“Bloed en Scherven”, het vervolg op “Stof en Schitteringen”, is vanaf 28 april 2015 beschikbaar in de (online) winkels.
Wil je hem al een week eerder hebben met de bonus van signering, plaats dan een bestelling bij mij óf kom kijken bij de Zilverbron stand op Elfia Haarzuilens, want daar is hij al in de pre-release verkoop! Tot dan!
Iedereen is bekend met het gevoel van keihard werken om een deadline te halen. Die druk en stress die je hele leven beheerst, dat gevoel van iets moeten, anders red je het niet… dat is een tijdlang allesoverheersend. Iedere keer dat ik in bad zat, of vroeg naar bed ging, of FF13-2 opstartte, voelde ik me schuldig, want ik had eigenlijk moeten redigeren. De afgelopen twee maanden zijn best heftig geweest wat dat betreft.
Maar dat hoeft nu niet meer! Ik kreeg vanmiddag het verlossende mailtje van mijn redactrice/collega Cocky, die vertelde dat ‘Bloed en Scherven’ weggestuurd was voor de zetproef. We zijn klaar! Eindelijk! Straks nog één laatste keer de zetproef doorlezen, de bewoording voor de achterflap bedenken, en dan is hij klaar voor de druk. Het is een lange bevalling geweest, maar het is het zo waard!
En dan nu… is het tijd voor leven ná het schrijven van een boek. Ik denk dat ik een kort verhaal over Timor ga schrijven. En Final Fantasy 13-2. Gewoon, omdat het kan. 😀
Afgelopen zaterdag vond de uitreiking van de Paul Harland Prijs plaats op het eerste Gala Van Het Fantastische Boek, en jongens, wat was het léúk! Na een half uurtje optutten (het is tenslotte een GALA) zakte ik op zaterdagmiddag af naar druilerig Den Bosch. Tot mijn consternatie moest ik eerst een queeste ondernemen om een parkeerplek te vinden en kwam ik om stipt drie uur in mijn jurkje met hoge laarzen binnen zeilen in het Golden Tulip hotel, met rode wangen en ietwat geïrriteerd…. maar dat zakte snel genoeg weg toen ik mijn vrienden gevonden had, bekende gezichten begroet had, en de panels begonnen.
Ik had gekozen om de panels te volgen en niet de workshop, en hoewel ik hoorde dat de workshop van Marcel van Driel toch wel heel nuttig en goed was, heb ik ook veel opgestoken van de interessante panels. Daarna was het direct tijd voor een mass signing, waarbij auteurs hun boeken signeerden en verkochten. Wat was het drúk in de mass signing ruimtes! Natuurlijk alleen maar goed, want zo hadden we de kans om lezers te spreken en boeken te kunnen signeren. De tijd vloog werkelijk voorbij en voor ik het wist zaten we in de gewelven van het hotel aan kleurig verlichte tafeltjes aan de tapas.
Mijn tafelgenoten waren inmiddels flink gespannen, omdat zij zaten te wachten op de uitslag van de Paul Harland Prijs, waaraan ze meegedaan hadden. Ik had die spanning natuurlijk niet, omdat ik er vooral was om hoi te zeggen tegen mensen en mijn vrienden te supporten… en dat geeft toch wel wat rust, hoor! Uitreikingen zijn ze-nuw-slo-pend!
Op weg naar de zaal waar de uitreiking was, werden foto’s genomen op een heuse rode loper. Dat was stiekem ook best spannend, maar ik kan nu wel zeggen dat ik het gedaan heb. (mental note to self: volgende keer kleinere passen nemen) Gaaf hoor! Iedereen zag er zo mooi opgemaakt en aangekleed uit, het geeft toch wel cachet aan het hele gebeuren. Ik was onder de indruk van hoe officiëel maar toch ongedwongen alles aanvoelde.
De show was ook erg leuk! Het duurde lang voordat we bij de uitreiking kwamen (arme deelnemers), maar er werden in de aanloop naar de uitreiking ook wel belangrijke dingen verteld; over de Harland Awards, de plaats van SFF in de Nederlandse boekenmarkt (en hoe we die beter kunnen maken) en de initiatieven die de Stichting Ter Bevordering Van Het Fantastische Boek gaat nemen, klinken super interessant. Ik ben erg benieuwd!
