, natuurlijk, edit ik hard verder. Want ik wil hem zo mooi mogelijk maken, een waardig vervolg op boek 1. 😀