En toen de uitreiking dus. Grappig, want zelfs al had ik geen verhalen in de race, mijn hart klopte toch in mijn keel toen ik die namen over de goud glinsterende slideshow zag flitsen, aftellend naar #1. Erik Heiser won de #1 prijs, supergefeliciteerd! Bij deze wil ik eigenlijk alle winnaars van harte feliciteren – maar ook alle mensen die op die knop hebben gedrukt en een verhaal hebben ingestuurd… want daar heb je ballen voor nodig! Een verhaal afschrijven, polijsten, en insturen… dat is al een prestatie op zich. En zelfs daarmee al, heb je het fantastische genre in Nederland (en België) al bevorderd.
Dus blijf het doen, mensen – laten we de SFF in Nederland naar een hoger niveau tillen. Volgend jaar doe ik met jullie mee! 🙂
Achtergrond: Intelligent, hoog opgeleid (heeft haar universitaire graad en vervolgens het Parsiaanse equivalent van een PHD op haar 25e binnengesleept) en een van de meest veelbelovende magische talenten ter wereld. Tot haar broertje geboren werd, het sterkste talent in de afgelopen driehonderd jaar. Opgegroeid met een oudere zus Mirella, waarmee ze een slechte band had, een jonger broertje Seamon waar ze dol op was, en liefdevolle ouders.
Ondersteunde haar ouders in research en onderzoek in energieversterking, wat eindigde in een tragedie toen het prototype waaraan ze aan het werk waren (de Lentagon genaamd) in bewoond gebied heftig explodeerde. Haar ouders lieten het leven, haar broertje en zus waren niet aanwezig. Sirka zelf raakte zwaar gewond en lag maandenlang in het ziekenhuis. Sindsdien gaat ze gebukt onder een enorm survivor’s guilt. Ruwweg twee jaar na het ongeluk trok ze het niet meer en vertrok naar Mentorn, om daar te wonen en te werken. Ze liet Seamon en Mirella achter en deed haar best om bezoekjes aan Delgado zo veel mogelijk te vermijden, tot ze twee jaar geleden haar broertje herkende op camerabeelden van een misdaad – de Lentagon werd uit een zwaarbewaakte basis gestolen.
Ze zou alles op alles zetten om haar broertje bij de Lentagon weg te houden … en er meteen ook voor te zorgen dat de groepering waarbij Seamon aangesloten was, óók de Lentagon niet zou krijgen, want ze zouden er niet veel goeds mee willen.
Sirka is van nature goedbedoelend en geeft ontzettend veel om haar broertje. Ze is ook impulsief en hoewel ze in noodsituaties vaak een enigszins pragmatische inslag kan houden, lukt dat die ene keer in Kalmstad met haar broertje niet. Ze voelt zich ontzettend schuldig over wat er gebeurd is en neemt de verantwoordelijkheid van de gemaakte fouten compleet op zich. Alleen de prijs die ze daarvoor moet betalen, lijkt haar meer te kosten die haar lief is.
Achtergrond: Seamon werd geboren in een rijke, liefdevolle en getalenteerde familie, als het grootste talent in de afgelopen 300 jaar. Hij overtreft zelfs zijn oudere zus Sirka met een fractie. Hij is heethoofdig, licht ontvlambaar en emotioneel, maar hij heeft een groot hart en maakt gemakkelijk vrienden.
Ten tijde van de Lentagon explosie was hij twaalf jaar oud, net begonnen aan zijn staatsopleiding, en populair op school. De explosie maakte daar een einde aan. Op school werd hij al snel een pariah – zijn ouders hadden tenslotte in hun dood een flink deel van de woonwijk meegenomen en mensen reageerden dat op Seamon af. Ook de verzurende mening ten opzichte van talenten deed hem geen goed; hij werd gepest, genegeerd, en uitgejouwd. Dit maakte dat hij op school niet heel goed meer mee kwam – hij was rebels, boos, en tamelijk onhandelbaar voor iedereen, maar vooral zijn voogd/zus Mirella. Zijn enige echte uitlaatklep was ijshockey en zijn team aldaar, waar hij gewaardeerd werd om zijn vaardigheid in ijshockeyen en zijn talent niet echt een punt was. Hij maakte zijn staatsopleiding af en weigerde verder te studeren. Vervolgens maakte hij via zijn vrienden in het ijshockeyteam een verkeerd soort andere vrienden: een groep radicalen die op wilden komen voor de rechten van talenten, die steeds meer gediscrimineerd werden.
Dit eindigde in de diefstal van de Lentagon vanuit een zwaarbewaakte basis in Serillia, en zijn arrestatie. Hij werd veroordeeld tot gevangenschap totaan zijn meerderjarigheid (op 21 jarige leeftijd). Tot die tijd boeiden ze zijn talenten weg met metaal en kristal, en op zijn 21e verjaardag zou hij meer horen. De twee jaar in de jeugdgevangenis waren een hel en zijn behandeling aldaar (isolatie, mishandelingen), alsmede de boeien, lieten Seamon achter met een flinke PTSD. Hij weet te ontsnappen en gaat op zoek naar zijn zus, maar hoe hij haar zal aantreffen is een tweede.
Achtergrond: Joy is het enige kind van Senator en Pirman partijbons Victor Harting. Haar moeder stierf in een auto ongeluk toen Joy acht jaar oud was, en haar vader wist nooit wat hij met haar aanmoest en benadrukte vooral dat ze hem niet in verlegenheid moest brengen, want hij had werk te doen. Hij was vooral veel afwezig ofwel afkeurend tegenover zijn dochter. Joys thuissituatie is nooit erg liefdevol geweest, dus ze zocht het elders. Bij vrienden, op school, bij vriendjes. Joy is zo iemand die niet alleen kan zijn.
Ze is een feestbeest dat zich de afgelopen paar jaren enorm aan het afzetten is tegen haar vader, half omdat negatieve aandacht ook aandacht is, en half omdat ze echt klaar met hem is. Ze gaat veel uit, is vaak onder de invloed, en zoekt altijd ietwat hedonistisch naar dingen die haar goed doen voelen. Dit gaat uiteraard niet goed en eindigt in een brute ruzie met haar vader, wat haar doet besluiten dat het beter is als ze de aankomende paar maanden – tot haar 21e verjaardag – niet thuis meer is. Ze besluit te liften naar Mentorn, waar een vriend van haar woont.
Joy is niet dom; gewoon naïef, onvoorzichtig, en optimistisch. Ze is van nature sympathiek, loyaal en begrijpend, en probeert altijd het goede in mensen te zien. Ze laat zich een hoop aanleunen omdat ze van nature graag mensen blij maakt. Ze wordt maar zelden boos, alleen als je écht veel te ver gegaan bent. Op het moment dat we haar ontmoeten is ze hierin compleet doorgeslagen, en moet ze haar balans (weer) vinden.
Achtergrond: Valeria is geboren in Costa en hoog getalenteerd, dus is meteen vanuit haar staatsopleiding gerekruteerd door het leger. Omdat ze erg goed is in wat ze doet, is ze vrij snel gepromoveerd tot senior bomontmantelaar, echter dit is waar haar tegendraadse karakter roet in het eten gooide. Tijdens een conflict met een van haar collega’s, ging een ontmanteling fout. Dit betekende de dood voor twee van haar collega’s (waaronder haar vriend van twee jaar, Paulo) en zware verwondingen voor Valeria, die een chronische migraine achterlieten. Haar medisch verlof is inmiddels allang al afgelopen, maar ze is nog niet teruggegaan naar haar werk. Ze is aan het wegrennen voor haar schuldgevoelens over Paulo’s dood en verliest zich in feesten en drugs.
Valeria is een opportunist, een pragmatist, super competent in haar werk en dagelijks leven en ondanks dat ze alles wegwuift en zich nergens druk om lijkt te maken, speelt er onder de radar een heftig gevoelsleven dat ze hard probeert te onderdrukken. Ze leeft in het moment, is sensatiezoekend en wil wanhopig hard nergens over nadenken en gewoon doorrennen. Dat betekent trouwens niet dat ze de controle over zichzelf volledig kwijt is. Ze is zich bewust van haar wentsgrasverslaving en dat ze zichzelf te gronde aan het richten is, maar is tegelijkertijd van nature een echte overlever, die iedere situatie naar haar hand kan draaien. Ze is een aartsleugenaar en weet precies wat ze moet zeggen om mensen te laten doen wat ze wil.
Ondanks dat alles is Valeria nog steeds een people person; ze vindt het fijn om mensen om zich heen te hebben en ze lijkt oprecht warme gevoelens voor Joy te koesteren.
Achtergrond: Romain is net zoals Seamon en Sirka geboren in een rijke, getalenteerde familie. De Jedianen hangen veel status aan talent, dus Romain is vol privileges opgegroeid… totdat twintig jaar geleden de oorlog tussen Parsia en Jediah eindigde met een bombardement op Laetona, waar hij woonde. Hij was op dat moment op een schoolreisje en had prompt geen huis en familie meer om naar terug te keren. Dit heeft zijn sporen op hem achtergelaten.
Romain heeft inmiddels een leven opgebouwd en is nog steeds rijk, getalenteerd en zeker niet vervelend om naar te kijken, maar hij is van nature teruggetrokken en niet dol op mensen. Hij heeft van kinds af aan moeite om zich aan anderen te hechten, omdat hij het gevoel heeft dat hij ze toch kwijt zal raken. Hij is extreem onafhankelijk en leunt niet graag op anderen. Hij is ambitieus en gedreven en is vastbesloten om de wereld een betere plaats te maken, zodat wat hem overkomen is, niemand anders zal overkomen. Op de militaire academie ontmoet hij Timor Farron, die zich niet zomaar weg laat jagen en de twee worden dikke vrienden.
Hij is IT veiligheidsexpert bij het leger, programmeur en hacker, en werkt doorgaans met sattelieten en spionage, maar op het moment dat ‘Bloed & Scherven’ wordt hij door zijn superieuren op een andere missie gezet.
Mocht je denken, goh, wat is het stil bij Kelly…. dat klopt. Ik zit middenin het redactieproces van “Bloed en Scherven” en dat slokt zo’n beetje al mijn vrije tijd op.
Komma’s, punten, grammatica, kleine inconsistenties… het moet allemaal gepolijst worden. Het is zowel frustrerend (hartENlust, serieus? je hebt toch maar één hart?!) als beschamend (wauw, ik heb gisteren toch een trainwreck van een alinea aangepast…), als heel erg opluchtend… want je maakt je verhaal toch beter. Alsof je je huis opgeruimd hebt, en alles ziet er opeens netter uit, zoals het bedoeld is. Opeens neemt je verhaal die final form aan die je altijd al had willen zien, en dat is superfijn.
Over een maand of twee/drie heb ik “Bloed en Scherven” gewoon in mijn handen en kunnen jullie hem lezen. Spannend!!
Het is die tijd van het jaar dat iedereen gaat terugblikken op het afgelopen jaar, en ik doe daar vrolijk aan mee. Dit jaar is dat geen vervelende taak. Jemig mensen, wát een jaar was 2014! Er is zo ontzettend veel gebeurd… en allemaal ook zo kort op elkaar, lijkt wel.
Na een paar maanden keihard redigeren in februari en maart kwam het in april allemaal tegelijk:
Ik kreeg een trofee in mijn handen omdat ik Fantastels 2013 had gewonnen met mijn verhaal “Roze Water” (op deze blog onder de ‘downloads’ link en op fantasywereld.nl te vinden)
Mijn boek “Stof en Schitteringen” werd in dozen aan de deur geleverd
Ik kreeg van uitgeverij Zilverbron prompt een contract voor het vervolg, “Bloed en Scherven” (release: ergens in maart of april 2015)
En daarna was het meteen al tijd voor Elfia Haarzuilens! Drie dagen in de zon collega’s ontmoeten, lezers ontmoeten, en boeken verkopen!
Dit was allemaal in drie weken tijd en ik duizelde ervan, maar het gevoel was fantastisch natuurlijk. Ik was doodsbang dat mensen mijn boek óf niet zouden kopen, of wel – en het dan niet leuk zouden vinden. Maar in beide gevallen ben in ontzettend gerustgesteld. Ik kreeg enthousiaste reacties van lezers op recensiewebsites als Goodreads, Bol.com en Hebban, boekenblogs, maar ook van toch wel belangrijke websites als Fantasyboeken.org en Fantasywereld.nl.
Ik ben naar verschillende events geweest; De Magic Fair, Fantastyval, Castlefest (mijn favoriet!), FACTS en Elfia Arcen – allemaal zulke leuke gezellige dagen waarin ik kletste met mijn collega auteurs bij Zilverbron/Zilverspoor en vooral contact legde met potentiële lezers… en bij de latere events, ook fijne reacties kreeg van mensen die mijn boek inmiddels uithadden!
En tussen alles door heb ik de bèta versie van “Bloed en Scherven” afgeschreven (waaraan we nu ieder moment aan de eindredactie kunnen beginnen) en een begin gemaakt met de alpha versie van prequel boek “Vuur en Vergankelijkheid”, die zeventig jaar voor de gebeurtenissen van het tweeluik speelt.
…en dat alles ook nog eens náást de rest van mijn leven. Wat een feest, mensen! Het was een enerverend jaar, kan ik wel zeggen. Een schitterend jaar. 😉
Nu dan, wat staat er op stapel voor 2015?
de release van “Bloed en Scherven” (en jongens, jongens, wat ben ik benieuwd wat jullie dáár van vinden… dit boek is nog veel meer mijn kindje dan “Stof”; ik ben hier keihard kapot op gegaan. Ik hoop zo dat jullie ervan genieten!)
het afschrijven van “Vuur en Vergankelijkheid” (verhaal zit nu op 50K van Nanowrimo maar alle plotlijnen liggen overhoop en het is een logistieke bende. het wordt een leuke uitdaging om dat allemaal op één lijn te krijgen, maar ik heb er alle vertrouwen in)
en dan misschien… héél misschien… heb ik nog een idee voor een verhaal post-“Bloed”. Dat zou de serie geen tweeluik meer maken maar een trilogie, met “Vuur” als een prequel. Maar ik weet nog niet precies of en hoe ik dat vorm moet gaan geven.
verder: ???? wie weet. 2015 is nog een onbeschreven blad.
Ik wens jullie allemaal fijne feestdagen, een topfeest tijdens nieuwjaar, en het allerbeste voor 2015! Heel veel liefs!
“Hou je van grimmige verhalen met een duister randje? Hou je van heksen die kinderen eten? Dan is Heksenwaan een boek voor jou. Niet alleen is het grimmig, het bevat een humor, is spannend en het boek is een goede combinatie van illustraties en verhaal.”
“Het is niet veel schrijvers gegeven om een klassieke fantasylandschap te combineren met een science fictionwereld. Patrick Brannigan doet dat echter op weergaloze manier: de geloofwaardige wijze waarop de twee in elkaar overschuiven is verbluffend goed gedaan.”
“Vanaf de eerste pagina’s schiet het verhaal in de actie en eigenlijk biedt het de lezer daarna amper een moment rust. Iedere keer als de personages denken een bestemming bereikt te hebben, doet zich een wending voort die hen weer doet opschrikken en de spullen doet pakken.”
“Zeven minuten na middernacht heeft diepgang en zet aan tot denken. Waar Conner bang voor is, is een waarheid die zich traag ontvouwt, de definitie van een monster gaat volledig op zijn kop.”
“Een hoofdpersonage om van te houden, een uitgestrekt magisch landschap, vlijmscherpe humor en een gezonde dosis spanning: met die ingrediënten had Harris al een topper te pakken. Voeg daar een bijzonder soepele pen, een levendige mythologische geschiedenis en originele insteek aan toe en je krijgt een boek van uitzonderlijke klasse.”
Aldus Fantasyboeken.org 🙂
Ik ga zeker ook de andere boeken op de lijst even checken!
Laten we het meteen maar ter tafel gooien: ik ben dol op verhalen die in de ik-vorm geschreven zijn, en ik vind het fijn om ze te schrijven. Ik weet dat niet iedereen het zo ziet; ik heb wel vaker discussies met mensen die het gewoon niet prettig vinden lezen, en dat snap ik.
Verhalen in de ik-vorm limiteren de visie op de wereld, omdat je minder gemakkelijk van perspectief kunt wisselen en je gedwongen bent om te luisteren naar de hoofdpersoon. Kan je je niet vinden in de ‘stem’ van het hoofdpersoon, dan kan je net zo goed het boek wegleggen, want dan ga je je het hele boek lang irriteren. (Mijn man had dit bij ‘Kushiel’s Dart’ van Jacqueline Carey. Hij kon Phèdre’s stem niet hebben en knapte binnen twintig pagina’s af, terwijl ik juist genoot van haar rijke beschrijvingen. Gemiste kans voor hem, zou ik zeggen, want het is een fantastisch boek, maar we dwalen af).
Een van de redenen waarom ik de ‘ik-vorm’ leuk vind om te lezen en te schrijven is omdat je opeens veel dichter bij de hoofdpersoon staat. Het is waanzinnig intiem om een directe connectie met iemand’s directe gedachten te hebben. Ik geniet van die intimiteit, maar ik geniet nog veel meer van het feit dat je kan spelen met het concept onbetrouwbare verteller. Want iedereen kijkt door zijn eigen denkraam naar de werkelijkheid. Iedereen heeft een gekleurde perceptie. Iedereen beïnvloedt zijn eigen wereldbeeld en herinneringen. Ik vind het leuk om te kijken (en te speculeren) hoe ver dit beeld van de hoofdpersoon afligt van de realiteit.
Er zijn verschillende voorbeelden hiervan te benoemen maar misschien is het leuk om hiervoor naar “Stof en Schitteringen” te kijken. Een mooi voorbeeld is Joy en hoe zij Seamon ziet. Vanaf het allereerst moment dat ze hem ziet – verre van nuchter – wordt ze verliefd op hem. Joy heeft flink wat persoonlijke baggage van genegeerd worden en behoefte hebben aan aandacht en liefde, dus ze focust zich ongelofelijk op Seamon. Ze projecteert een beeld op hem van ‘haar mooie jongen’ die hij eigenlijk helemaal niet is. Seamon heeft zijn eigen problemen en trauma’s die hij met zich meesleept en laat zich haar aandacht dankbaar aanleunen, dus dat beeld van perfectie zal hij nooit waarmaken. Maar omdat we in Joy’s hoofd zitten, lijkt het alsof het zo moet zijn, alsof het iets goeds is. Dat is het niet. Die relatie begint op compleet verkeerde voet, en daarna zitten ze aan elkaar vast. Of ze het ook samen op de lange termijn zouden redden is een hele interessante vraag waar ik nog steeds niet over uit ben.
Dat gezegd hebbende, is limited third person point of view ook een manier om de onbetrouwbare verteller toe te passen. George R. R. Martin is hier bijvoorbeeld een meester in; omdat zijn derdepersoon zo gelimiteerd is in de hoofdstukken, kan hij waanzinnig goed spelen met zulke contrasterende perspectieven, ze tegenover elkaar zetten, en de lezer laten kijken wat hij of zij de echte waarheid vindt.
En het allermooiste voorbeeld van de onbetrouwbare verteller die ik ken, is wel het verhaal van Cloud Strife in Final Fantasy 7. Ik ben FF7 nu voor het eerst in veertien jaar aan het herspelen en ik ken het verhaal nu natuurlijk, dus het is nu zo mooi om te ontdekken waar de gaten in zijn verhaal blijken te zitten (en hoe Tifa erop reageert – die de waarheid wel kent, maar aan zichzelf begint te twijfelen)… ik weet nu de waarheid. De game is in de re-play eigenlijk nog leuker dan het voor de eerste keer spelen. Man, wat ben ik aan het genieten!
De onbetrouwbare verteller geeft je de mogelijkheid om te kunnen speculeren over de werkelijke waarheid van het verhaal, terwijl die met een betrouwbare verteller veel meer als een klaar klontje gepresenteerd wordt. En daarbij is de ik-vorm is de meest intense manier van onbetrouwbaar vertellen. Ik vind het dus heerlijk, maar ik kan me voorstellen dat het niet voor iedereen is. Wat vinden jullie?
NaNoWriMo 2014 is in de pocket. Ik heb het voor de dertiende keer (!) gehaald, hoera! Het was dit keer even bikkelen, omdat mijn ‘real life’ constant inbrak op mijn schrijftijd die ik normaal in november zo goed open kan houden… maar ondanks een vakantie in Engeland, een werktrip naar Praag, een paar krankzinnig drukke werkweken en een lichaam dat opeens zei: ‘Kappen nu Kel, je bent jezelf voorbijgelopen’, is het toch gelukt.
Ik heb me bijna de hele tijd aan die 2K per dag kunnen houden en was uiteindelijk dus op dag 23 klaar met NaNoWriMo, hoewel mijn verhaal nog lang niet af is. Ik denk dat ik netaan op 50-60% zit, dus er is nog zat te doen… maar vanaf nu op mijn eigen tempo, met wat minder druk.
Om het te vieren, twee kleine kadootjes:
1) Een sneak preview van mijn personages Nathan Lentan en Dannil Surong – in een conversatie die opeens de bom dropte waarin het thema van het verhaal genoemd werd:
Dannil glimlachte scheef. “Maar ben je ooit wel eens bang geweest dat Parsia jullie écht aan zou vallen?”
Ik dacht even na. “Parsia? Nee. Maar eigenlijk ben ik nooit voor wie dan ook bang geweest.”
“Precies. Daarom doen jullie die kanja in Surral ook; omdat jullie denken dat jullie ermee wegkomen. Omdat jullie toch niet teruggepakt gaan worden.”
“Denken we.”
Dannil haalde zijn schouders op en keek een beetje triest terwijl hij een warme trui in zijn koffer gooide. “Alles is vergankelijk.”
(context: Dannil is Surralisch, de ‘ik’ persoon Nathan is Jediaans, ‘kanja’ is Surralisch voor ‘stront’)
2) Dit is een van de twee liedjes die me inspireerde om vergankelijkheid in dit verhaal een thema te maken:
(context: dit is van dezelfde artiest als “Red Paper Lanterns”. Het is heel lieflijk en melodieus, en in tegenstelling tot het ándere liedje dat me inspireerde – “Ephemeral” van Insomnium – helemaal niet metal. Maak je geen zorgen!)
Gisteravond zijn mijn man en ik naar de Pathé geweest om de film Interstellar in de IMAX te bekijken (hier is een trailer). De nieuwste Christopher Nolan film, en nog SF ook. De trailers zagen er veelbelovend uit, en de naam Nolan zegt tegenwoordig wel een hoop: een rustig verteld verhaal met een mooie opbouw, en waarschijnlijk nog heel goed ook.
Laat me allereerst zeggen dat het een goede film is, zeker een aanrader, Ik ben superblij dat we in een tijd leven dat SF zo mooi en fantastisch in beeld gebracht kan worden en dat iemand als Nolan zo de vrije hand krijgt – en een budget – om een film als deze te realiseren… dat een film als deze mainstream getoond kan worden. Wat dat betreft leven we letterlijk in een gouden tijd voor SF en Fantasy.
De stukken die zich in de ruimte afspeelden vóélden als space (slim gedaan ook, met hoe het geluid soms wegviel als ze in de ruimte waren enzo), de robots waren verrassend snarky en leuk passend in het plot, en het verhaal was episch genoeg. De rol van Matt Damon was trouwens echt fantastisch. De soundtrack mag trouwens ook wel een schouderklopje krijgen, die was superintens en meeslepend. Dat was het goede deel!
Dan nu voor het deel waar ik een beetje gemengde gevoelens over heb: het deel waar het hele plot op gebaseerd is; interstellar travel, het spelen met tijd en ruimte… dat is eerder gedaan. Als de woorden wibbly wobbly timey wimey je wat zeggen, dan weet je waar ik over praat. (Voor degenen die het niet weten: Doctor Who). Het laatste half uur gaf me niet de verassingen die ik gehoopt had, het was niet zo clever als ik gehoopt had dat de film zou zijn. Ofwel ze waren voorspelbaar, ofwel niet voldoende uitgelegd of te vaag en bedekt met de mantel der liefde.
Dus als de film een 9.0 op IMDB krijgt, dan ben ik het daar niet mee eens. Hij was niet zo groundbreaking als Inception, wat ik toch echt een slimmer in elkaar gezet verhaal vond, met minstens zulke mooie visuals.
En misschien komt dat wel omdat ik heel veel SF en Fantasy gezien en gelezen heb. Misschien komt het wel omdat ik een beroepsdeformatie niet meer normaal naar een film kan kijken of een boek kan lezen zonder te zien waar het fout gaat. Maar aan de andere kant betekent dat ook dat wanneer een film of verhaal het voor mij wel goed doet, als ik compleet verrast of overdonderd ben – dan ben ik zo blij. Daar kan ik zo van genieten!
Ik ben niet compleet afgestompt voor fantasy en SF. Ik ben blij dat het bestaat en ik ben dankbaar dat er qua films grote budgetten tegenaan gegooid worden en dat schrijvers als Brandon Sanderson en George R R Martin toegestaan wordt om boeken van meer dan 1000 pagina’s te schrijven. Ik geniet van goede verhalen en kan mezelf helemaal laten meeslepen als het in mijn ogen wél goed gedaan worden. Maar ik heb een baggage als schrijver en als SF/Fantasy liefhebber en misschien ben ik soms wat minder goed te verrassen… vooral wat betreft films, die wat minder lang de tijd hebben om een verhaal te vertellen dan een boek(enserie).
Dus; samengevat als recensie: ik ben blij dat ik Interstellar gezien heb in de IMAX, ik heb het geld er graag voor neergeteld. Het is een leuke film, maar niet Nolan’s beste. Ik ben benieuwd wat jij ervan vond. 🙂